Van de straat

Twintig procent van de criminelen zou verantwoordelijk zijn voor tachtig procent van de misdaad. Rotterdam doet een ultieme poging deze veelplegers van de straat te krijgen....

Door Ron Meerhof

'Als het nou mislukt en ze pakken je, dan ga je meteen voor twee jaar naar de stadsgevangenis in Hoogvliet', zegt Carrie Bergsma eind april tegen de kleine, gespierde Antilliaan die tegenover hem zit in kamer acht van de Rotterdamse gevangenis De Schie. 'Dat weet je, h

Ja man, Ronnie weet alles: hij is zeventig kilo pure empathie en goede wil. Hij legt Bergsma nog eens uit waarom dit natuurlijk zijn enige en laatste kans is, dat hij ook helemaal niet anders kan, ga maar na; alles kwijt, de scene wordt steeds harder, de politie trekt alles strakker, van zijn scene in Spangen is helemaal niks meer over, hij is moe van tientallen jaren drugs en zwerven. Nee joh, hij zou wel gek zijn.

Fijn, hartstikke fijn dat hij toch nog een kans krijgt in de Stichting Opvang Verslaafden in Ossendrecht. Hij kijkt Bergsma met trouwe hondenogen aan en bezweert: 'Die kans pak ik met beide handen aan.'

Ronnie's redding is de vrucht van intensieve samenwerking tussen politie, justitie en alle betrokken hulpinstellingen. Bergsma's SOV-Ossendrecht is er daar van. Vijf mensen, onder wie Ronnie, moeten de komende maanden bij hem terecht komen. Eigenlijk zit Ossendrecht vol, maar dat telt niet voor 'de kopgroep': zeventig 'ernstig overlast gevende verslaafden' die de komende maanden worden weggehaald uit de Kop van Spangen, een tiental straten bij het Marconiplein in Rotterdam-West. Ronnie zit in die kopgroep, dus krijgt hij voorrang, zo hebben alle betrokkenen dat afgesproken met 'stadsmarinier' Han de Bruijne, de topambtenaar die overlast door verslaafden moet terugdringen.

De lotgevallen van Ronnie en zijn soortgenoten vormen een interessant sociaal experiment. Een groot deel van deze groep valt in de categorie van de veelbesproken veelplegers; die 20 procent van wie korpschefs zeggen dat ze verantwoordelijk zijn voor 80 procent van de misdaad. Haal ze weg, en de misdaadcijfers zullen ergens in hun vrije val kunnen knipogen naar de tevredenheidscijfers die tegelijkertijd omhoog schieten. Het beruchte Spangen zal veranderen in een stedelijke oase.

De gedachte is verder dat als je de harde kern van de scene opbreekt, dat dan het hele circus eromheen van oompjes en pooiers en dealers en hosselaars op die plaats ook niet veel meer te zoeken heeft.

Of er van die theorieook iets klopt, zal deze zomer duidelijk moeten worden. Traditioneel komt de overlast dan tot een hoogtepunt. Nu zou het rustig moeten blijven. In het najaar wordt dan weer het resultaat bekend van een tevredenheidsonderzoek onder de bewoners van Spangen, in het kader van de halfjaarlijkse 'veiligheidsindex'.

Het experiment met de zeventig verslaafden is zo ongeveer het laatste middel dat de overheid nog rest om deze wijk het vertrouwen terug te geven. Spangen zakte begin jaren tachtig af van een keurige woonstee voor ambtenaren en onderwijzers naar een verzamelplaats van veelal laagopgeleide allochtonen, huisjesmelkers, junks, hoeren en dealers.

Om die ontwikkeling te keren, hebben overheid en woningbouwcorporaties al sinds halverwege de jaren negentig kapitalen geesteerd in de inrichting van de wijk. Met name de buurt rond het Spartastadion ziet er dezer dagen smetteloos uit: opgeruimde straten met bijna statig aandoende gerenoveerde huizenblokken.

Aan allerlei vormen van passieve veiligheid is de grootst mogelijke aandacht besteed. De verlichting bijvoorbeeld. 'Je kunt Spangen vanuit de ruimte zien liggen, zed is die wijk verlicht', poneert stadsmarinier Rien Nagtegaal, die de deelgemeente Delfshaven als werkterrein heeft. De metamorfose van Spangen kostte een paar honderd miljoen euro, maar dan heb je ook wat.

Zou je denken, tenminste. Maar de bewoners zijn het er niet mee eens. Bij de laatste tellingen scoorde Spangen zwaar onvoldoende; een 3,1 op een schaal van een tot tien. Van de ondervraagden betitelde 52 procent de wijk als onveilig. En dus is het tijd om na de 'hardware' ook de 'sofware' van de wijk onder handen te nemen: de junk die buiten de openingstijden van de tippelzone op de Keileweg zit te Chinezen op de wip van het kinderspeelplaatsje, of de tippelhoer die luidkeelsonderhandelt met een late klant terwijl twee meter verder een vader zijn kinderen in kinderzitjes tilt om ze naar school te brengen.

'Terwijl die man zijn deur uitstapte is hij dan al in zijn portiek in een drol gestapt', zegt Nagtegaal. 'Om hgaat het ons nu, niet om die junk die die drol draaide. De overlast die zo'n man ervaart, moet verminderen. We proberen uit te vinden aan welke knoppen we moeten draaien om hem tevredener te maken. We denken dat dit de goede knop is.'

Er staat veel op het spel. Het college van Burgemeester en Wethouders in Rotterdam heeft zijn lot verbonden aan de 'target' om voor eind 2005 tenminste 700 'ernstig overlast gevende verslaafden' tenminste drie maanden van de straat te krijgen. Dat doel is echter al niet meer interessant, zegt Han de Bruijne. Dat is alleen maar een cijfer. 'Dat gaan we ruim op tijd halen, misschien dit jaar al.' De Bruijne werkt inmiddels in de geest van de collegebelofte aan een verderreikend doel, namelijk het werkelijk en voelbaar terugdringen van de drugsgerelateerde overlast.Tweewekelijks zit de stadsmarinier om de tafel met politie, justitie en vertegenwoordigers van instellingen als GGD, de verslavingszorg van DeltaBouman, SOVExperimentOssendrecht, GGZ-Europoort en nog zo wat. Een man of tien zit dan in een zaaltje van het Delfshavense stadskantoor met voor zich de lijsten met de zeventig namen van de leden van de kopgroep. Die lijsten wordt nauwelijks bekeken. De meeste aanwezigen kennen de namen en de bijbehorende historie van veroordelingen, verblijfplaatsen, overtredingen van de APV en andere wederwaardigheden uit hun hoofd. 'Uitgezet.' 'Vorige week een APV-overtreding: tippelen buiten de zone.' Of: zit in de VRA, het IMC, Hoogvliet, Ossendrecht, De Schie, wordt nog steeds vermist, is gezien op Marconiplein. Enzovoort.

Een van Bergsma's klantjes heeft de behandeling van negen maanden in Ossendrecht niet afgemaakt en is naar Tilburg vertrokken. 'Hij heeft er ruim drie maanden gezeten, dus voor het college tellen we hem mee', zegt De Bruijne. En tegen politieman Raymond Slabbekoorn: 'Maar ik ben wel benieuwd of hij nu niet d uit de rails gaat. Zou jij bij de politie in Tilburg naar hem kunnen informeren?'

Twee weken later komt het antwoord: de man is clean, woont bij zijn broer, heeft een vriendin en doet het goed. Zijn urgentiestatus zakt. Hij verdwijnt naar een 'slapende lijst', totdat hij weer in het politiemeldsysteem opduikt.

Tegenover dit succesje staan veel problemen. De Bruijne vraagt naar de gang van zaken rond veelpleger Ollie. Het lastige is dat deze veelpleger het laatste half jaar niet is betrapt op het plegen van enig misdrijf. Daarom zijn er geen drukmiddelen om hem te bewegen naar Ossendrecht te gaan.

Het gaat niet goed met Ollie, dat staat vast. 'Hij stinkt en hij ziet er niet uit', zegt Slabbekoorn. 'Maar daar kunnen we hem moeilijk voor oppakken.'

Bergsma wordt doodmoe van Ollie. Sinds half maart toert hij regelmatig door de scene om hem op te sporen. De veertigjarige Surinamer was zoek, tot er op 23 maart opeens een melding binnenkomt van de Time-Out, een soort eerstelijnsopvang in Schiedam. Bergsma zoekt hem op. Ollie zegt dat hij graag naar Ossendrecht wil. De volgende dag zal hij worden opgehaald. Maar voor het zover is, springt Ollie over een hek en zet het op een rennen.

Bergsma toert weer rond, van de Keileweg langs uitzendbureau Topscore van Nora Storm, terug naar het Marconiplein en naar de Pauluskerk van dominee Visser.Geen Ollie. Een week later loopt hij bij toeval binnen bij het huiskamerproject van DeltaBouman op de 's Gravendijkwal en loopt daar Ollie tegen het lijf. Die loopt al anderhalve week mee in een veegploeg voor verslaafden.

'Had DeltaBouman moeten melden, natuurlijk', zegt Bergsma. 'Maar degene die erover gaat heeft dan die lijsten niet doorgekregen, of heeft niet goed opgelet. En dan is iemand even zoek voor de hulpinstellingen.'

Ollie zegt dat hij nu echt he-le-maal kapot is. Hij heeft dan ook tropenuren gedraaid: overdag vegen en 's nachts scoren. Bergsma spreekt af dat hij weer even naar de Time-Out gaat om bij te komen. Een dokter komt langs om te bepalen hoeveel methadon hij nodig heeft om enigszins te kunnen blijven functioneren. Dan wordt hij vrijdagochtend om half acht opgehaald door de chauffeur van Ossendrecht.

Die ochtend loopt Ollie op het geopende autoportier af, draait zich opeens om en zet het op een lopen, de andere kant op, grofweg richting Keileweg. 'Kreeg-ie weer trek, natuurlijk', zegt Bergsma. 'Slappeling.'

Afkicken in Ossendrecht is een vrijwillige keuze. De praktijk leert dat die keuze moeilijk is, als het alternatief is om nog ntjes, heel even maar, al is het maar een p daagjes, door te 'feesten' zoals veel van deze junks al twintig, soms dertig jaar aan het 'feesten' zijn. De keuze is alweer een stuk makkelijker als het alternatief een kale gevangeniscel is.

Maar bij Ronnie, de Antilliaan uit de Schie-gevangenis, is dat dus niet zo. Hij heeft nog een paar dagen tegoed wegens wildplassen, dat is alles. Toch heeft Bergsma er alle vertrouwen in dat hij wel zal instappen in de auto die hem naar Ossendrecht moet brengen.

Een paar dagen later krijgt Bergsma gelijk. Begin mei stapt Ronnie uit voor de voormalige Wilhelmina-kazerne in de bossen bij Ossendrecht. Als hij het hier drie maanden volhoudt, voldoet het Rotterdamse college aan weer een van zijn verplichtingen. Maakt hij negen maanden vol, dan boekt Ossendrecht weer een succes.Als hij daarna ook nog binnen anderhalf jaar aan een baan en een woning geholpen wordt, dan is redding echt nabij: voor Ronnie, en vooral voor Spangen.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden