Van rechercheur naar schrijfster

Ze was dyslectisch, maar met wat hulp van haar man werd ze een succesvol schrijfster. De inspiratie haalde ze uit haar werk bij de recherche.

Helen Vreeswijk Beeld Wilco van Dijen

'Haar juffrouw op de basisschool las haar opstellen niet eens. Ze kreeg steevast een 1. Zo ging dat in de tijd', vertelt haar jeugdvriend en latere echtgenoot Rob Vreeswijk.

Helen Vreeswijk - geboren als Helen Resmann - was dyslectisch. Boeken lezen vond ze als kind niet leuk, en schrijven al helemaal niet. Ze hield meer van bomen klimmen en voetballen met de jongens. Haar fantasie kon ze dan de vrije loop laten.

Na de mavo ging ze in het gevangeniswezen werken. 's Avonds deed ze de havo om haar droom te realiseren: een baan bij de politie. Dat ze een bekend schrijfster zou worden, leek even onwaarschijnlijk als dat de jongen die bij gymnastiek het laatst werd gekozen spits zou worden van Ajax.

Na de eeuwwisseling werd Vreeswijk zelfs de bekendste schrijver van jeugdthrillers. Vanaf de verschijning van Loverboys in 2005 waren al haar boeken bestsellers. Samen zijn er bijna een half miljoen van verkocht.

Lang heeft Vreeswijk helaas niet van haar succes kunnen genieten. In 2014 bleek ze uitgezaaide borstkanker te hebben. Niettemin ging ze door met schrijven. In september 2015 verscheen nog Vermist, het eerste deel van een nieuwe avonturenserie, die ze niet heeft kunnen voltooien. Ze overleed op 31 oktober, 55 jaar oud.

Helen groeide op als dochter van een Haagse aannemer. Op haar 15de leerde ze Rob Vreeswijk kennen, een overbuurjongen die als vriend van haar broer naar de ouderlijke woning kwam. Hij was de liefde van haar leven. Ze zouden in 1988 trouwen en twee dochters krijgen. Hij hielp haar taalgevoel te ontwikkelen en met allerlei ezelsbruggetjes en trucjes toch wat op papier te kunnen zetten. Op haar 17de trad ze in dienst bij de Centrale Recherche Informatiedienst (CRI) als beginnend dactyloscoop, vingerafdrukdeskundige. Ze was in die functie betrokken bij de ontvoeringszaken van Toos van der Valk en Gerrit Jan Heijn en de afpersingszaak van de Makro. In 1996 verhuisde ze met haar gezin van de Randstad naar de Betuwe, waar ze bij het Halt-bureau ging werken.

Vier jaar later keerde ze terug bij de recherche. Ze volgde een schrijfcursus en ging zelfs verhalen maken voor de jeugdpagina van het personeelsblad, waarbij haar man hielp met de zinsopbouw. 'De fantasie had ze zelf. Ze wist het alleen niet op papier te krijgen.' In 1998 maakte ze een boekje, Het Circus van mijn opa, dat nooit werd uitgegeven. Maar het liep wel in het oog. In 2001 verscheen bij Manteau, in een oplage van 1.200 exemplaren, haar eerste boek: Het geheim van Brute Han. Maar net als de volgende drie jeugdboeken (Het losgeld, Stuurloos en De bruiden van God) werd het geen succes.

Ze was al van plan de pen neer te leggen toen ze nog een poging waagde. Het werd de jeugdthriller Loverboys. Het boek, voor een groot deel gebaseerd op haar eigen ervaringen bij de recherche, werd een bestseller. Zelf kwam ze erin voor als de assistent-rechercheur Heleen. Rob Vreeswijk: 'Er kwamen enorm veel reacties. Ook van ouders wier dochters het ook hadden meegemaakt en die om advies vroegen'.

In de boeken die volgden, draaide het telkens om jonge personen die met allerlei vormen van criminaliteit in aanraking kwamen: jeugdbendes, stalkers, sektes en drugshandelaren. Ze beschreef de gevolgen van die ervaringen met veel onverwachte wendingen. Hierdoor hield ze de spanningsboog hoog en werden haar veelal dikke boeken echte pageturners.

Het succes maakte het mogelijk in 2010 met haar recherchewerk te stoppen en zich volledig op het schrijven te concentreren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden