Van het gelukkigste stadje van de VS tot middelpunt van extreem-rechts geweld

'Deze golf van haat hoort op de vuilnisbelt'

Een blanke man rijdt in op tegenbetogers: een dode, 19 gewonden. In Charlottesville wilden rechts-extremisten een standbeeld van een voorvechter van slavernij redden. Treft ook Trump blaam voor rechts geweld?

Mensen rouwen op de plek waar de 32-jarige Heather Heyer om het leven kwam doordat James Fields haar aanreed. 19 anderen raakten hier gewond. Foto getty

'Onze stad is vandaag het toneel van haat geworden', constateert een verbijsterde inwoner van het anders zo vreedzame Amerikaanse studentenstadje Charlottesville zaterdag, nadat duizenden demonstranten het centrum van de stad in zijn gemarcheerd. Ze schreeuwen racistische en antisemitische leuzen, sommigen wapperen met een nazivlag en brengen de Hitlergroet. Het komt tot heftige botsingen met tegendemonstranten. Vreedzaam is Charlottesville, Virginia, dan allang niet meer.

'Ik heb hier geen woorden voor, ik kan alleen maar huilen', zegt de 50-jarige verkoper Scott Stroney tegen persbureau Reuters vlak nadat een grijze Dodge Challenger zich met hoge snelheid in de mensenmassa heeft geboord. Een 32-jarige vrouw is op slag dood, 19 anderen raken gewond. De 20-jarige dader uit Ohio, James Alex Fields, is opgepakt op verdenking van moord. Zijn moeder wist niet beter dan dat haar zoon naar een mars voor president Trump zou gaan, zegt ze tegen persbureau AP.

De dodelijke aanrijding is het dieptepunt van de grootste racistische manifestatie 'in decennia' in de Verenigde Staten. In de winkelstraat in het centrum van Charlottesville demonstreren op dat moment honderden mensen tégen de 'mars van eenheid' waartoe blanke nationalisten hebben opgeroepen. De mars trekt aanhangers van de zogeheten alt-right-beweging, de Ku Klux Klan en neonazi's uit het hele land. De ongeregeldheden beginnen al vrijdagavond, als honderden blanke nationalisten met brandende fakkels de universiteitscampus van Charlottesville binnendringen. De demonstranten roepen leuzen als: 'Witte levens doen ertoe'- white lives matter - en: 'Joden zullen ons niet vervangen'.

Extreem-rechtse blanken dringen vrijdag de universiteitscampus van Charlottesville binnen voor een fakkelmars. Foto reuters

'Foute' generaal

De volgende dag geven duizenden extremisten gehoor aan de oproep om te betogen tegen de verwijdering van een standbeeld van de 'foute' generaal Robert E. Lee uit een stadspark. Hiertoe hadden zwarte inwoners van de stad eerder met succes opgeroepen omdat de generaal symbool staat voor het slavernijverleden. Lee was opperbevelhebber van de 'Geconfedereerde Staten van Amerika' tijdens de Amerikaanse burgeroorlog van 1861 tot 1865.

Zaterdagmorgen gaat het meteen mis, als extremisten botsen met tegendemonstranten. De partijen bekogelen elkaar met stenen, water en chemicaliën. 'Jullie zullen ons niet uitwissen', roept de menigte van blanke extremisten. Zelfs de nazi-leus 'Blut und Boden' - blood and soil - klinkt in de doorgaans kalme winkelstraat.

Tegendemonstranten proberen zaterdag een persconferentie van alt-right blogger Jason Kessler te verstoren. Foto getty

Tegenstanders scanderen leuzen als: 'Nazi's, ga naar huis' en: 'Vernietig de blanke superioriteit'.

Op beelden van de rellen is te zien dat de politie aanvankelijk nauwelijks ingrijpt, wat opnieuw pijnlijke vragen oproept over de partijdigheid van de Amerikaanse politie. Critici stellen dat de politie zwarte demonstranten direct uiteen zou hebben geslagen.

Om 11 uur zaterdagochtend kondigt de gouverneur van Virginia de noodtoestand af om te kunnen ingrijpen, wat al snel nodig blijkt wanneer de rechtse extremist Fields zijn auto op de menigte inrijdt. Een paar uur later stort vlak bij Charlottesville een helikopter neer. Twee politieagenten komen om het leven. De toedracht van dat ongeluk wordt onderzocht.

Progressief stadje

Veel inwoners van het overwegend progressieve Charlottesville, dat in 2014 nog werd uitgeroepen tot het gelukkigste stadje van de VS, zijn verbijsterd. 'Deze golf van haat, van fanatiek racisme is hier door buitenstaanders gebracht en hoort thuis op de vuilnisbelt van de geschiedenis', verwoordt een inwoner de collectief beleefde verslagenheid tegen The Atlantic.

Charlottesville is een progressieve enclave in de overwegend Republikeinse staat Virginia. 80 procent stemde hier bij de laatste presidentsverkiezingen op Hillary Clinton. Inwoners voelen zich geïntimideerd door het rechts-extremistisch geweld in hun woonplaats. Vorige maand doken de 'witte puntmutsen' van de racistische beweging Ku Klux Klan ook al op om te protesteren tegen de verwijdering van het standbeeld van Robert E. Lee. 'Mensen zijn boos, bang, gekwetst en in de war', zegt dominee Seth Wispelwey tegen The New York Times. 'Blanke racisten die onze stad onveilig maken, dat is een geweldsdaad.'

In Amerikaanse media woedt een felle discussie over de vraag of het racisme onder de nieuwe president Donald Trump wordt aangewakkerd. De president wordt bekritiseerd omdat hij in zijn reactie extreem-rechts niet bij naam noemt als de veroorzaker van het geweld. Ook binnen zijn eigen partij klinkt verontwaardiging. 'Er is niets vaderlandslievends aan nazi's, de KKK of blanke racisten. Zij zijn het tegenovergestelde van wat Amerika wil zijn', zegt de Republikeinse senator Marco Rubio. Zondagavond meldt het Witte Huis dat Trump in zijn reactie óók de blanke racisten bedoelde. De burgemeester van Charlottesville, Michael Signer, zegt tegen CNN juist dat Trump medeschuldig is aan de rellen omdat hij tijdens zijn campagne al 'extreem-rechts het hof heeft gemaakt'.

De Amerikaanse federale opsporingsdienst FBI begint zondag, samen met de politie van de staat Virginia, een onderzoek naar de rellen in de straten van Charlottesville. Een politiecommandant laat zaterdag op een persconferentie weten dat hij ervan overtuigd is dat het geweld vooraf was gepland.

White supremacists vallen tegendemonstranten aan met stokken en schilden. Foto getty

Symbool van verzet en slavernij

In april van dit jaar besloot de gemeenteraad van Charlottesville dat het bijna acht meter hoge bronzen standbeeld van generaal Robert E. Lee te paard verwijderd moest worden uit het stadspark van. Het Leepark, waar het standbeeld in 1924 werd neergezet als eerbetoon aan de opperbevelhebber van de confederatie van zuidelijke staten van Amerika tijdens de burgeroorlog van 1861 tot 1865, zou worden omgedoopt tot Emancipation Park.

Sinds die beslissing is het stadje het toneel van nationalistische en racistische protestgroepen die het verzet door de zuidelijke staten in herinnering willen houden. Zij zien generaal Lee als de dappere strijder tegen de noordelijke staten, die de slavernij wilden afschaffen en daarmee de lucratieve plantages van hun blanke voorvaderen in het zuiden om zeep hielpen.

Standbeelden en straataanduidingen van 'helden' van de blanke overheersing in het zuiden van Amerika uit de 19de eeuw staan ter discussie sinds de racistische moord op negen zwarte kerkgangers in Charleston in Zuid- Carolina in 2015. Het standbeeld van Lee werd bijna 50 jaar na het einde van de burgeroorlog besteld en in 1924 opgeleverd. Volgens USA Today staan er meer dan duizend monumenten ter ere van de zuidelijke confederatie in 31 staten van de Verenigde Staten.

Meer over