Van Aartsen verzint een list

Het potsierlijke diplomatieke relletje tussen België en Nederland werd even snel afgelegd als het opkwam. Toch roerde minister De Gucht een kwestie aan die onherroepelijk op de vaderlandse politieke agenda zal belanden: Balkenendes geschiktheid voor zijn ambt....

H. J. Schoo

De economie moet groeizamer, de regellast omlaag, het kennisniveau omhoog, de sociale zekerheid minder voluptueus. Zo niet, dan raakt Nederland achterop in de mondiale concurrentiestrijd en daalt ons welvaartsniveau. Allemaal juist, maar de Nederlandse kiezer stribbelt tegen, zo blijkt telkens weer. Zo'n driekwart van de bevolking verschanst zich mentaal achter de oude zekerheden van de verzorgingsstaat en is onwillig die in te ruilen voor de belofte van rijke vruchten van een dynamischer economie. De hakken staan in het zand.

Balkenende boezemt weinig vertrouwen in en inspireert het land niet tot andere gedachten. Hij bindt alleen zijn eigen achterban, is de premier van het CDA, niet van 'alle Nederlanders'. Dat de economie blijft sukkelen, helpt natuurlijk niet om zijn missie ingang te doen vinden. Noodzakelijk beleid dreigt zo te verpieteren door zwakke economische prestaties en een ondermaatse presentatie .

De peilingen beloven ook weinig goeds voor de coalitie. Als de conjunctuur niet tijdig aantrekt, blijft de verhoopte oogsttijd uit en gaan de kiezers in 2007 over tot een strafexpeditie. Gegeven de nuttige hervormingsarbeid van het kabinet is dat vast kortzichtig en onbillijk, maar het is nu eenmaal geen gebruik om zulke prestaties electoraal te belonen. Ook Wim Kok daalde dramatisch in de kiezersgunst na de door hem verdedigde WAO-ingreep.

De verkiezingen zijn nog ver weg, maar binnen de coalitie zijn toch al tekenen van nervositeit te ontwaren. Hoe anders de wonderlijke geste te duiden van VVDaanvoerder Van Aartsen om Hans Wiegel, de laatste overlevende van de jaren zeventig, als kandidaat-premier naar voren te schuiven? Die suggestie is het sluitstuk van een bredere gedachtegang. Te zijner tijd moet de coalitie de kiezers en bloc tegemoet treden en het regeringsbeleid tot inzet van de verkiezingen maken. Dat schept duidelijkheid. De kiezers weten waar zij aan toe zijn en kunnen in één moeite door de nieuwe premier aanwijzen. Ook ontstaat zo uitzicht op een heilzame tweedeling in de politiek. Structureel komt dan een centrumrechts blok tegenover de linkse partijen te staan.

Met deze plannenmakerij beoogt Van Aartsen natuurlijk ook de PvdA buitenspel te zetten. Blokvorming moet het CDA beletten na de verkiezingen een coalitie met de PvdA aan te gaan. Bovendien wordt de sociaal-democraten

een 'volksfront' opgedrongen met GroenLinks en de niet alom als regeringsbekwaam beschouwde Socialistische Partij. Ongetwijfeld rekent Van Aartsen erop dat zo'n links front de PvdA voor centrumkiezers minder aantrekkelijk maakt.

Maar het snode plan is toch vooral een motie van wantrouwen tegen Balkenende. Domweg komt het erop neer dat Van Aartsen de premier in 2007 wil vervangen. Kennelijk vindt hij de CDA-voorman een onaantrekkelijke kandidaat-premier en een blok aan het been van de coalitiepartijen. Met Balkenende als boegbeeld van het centrumrechtse blok is de coalitie gedoemd .

Geen speld tussen te krijgen. Maar het is ook een typisch geval van de pot die de ketel verwijt datie zwart ziet. Ook de VVD kampt met een leiderschapsprobleem, misschien zelfs wel meer dan het CDA. Veelzeggend is dat Van Aartsen kennelijk geen fiducie heeft in zichzelf als kandidaatpremier. Anders hoefde hij het antieke verkiezingskanon Wiegel niet van de rommelzolder te halen om over twee jaar de strijd met Wouter Bos te kunnen aanbinden.

De kans is nul dat het CDA ingaat op Van Aartsens plannen en zo meewerkt om van de VVD de grootste coalitiepartij te maken. Oudergewoonte zullen de christen-democraten alle opties openhouden, inclusief de mogelijkheid na de verkiezingen een coalitie met de PvdA te vormen. Ook in die zin staat het CDA er beter voor dan de VVD, die geen Paars III wil en derhalve een centrumrechts blok nodig heeft om te kunnen blijven regeren.

Als het CDA ook vindt dat er een 'probleem-Balkenende' is, zal het dit zelf moeten oplossen.

Maar in geen enkel scenario is Wiegel een plausibele kandidaatpremier. Hij heeft zijn tijd gehad en is bovendien een onbuigzaam tegenstander van de staatkundige vernieuwingen die de VVD net heeft omarmd. Op ander vlak vertoont hij juist weer grote 'volatiliteit' - om een woord van De Gucht te lenen. Bereid om premier te worden 'onder' Fortuyn, maar evenzogoed quasi-minzaam criticus van partijgenote Ayaan Hirsi Ali en verdediger van een achterhaalde opvatting van de multiculturele samenleving.

Met zo'n kandidaat-premier weten kiezers dus zeker niet waar ze aan toe zijn. Om Balkenende te dumpen en de geloofwaardigheid van de VVD te bewaren, zal Van Aartsen een betere list moeten verzinnen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden