Reportage Bijstand

Van bijstandsgerechtigde naar zzp’er, met hulp van de gemeente

Steeds minder Nederlanders hebben bijstand nodig. Met allerlei regelingen proberen gemeenten uitkeringsgerechtigden over te halen ondernemer te worden. Goed voor de bijstandsgerechtigde, én voor de gemeenten, want het scheelt hun in de uitgaven. 

William Klaver wordt binnen de Alkmaarse sociale coöperatie Het Lichtpunt klaargestoomd voor het ondernemerschap. Beeld Raymond Rutting

‘Iemand nog een bakkie koffie?’, vraagt begeleider Jacqueline Boots aan acht startende ondernemers in de bijstand. Langs het Alkmaarse stadskanaal heeft ze samen met de gemeente en de bijstandsgerechtigden een voormalig pand van Rijkswaterstaat omgebouwd tot thuishaven van de sociale coöperatie. Tussen een stoffige stapel multomappen tovert ze een dampende thermoskan tevoorschijn. Boots hoopt de deelnemers warm te maken voor het ondernemerschap, zodat ze uiteindelijk minder afhankelijk zijn van hun uitkering.

Gemeenten in Nederland zijn actiever dan ooit bezig met het thema. Inmiddels is het op 56 plekken mogelijk om een parttime onderneming op te zetten met hulp vanuit de overheid, zocht Trouw eerder uit. Vier jaar geleden kon dat vrijwel nergens. Gemeenten vullen dat op hun eigen manier in: in Utrecht leiden ze een grote groep bijstandsontvangers op tot startende ondernemer. Het college hoopt zo te bezuinigen op het bijstandsbudget doordat een deel van de inkomsten naar de sociale dienst gaat. Maar dat soort regelingen maakt bijstandsgerechtigden in Alkmaar terughoudend, want ze moeten zoveel inleveren dat werkloos in de bijstand zitten vaak aantrekkelijker is dan een onderneming opstarten, merkte de gemeente.

Daarom vloeien de inkomsten van startende ondernemers daar direct naar het budget van de sociale coöperatie. De acht deelnemers behouden hun gehele uitkering gedurende hun deelname. De omzet blijft binnen de coöperatie, die staat ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. Wel houden de starters inzicht in hun boekhouding, waaruit blijkt hoeveel winst ze maken. Dat mogen ze herinvesteren in de hoop uit de bijstand te groeien. Deze constructie voorkomt dat de individuele bijstandsgerechtigden ‘te veel’ verdienen en daardoor toeslagen en kortingen mislopen.

De gemeente schenkt iedere deelnemer een startkapitaal van 500 euro; het eerste doel is een omzet van 600 euro te draaien. Een deel van de inkomsten gaat op aan zaken als huur en elektriciteit voor het pand, het restant steken ze in hun onderneming. De starters delen de vijf ruimtes in het verlaten gebouw: zo zijn de oude kantoren omgebouwd tot muzieklokaal, fietsgarage, radiozaak, therapiekliniek, kookstudio en meubelwerkplaats. Alle starters mogen lenen van de collectieve bankrekening, maar alle deelnemers moeten vooraf instemmen met een nieuwe investering.

De nieuwste aankoop is een boekhoudprogramma, waarmee Yvonne van Riemswijk binnenkort eindelijk haar eerste financiële administratie hoopt te doen. De 54-jarige Van Riemsdijk schrijft, geeft lezingen en adviezen voor jeugdhulpverleners en is politiek actief bij de Alkmaarse fractie voor de Partij voor de Dieren. Een druk leven, maar ze krijgt bijna nooit betaald voor haar diensten. Bij de coöperatie hoopt ze te leren op eigen benen te staan. ‘Voor mijn werk als fractiemedewerker kan ik een kleine vergoeding krijgen, maar uiteindelijk zorgde die voor administratieve rompslomp. Onder aan de streep levert het uiteindelijk niets op. Nu krijg ik in plaats daarvan af en toe een bon van de EkoPlaza als vriendendienst.’ Van Riemswijk is positief over het project, maar tegelijkertijd achterdochtig over de politieke motieven: ‘Dankzij de politiek zitten we hier, maar zij handelen ook uit eigenbelang. Uiteindelijk willen ze natuurlijk dat we uit de uitkering gaan.’

Ramses Kolenbrander (links) wil een bedrijfje beginnen als fietsenmaker, Timothy Stewart wil aan de slag als kok. Beeld Raymond Rutting

Worsteling

Verantwoordelijk wethouder Paul Verbruggen erkent dat de gemeente worstelt met de landelijke wetgeving. ‘Wij willen dat werken loont, maar mogen geen inkomenspolitiek bedrijven als gemeente’, zegt hij. De wethouder beschouwt de ­coöperatie als een experiment. ‘Je zit min of meer gevangen: hoe laat je werken lonen, zonder dat de bijstandsgerechtigden niet meer in aanmerking komen voor allerlei toeslagen’, vraagt Verbruggen zich hardop af. ‘Daar hebben we nog geen antwoord op.’

William Klaver heeft dat antwoord wel paraat: ‘Lef en initiatief tonen’. Hij verliet de Alkmaarse coöperatie binnen enkele maanden en verhuurt zich nu als fietsenbouwer. Daar volgde hij op jonge leeftijd een opleiding voor, maar raakte na enkele jaren in de bijstand. ‘Die bank ben je op een gegeven moment ook wel zat. Ik begon me ervoor te schamen.’ Klaver merkte dat hij het ondernemen al snel onder de knie kreeg. ‘In het begin was het billen knijpen. Allerlei toeslagen en kortingen vielen weg. Soms was het water naar de zee brengen. Maar ik zag ook dat de welvaart vooruit ging in Nederland, ik wilde daar mijn steentje aan bijdragen.’

Daarom koos hij er bewust voor zijn uitkering op te zeggen bij het starten van zijn zaak. ‘En ondernemen en een bijstandsuitkering, dat doe ik uit principe niet.’ Veel gereedschap had de fietsenmaker nog over vanuit zijn studietijd en vaste dienstverband bij een fietsenmaker. Zijn grootste opdrachtgever is hetzelfde bedrijf waar hij als 16-jarige eerder werkte. ‘Dat ze me terugvroegen als zzp’er is een prachtige bevestiging dat ondernemen loont. Als je iets in je hoofd hebt, moet je het gewoon durven.’

Het verhaal van William inspireert een andere fietsenmaker binnen de coöperatie. Op een eikenhouten tafel vol butsen en andere oneffenheden stalt Ramses zijn ventieltjes en kettingkasten uit. Eigen baas worden is zijn doel, vertelt hij terwijl hij zijn gereedschap ordent. De andere helft van het afgedankte kantoor is voor kamergenoot Martin Mörs, die zijn tijdelijke werkplaats heeft ingericht met oude radio- en pick-uptoestellen, opgestapeld tot het systeemplafond. Zijn geïmproviseerde werkbank ligt bezaaid met schroefjes, tangen, schroevendraaiers en ander gereedschap.

Jarenlang verkocht en repareerde Mörs radioapparatuur in zijn eigen winkel, maar zijn zaak ‘overleefde de laatste crisis en het internet niet’. De 62-jarige monteur raakte in de bijstand en wilde zijn reparatieklussen als zzp’er voortzetten, maar kwam er al snel achter dat werken in zijn situatie eerder belastend dan belonend was. ‘Nu draai ik een leuke omzet, zonder dat ik word gekort op mijn bijstand. Dit werkt voor mij bevrijdend’, stelt hij glimlachend vast.

Domstad

Waar Alkmaar kiest voor een coöperatieve en kleinschalige aanpak, richt de gemeente Utrecht zich op een grote groep van tachtig parttime-starters, die in groepen van tien tot dertien in het ‘ondernemershuis’ worden klaargestoomd. Een ander verschil is dat in de Domstad een deel van de verdiensten naar de sociale dienst gaat, zo hoopt de gemeente te bezuinigen op de uitkeringen.

‘We onderzoeken van tevoren of een onderneming levensvatbaar is’, zegt wethouder Linda Voortman. ‘Het zijn parttime-ondernemers, die vanuit hun uitkering iets proberen op te zetten. Tot nu toe bevalt het van beide zijden goed: de bijstandsgerechtigden vinden hun motivatie terug en de gemeente bespaart op het bijstandsbudget. Je kunt niet onbeperkt bijverdienen, dus net als bij andere inkomsten uit loondienst, wordt de uitkering voor een deel verlaagd. Maar het is voor ons al waardevol als mensen parttime uit de bijstand komen. Ze vinden hun passie terug.’

De gemeente onderzoekt niet alleen van te voren of er voldoende marktpotentie is voor de beoogde ondernemingen, maar stelt ook grenzen aan de investeringen van de deelnemers, om langlopende schulden te voorkomen. In de eerste zes maanden zijn 25 procent van de inkomsten uit de bedrijven vrij. Ook trekt de gemeente bijvoorbeeld inkoopkosten af van de gemaakte omzet; waarna ze het resterend inkomen toetst aan de bijstandswet. Het project is twee jaar geleden gestart, maar het Utrechtse college heeft geen cijfers van hoeveel deelnemers inmiddels onafhankelijk van de bijstand zijn.

De 62-jarige Ad van der Sluiszen startte begin dit jaar met het traject. Hij heeft zijn eigen onderneming, waar hij zo’n twintig uur per week insteekt. De Utrechter is ‘professional organizer’ en helpt mensen om overzicht te creëren. ‘Dat kan ondersteuning zijn bij persoonlijke financiën, maar ook hulp bij verhuizen of opruimen. Tevens ben ik kluscoach’, zegt Van der ­Sluiszen. Voor hij in de bijstand raakte, werkte de Utrechter ruim 35 jaar in loondienst, als milieucoördinator bij de Universiteit Wageningen en Rijkswaterstaat.

Tijdens de financiële crisis raakte hij zijn baan kwijt en zijn gezondheid ging achteruit. ‘Na jaren zonder succes te solliciteren als vijftiger, besloot ik het over een andere boeg te gooien’, zegt Van der Sluiszen. ‘Ondernemer zijn is totaal iets anders dan in vaste dienst. Vroeger was ik gewend in een team te werken, dat valt nu allemaal weg.’ Via het project leert hij hoe het is om een netwerk op te bouwen, de markt in te schatten en verdienmodellen te ontdekken. Door zijn inkomsten bespaart de gemeente op zijn uitkering. ‘Zo kun je het zien, maar ik draai het om: de wet gaat er vanuit dat je werkt als er onvoldoende binnenkomt, vult de overheid dat bij. Ik probeer het positief te zien.’

Wat helpt is dat Van der Sluiszen jarenlang een vast inkomen ontving en daardoor een buffer heeft opgebouwd. ‘Andere mensen in de bijstand kunnen het benauwder krijgen en meer druk voelen. Ik hoor van collega-ondernemers wel eens dat hun netto-uitkering iets achteruitgaat, maar dat de gestegen eigenwaarde uiteindelijk belangrijker is. We hopen op termijn allemaal voldoende inkomsten te verdienen om zelfstandig uit de bijstand te groeien.’

Meer lezen


Nederland telt minder bijstandsontvangers: ‘De bijstand reageert als een olietanker op economie’
Het aantal bijstandsgerechtigden daalt: voor het zesde kwartaal op rij ontvangen minder personen in Nederland een bijstandsuitkering. Eind juni telden onderzoekers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) 426 duizend personen tot de AOW-leeftijd in de bijstand. Dat zijn er ruim 20 duizend minder dan vorig jaar.

Twee steden, twee wethouders, twee visies op bijstand en armoede
Twee wethouders, beiden belast met uitkeringsbeleid. Maar de collega’s hebben compleet verschillende visies. De een is van de Amsterdamse SP, de ander van Leefbaar Rotterdam. Als ze praten over hun vak wordt het subiet een twistgesprek.

Een eigen onderneming: valkuilen en tips
Lukt het maar niet om je droombaan te vinden? Misschien is een eigen onderneming starten dan wel de oplossing voor jou. Belangrijk is wel dat je de valkuilen en kansen goed inziet, voordat je de grote stap gaat nemen.

Als het opjagen van bijstandsgerechtigden met zoveel haast en slordigheid gepaard gaat, kunnen we er beter helemaal mee stoppen
Zo’n 800 werklozen uit de gemeente Tilburg moesten tussen 2005 en 2011 op een werkplaats van de NS oude treinstellen schuren in ruil voor hun bijstandsuitkering. Normaal betaald werk vinden konden ze niet, daarom hadden ze ook een bijstandsuitkering, maar volgens de nieuwste mode op het Haagse Binnenhof aan het begin van deze eeuw was het ‘júíst goed’ als ze hun huis werden uitgejaagd om ‘iets nuttigs’ te doen. Dit alles in het kader van de ‘sociale activering’, schrijft Sheila Sitalsing

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden