'Van Agt informeerde Kamer fout over treinkaping'

Toenmalig minister van Justitie Dries van Agt heeft de Tweede Kamer in 1977 feitelijk onjuist geïnformeerd over de beëindiging van de gijzeling door Molukkers van treinpassagiers bij De Punt. De vraag is echter of hij dat bewust heeft gedaan. Dat zei minister van Veiligheid en Justitie Ard van der Steur vandaag in de Tweede Kamer.

Molukkers lopen richting het Drentse De Punt voor de herdenking van de zes Molukse treinkapers die in 1977 de dood vonden.Beeld anp

Het is bijna 38 jaar geleden, maar nu geeft het kabinet toe: Dries van Agt heeft de Tweede Kamer in 1977 verkeerd geïnformeerd over de beëindiging van de treinkaping bij De Punt. Daarbij werden twee van de 51 gegijzelde passagiers gedood en zes van de negen treinkapers.

Van Agt, toen demissionair minister van Justitie, verklaarde destijds stellig in de Kamer dat militairen bij de bevrijding van de gegijzelde treinpassagiers niet op ongewapende Molukse treinkapers hadden geschoten.

Dat klopt niet, blijkt uit onderzoek dat het huidige kabinet heeft laten doen. Mariniers hebben minstens één, mogelijk drie ongewapende kapers in de trein doodgeschoten.

Donderdag debatteerde de Kamer over het onderzoek met de verre opvolger van Van Agt, Ard van der Steur (VVD) en met minister van Defensie Jeanine Hennis (VVD). Uit dat onderzoek bleek dat alles wat het kabinet bij monde van Van Agt twee weken na beëindiging van de kaping op 11 juni 1977 heeft verklaard, klopt.

Op die ene mededeling over de ongewapende, gedode kapers na. Bij de presentatie van het rapport wilde de voorganger van Vander Steur, Ivo Opstelten daaraan niet al te veel woorden vuil maken.

De fout van Van Agt stond ook verstopt in het persbericht dat het onderzoek begeleidde. Nu erkent Van der Steur echter voluit dat Van Agt de Kamer onjuist heeft geïnformeerd - een politieke doodzonde. 'Maar of hij dat bewust of onbewust heeft gedaan, weten we niet', zei de huidige minister van Justitie over een van zijn voorgangers. 'We weten namelijk niet of hij het toen al bestaande document kende waarin stond dat ongewapende gijzelnemers zijn gedood.'

Van Agt zelf zei daarover in de Volkskrant: 'Wat ik toen in de Tweede Kamer heb gezegd, was de waarheid waarover ik toen beschikte.' De oud-bewindsman en voormalig premier zei eind 2013 zich weinig te herinneren van de beëindiging van de kaping en de daaropvolgende periode. 'Het is ruim 36 jaar geleden en ik ben al 82. Deze twee zaken samen maken mijn geheugen lacuneus.'

Premier Van Agt in 2007 bij een foto van hem uit 1977.Beeld anp

Lees ook: 'De terroristen mochten geen vrije aftocht krijgen'

Als eerste kon de Volkskrant de geheime ministerraadsnotulen over de gijzelingen inzien. Verslag van de aanloop naar een fataal slot.

Geen nieuw onderzoek

'Bewust of onbewust doet niet ter zake', reageerde SP-Kamerlid Harry van Bommel, met instemming van PvdA'er Jeroen Recourt. 'Van Agt had dat niet mogen zeggen en heeft het publieke debat over de beëindiging van de kaping op het verkeerde spoor gezet.' Recourt: 'De overheid heeft de eigen rol niet zuiver weergeven.'

De naar later bleek onjuiste weergave van Van Agt is volgens Van Bommel 'de kern'. Het doden van ongewapende kapers draagt sporen van een executie. Het onderzoek waarover het debat ging was juist ingegeven door de vraag of de zes (van de negen) gijzelnemers die zijn gedood, doelbewust zijn neergeschoten of in de chaos zijn omgekomen.

Op de minuut nauwkeurig staat in het rapport wat er in de trein is gebeurd. Minstens één kaper, de enige vrouw, Hansina Uktolseja, is door een marinier in de trein doodgeschoten terwijl zij op de grond lag, zich niet verzette en er geen wapen in haar buurt te vinden was.

Wat het kabinet betreft is dat niet te kwalificeren als executie, want dat is de uitvoering van een vooropgezet plan. Er bestaat geen uitgeschreven opdracht de kapers hoe dan ook te doden. De instructie was 'het uitschakelen van gijzelnemers'. Dat ze allemaal zouden worden gedood 'was door het bevoegd gezag voorzien en aanvaard'.

'Veel respect'

De advocaat van de Molukse nabestaanden, Liesbeth Zegveld, kwalificeert de dood van de kapers wel als executie. Het is onduidelijk of zij een rechtszaak hierover begint.

Opmerkelijk was dat Van der Steur met begrip sprak over de kapers die hij afschilderde als jonge, idealisten die een verkeerde keuze maakten en een trein en tegelijkertijd een basisschool gijzelden. De minister heeft 'veel respect voor de nabestaanden van de gijzelnemers'. Zowel bij hen als bij de nabestaanden van de gegijzelden heeft de treinkaping en de gewelddadige beëindiging ervan 'diepe sporen nagelaten', zei Van der Steur.

De Molukkers wilden met de kaping afdwingen dat Nederland zich zou inzetten voor een zelfstandige Molukse staat. De gijzeling werd na drie weken beëindigd door precisieschutters, mariniers en straaljagers. De Molukse gemeenschap wil nader onderzoek naar wat Van der Steur een 'ramp' noemt. De minister ziet daar niets in, maar is wel bereid in contact te treden met de Molukse gemeenschap, als die daar behoefte aan heeft - 'nogal wiedes, zou ik zeggen'.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden