Van echte Amerikanen en terroristenvrienden

Als de telefoon gaat in Amerika, is er soms alleen een bandopname aan de lijn. Meestal waarschuwen ze dat de garantie op je auto afloopt, ook als het niet waar is....

Philippe Remarque

Dat is evenmin waar, althans de suggestie dat Obama een halve terrorist is. Hij was acht toen de bommen afgingen. Hij zat dertig jaar later in een bestuur met de gerehabiliteerde Ayers, samen met Republikeinse notabelen.

De tactiek is tekenend voor de Republikeinse campagne, die terug grijpt op de oude, vertrouwde cultuuroorlog om Obama te verslaan. Richard Nixon ontdekte in de jaren zestig de electorale kracht van culturele argumenten. Hij vocht voor de ‘zwijgende meerderheid’, die zich bedreigd voelde door de zwarte emancipatie, de uitholling van tradities en het Vietnam-protest. Steeds slagen de Republikeinen er sindsdien in die scheidslijn uit te buiten. Hun beleid mag de rijken meer ten goede komen, ze spreken blanke kiezers uit de arbeidersklasse aan met het ‘God, gays and guns’-argument tegen links.

Ook dit jaar zijn er weer de spotjes van wapenlobbyisten die waarschuwen dat Obama je schietwapens gaat afpakken (evenmin waar). De Republikeinen positioneerden Sarah Palin als de kampioen van Nixons ‘zwijgende meerderheid’. Vorige week in North Carolina zei ze dat het beste van Amerika ligt in de kleine stadjes van het ‘echte Amerika’ en de ‘hardwerkende, patriottische, pro-Amerika gebieden van dit grootse land.’

Echte Amerikanen tegenover ‘Vaterlandslose Gesellen’, Obama die ‘niet als wij’ is. Het is beproefd, maar het werkt niet meer. McCains campagne lijkt tot nog toe vooral te lijden onder de gekozen tactiek. Zijn populariteitscijfers zijn gedaald, kiezers geven aan dat ze zijn campagne negatief vinden, twee keer zoveel Republikeinen als vier jaar geleden zeggen dat ze op de Democraat gaan stemmen. Republikeinsgezinde intellectuelen deserteren. Columnist David Brooks noemde Palin ‘een kanker op de partij’, Christopher Hitchens spreekt van een ‘lage, oneerlijke campagne’, en de zoon van de legendarische conservatief William F. Buckley stemt Obama. De klap op de vuurpijl was generaal Colin Powell, die McCains negatieve campagne veroordeelde en het Ayers-argument ‘demagogie’ noemde.

Kiezers vinden de economische crisis op het moment belangrijker dan culturele verschillen. Bovendien is het land diverser en toleranter geworden: in 1970 was 84 procent van de Amerikanen (niet-Latino) blank. Nu is dat 68 procent.

Obama heeft het makkelijk. Zijn stroom aan negatieve tv-spotjes over McCain wordt nauwelijks bekritiseerd, ook al verdraait hij hier en daar diens plannen. En McCains mislukte cultuurstrijd bevestigt alleen maar het centrale punt in zijn politieke denken: dat de decennialange cultuuroorlog uit de jaren zestig nu eens voorbij moet zijn. ‘Wij zijn niet verdeeld in een pro-Amerika- en een anti-Amerika-deel van deze natie’, kon hij maandag in Florida antwoorden. ‘We houden allemaal van dit land, waar we ook wonen en waar we ook vandaan komen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden