Van Aleksej naar Alexander is maar één werst Rascha Peper overbrugt de jaren 1918 - 1995

Je hoeft geen veellezer te zijn om namen en details die in het eerste hoofdstuk van een roman worden genoemd, per definitie als significant aan te merken....

ARJAN PETERS

De werkloze historicus Lex Grol (29) past op een villa met antiek zwembad in de tuin, het eigendom van een bevriende familie. Achter het huis is men doende een geluidswal op te werpen. Onverwacht belt de oude hoogleraar Schürkenbrett op, met de vraag of Lex een studie wil schrijven over de moord op de laatste Russische tsaar Nicolaas II en diens gezin, gepleegd door de Rode Garde in juli 1918. Een fascinerend onderwerp, om niet te zeggen obsessioneel, want Lex is kind van een Russin en hemofilie-patiënt. Hij heeft zich altijd verbonden geweten met Aleksej, als enige zoontje van de tsaar diens beoogde opvolger, die aan dezelfde aandoening leed.

Kort samengevat is dit het vertrekpunt van Russisch blauw. Ook een ongeoefende lezer noteert: historicus, zwembad, geluidswal, Schürkenbrett, tsaar, zoontje, hemofilie.

Een bevreemdend element is die professor. Volgens de schrijfster heeft hij priemende ogen en een slissend lachje, maar vooral zijn naam is verdacht schurkachtig. Er is geen lezer die niet onmiddellijk een bel hoort: W.F. Hermans, Nooit meer slapen, over die jonge geoloog Alfred Issendorf en zijn onbetrouwbare hoogleraar genaamd Nummedal (zo goed als 'niemendal'). Vraag aan Peper: waarom zou die Schürkenbrett die eervolle opdracht aan een werkloze oud-leerling geven?

Lex vertoont niet de trekken van een academicus, die immers als de bliksem naar universiteitsbibliotheken was gegaan, kenners had geconsulteerd en studiereizen had gepland. Hij blijft als verlamd achter die met de dag groeiende geluidswal zitten, trekt baantjes in het vervallen bassin, wegdromend over de tsaristische familie Romanov.

Hierna komt Rascha Peper in het geheel niet terug op de hoogleraar, wat hem nog eigenaardiger maakt. Hij hoort toch te informeren naar de vorderingen van Grol's onderzoek. Ik vrees dat door deze omissie de bodem uit deze roman valt.

Peper concentreert zich op de jonge man, die zich in rap tempo verliest in zijn verhitte fantasieën. Volgens een publikatie die hij onder ogen krijgt, zouden twee lijken van de Romanovs later niet zijn teruggevonden. Stel nu dat tsarevitsj Aleksej (één van de vermisten) niet was gedood maar slechts verwond, en dat een soldaat hem toevallig heeft gered en meegenomen, en dat hij onder een andere naam verder leefde en in een strafkamp is gestorven, en dat de Russische ma van Lex (Alexander) zonder het te weten een dochter is van. . .

Aan kansberekening doet Lex Grol niet, anders had hij zich niet zo kunnen laten meeslepen. Een enigermate wetenschappelijke instelling is hem vreemd. En dan is daar ook nog die ongeloofwaardige hoogleraar.

Ik begrijp dat Rascha Peper dit alles verdoezelt ten gunste van de kern van haar verhaal - de enerverende identificatie tussen de 'bloedbloeders' Lex en Aleksej, waardoor de afstand Rusland 1918-Nederland 1995 maar een werst lijkt - maar dat wijst op een grove onderschatting van de lezer. De presupposities van deze roman zijn allerminst waterdicht. Russisch blauw is een ondeugdelijk werkstuk.

Het lag niet in de lijn der verwachting dat Rascha Peper zich ernstig zou vergalopperen. In Rico's vleugels (1993) - haar laatste, beste, boek - kolkt de ontregelende passie tenslotte over de bladzijden, onhoudbaar als de zee bij vloed. Daarbij vergeleken is Russisch blauw een pierenbadje. De schaamte gebiedt me zelfs te zwijgen over het slotbeeld dat in een kleffe driestuiversroman niet zou misstaan. Vooruit, één woordje dan waar de in braafheid gesmoorde hartstocht van af druipt: 'schoolslag.'

Wat is er met Peper gebeurd, dat ze in twee jaar van een schrijfster in een schooljuffrouw is veranderd? De geluidswal die Lex zichtbaar van de wereld buiten afsluit, totdat hij alleen is met de romantiserende stemmen in zijn binnenste, dat 'was toch ook een teken', staat er op bladzijde 218. 'Net als zijn voorvaderen zat hij hier afgesloten van de straat, het verkeer, de voorbijgangers. Aan Aleksej's leven, dat wil zeggen zijn leven als troonopvolger, was een eind gekomen achter een hoog opgerichte schutting. Van achter een ander soort schutting, ook pas opgericht, zette hij dat leven nu voort.'

Van zoveel verklaringsdrang zakt je de broek af. Denkt Peper dat haar publiek uit kleuters bestaat, die op bladzij 8 niets bevroeden als het gaat over de aanleg van die geluidswerende wal, en die zich maar liefst 210 bladzijden verder onder het slaken van de kreet 'Aha' of 'Te droes' voor het hoofd slaan?

Moeder Grol is naar Praag geweest, en heeft een souvenir voor haar zoon meegebracht. '(. . .) ik dacht: iets van vroeger, iets moois. . . zoiets wat je nu niet meer ziet, daar hou jij altijd nogal van.' Hij lachte, gaf haar een kus en legde het prentje op het dashboard. Toen startte hij de auto en zette de ruitewissers aan. Iets van vroeger, iets moois, zoiets wat je nu niet meer ziet, daar hou ik altijd nogal van, dacht hij. Zo is het.' Natuurlijk verwijlt hij in gedachten bij de tsarevitsj, van wie hij zich verbeeldt een kleinzoon te zijn (de enige afstammeling!). Dat bedenk je je, nog glimlachend, als je moeders tekst leest. Maar dat Lex dat citaat woordelijk overdoet, om met een veelbetekenend 'Zo is dat' vet naar de lezertjes te knipogen, is onverdraaglijk.

Het verleden, de geschiedenis is geen encyclopedie van eenduidige feiten maar een eindeloze verhalenbundel, zo hebben diverse auteurs van historische romans de laatste jaren weer aangetoond. Speculeren over die geschiedenis in de vorm van fictie kan enerverende resultaten opleveren. De gevangenneming van de familie Romanov (plus een deel van hun gevolg) en hun laatste tijd in Jekaterinenburg in de Oeral lenen zich uitstekend voor een spannend verhaal anno 1995, nu de kruitdampen van het communistisch geweld zijn verwaaid. Een jonge historicus als Grol, afkomstig uit een communistisch milieu en om bijzondere redenen geïnteresseerd in de Romanovs, is een uitgelezen protagonist.

Dit heeft Rascha Peper tevoren overdacht. Ze had haar puzzel klaar toen ze met schrijven begon. De stukjes die ze in het begin prijsgeeft, maken aan het eind deel uit van een keurig patroon (het daarin ontbrekende stukje Schürkenbrett worden we geacht vergeten te zijn). Met illusie en avontuur, de worsten die elke lezer van fictie hoopt voorgehouden te krijgen, heeft dit fletse breiwerkje niets te maken. Eén foto van de Romanovs bevat meer geheimenis dan de roman Russisch blauw.

Rascha Peper: Russisch blauw. Veen, ¿ 34,90.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden