Van de VVD mag het altijd harder

DEN HAAG - Neelie Kroes had het heus een keertje geprobeerd: keurig de toegestane maximumsnelheid respecteren op de snelweg. Verbijsterd keek ze om zich heen: 'Dan word je letterlijk door iedereen ingehaald!'

Dat was in 1984. Kroes was nog minister van Verkeer voor de VVD. En de maximumsnelheid was nog 100 kilometer per uur. Maar niet lang meer, als het aan de liberalen lag. De politieke strijd duurde nog vier jaar, maar toen hadden Kroes en haar VVD-collega's Korthals Altes van Justitie en Nijpels van Milieu het toch voor elkaar, met steun van het CDA: de limiet ging naar 120.

Vaak krijgt de VVD anno 2012 het verwijt dat ze te modegevoelig is. Maar op één punt moet dat toch rechtgezet: de hartewens om harder te mogen rijden op de snelweg gaat al vele jaren terug. Sterker: de liberalen spelen steevast de centrale rol in het decennialange debat over de snelheidslimiet. Altijd is het de VVD die wrikt en trekt. De rest van de Kamer ligt dwars of gaat uiteindelijk schoorvoetend akkoord.

Vanaf de invoering van de snelheidslimiet van 100 km/u als gevolg van de oliecrisis in 1973, is er aan die beperking gemorreld. In dat opzicht staat de huidige verkeersminister, Melanie Schultz, in een lange traditie. Zij liet vrijdag via De Telegraaf weten dat van haar de snelheid op de vijfbaansweg tussen Amsterdam en Utrecht omhoog mag naar 130. Aan een concreet wetsvoorstel ontbreekt het nog, maar ze hoopt dat de nieuwgekozen Tweede Kamer er in het najaar meteen werk van maakt.

Zo gaat het meestal. Kroes begon haar strijd via de kranten. In 1987 koos ook Korthals Altes die weg. In De Telegraaf gaf hij toe dat hij met zijn dienstauto wel eens te hard reed. 'Gezagsondermijning van overheidswege!', reageerde de PvdA.

De drie voornaamste argumenten van Kroes en Korthals-Altes: De meeste snelwegen waren nou eenmaal gemáákt voor 120. 100 was sowieso te langzaam, want uit onderzoek bleek dat een groot deel van de weggebruikers als vanzelf stelselmatig te hard reed. 120 sloot volgens het kabinet 'beter aan bij het rechtsgevoel' van de meeste Nederlanders. Vooral het linkerdeel van de Kamer protesteerde heftig: de verkeersveiligheid en het milieu zouden de dupe zijn. De coalitie zette door.

Ook de latere pleidooien om nog sneller te mogen, werden getrokken door VVD'ers. Het liberale Kamerlid Hofstra wilde al in 1999 naar 130. En ook het tienpuntenplan waarmee Geert Wilders in 2004 zijn breuk met de VVD forceerde, drong aan op verhoging van de maximumsnelheid.

Voor haar nieuwste voorstel over de A2 zal Schultz nog heel wat parlementaire weerstand moeten overwinnen. Maar de geschiedenis leert dat geduld loont. In 1908 wilde het kabinet-Heemskerk voor het eerst de snelheid in de bebouwde kom vastleggen, op 15 km/u. De Kamer legde de lat op 10. 'Want dat', wist het Antirevolutionaire Kamerlid Asch van Wijck, 'is de snelheid van een wagen met ezel in draf.' Nog net te overzien. Ging het harder, dan werd het al snel 'een paard in gestrekte draf'. Te gevaarlijk. De Kamer hield het op de ezel. Voor even.

COMMENTAAR pagina 34

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden