Vals spelen was eenvoudig in Jamaica

Het is onthutsend dat sprinters als Bolt voor de Spelen nauwelijks buiten competitie werden getest op doping. Hoewel er ook bij wedstrijden controles waren, roept dit vragen op over recente successen.

De cijfers zijn onthutsend voor een eiland met de beste sprinters ter wereld. In de aanloop naar de Olympische Spelen van Londen, waar Jamaicanen vorig jaar acht van de twaalf olympische sprintmedailles opeisten, werden ze maandenlang niet of nauwelijks gecontroleerd door de nationale antidopinginstantie Jadco.


Bij wedstrijden in januari, februari, maart, april en juli: nul dopingcontroles. In mei 15, in juni 81. En buiten competitie? Nul controles in januari, maart, mei, juni en juli. In februari tien, in april eentje.


Hebben Usain Bolt en de andere Jamaicaanse topsprinters uit Jamaica niets te vrezen van Jamaicaanse dopingcontroleurs? Staat het ze vrij om verboden middelen te gebruiken? Renée Anne Shirley, de ervaren sportbestuurder die zeven maanden leiding gaf aan Jadco, vreesde zulke vragen toen ze de gebrekkige testresultaten bij haar aantreden in juli 2012 ontdekte.


Ze schreef twee maanden geleden, een half jaar na haar (gedwongen) vertrek, een gedetailleerde brandbrief aan het Amerikaanse tijdschrift Sports Illustrated. Daarin onthulde ze hoe weinig Jamaica deed om misstappen van de sprinters te voorkomen.


De brief heeft ertoe geleid dat het wereldantidopingagentschap WADA een onderzoek instelt naar nalatigheid van de Jamaicaanse dopingjagers. 'Er was een periode van misschien vijf tot zes maanden aan het begin van 2012 waarin er niet gewerkt werd. Daar zijn we natuurlijk bezorgd over', zei WADA-directeur David Howman tegen persbureau AP.


Shirley was vanaf 2003 als adviseur van de Jamaicaanse minister van sport betrokken bij de oprichting van het Jamaicaanse antidopingprogramma. In 2008 werd Jadco opgericht. Vorige zomer werd ze kort voor de Olympisch Spelen van Londen benoemd tot directeur.


In de brandbrief schreef zij wat ze aantrof. Verouderde testmaterialen en een gebrek aan personeel om dopingtests uit te voeren. Geen whereaboutsinformatie om out-of-competitiontests mogelijk te maken. Slechts één voltijds dopingcontroleur. Een medisch comité dat nooit was samengekomen om te toetsen welke medicijnen atleten mochten gebruiken. Geen boekhouder. Geen maandelijkse financiële verantwoording over de vijf jaren dat Jadco had bestaan. Achterstallige betalingen.


Shirley probeerde in Jamaica gehoor te vinden. Ze wees de autoriteiten op de hardnekkige geruchten over doping. Victor Conte, de kwade genius achter het Amerikaanse Balco- dopingschandaal, heeft vaak beweerd dat zijn kennis in Jamaica is terechtgekomen. Het gebrek aan controles zou de vele sprintmedailles sinds 2008 mogelijk hebben gemaakt.


Shirley vond geen gehoor. Maar enkele maanden na haar vertrek bij Jadco bleek dat ze zich terecht zorgen maakte. Zes Jamaicaanse atleten testten dit voorjaar positief, onder wie de olympisch sprintkampioenen Asafa Powell, Veronica Campbell-Brown en Sherone Simpson. 'Deze ramp, waarvan ik hoopte dat hij Jamaica bespaard zou blijven, heeft ons als een orkaan getroffen, zoals ik vreesde', zei Shirley in Sports Illustrated.


Het gebrek aan tests op Jamaica betekent niet dat de beste Jamaicaanse sprinters helemaal niet op doping zijn gecontroleerd. De internationale atletiekfederatie IAAF deed vorig jaar 126 tests, waarmee Jamaica het op vier na meest gecontroleerde land was.


Volgens de IAAF werd Bolt, die nooit betrapt is op doping, meer dan twaalf keer getest. Vooral in de maand voor de Spelen, tijdens een trainingskamp van de Jamaicanen in het Britse Birmingham, zijn out-of-competitiontests uitgevoerd.


Ook tijdens de Spelen zijn de Jamaicaanse topsprinters meermaals getest, aangezien de beste vijf van elk evenement werden gecontroleerd. Bolt en Shelly-Ann Fraser-Pryce, de snelste vrouw ter wereld, deden allebei aan drie onderdelen mee. Fraser-Pryce zei tegen AP dat ze dit jaar 'meer dan achttien' keer is gecontroleerd. Hoe vaak dat vorig jaar gebeurde, vermeldde ze niet.


Ondanks die controles heeft Shirley een open zenuw geraakt op Jamaica, waar lang werd volgehouden dat doping tegen de volksaard indruiste. Ze is een 'judas' genoemd door Herb Elliott, de voorzitter van Jadco die in België tot arts is opgeleid. Hij was bij de Spelen van 2008 de ploegarts van de succesvolle Jamaicanen. Volgens hem zijn er meer controles gedaan dan Shirley beweert.


Of het WADA-onderzoek leidt tot sancties tegen Jadco of Jamaicaanse atleten valt te betwijfelen. Wel heeft de brief van Shirley duidelijk gemaakt dat het op Jamaica niet al te moeilijk is geweest om vals te spelen. Vooral in de maanden zonder competitie, waarin een dopingregime sprinters kon helpen zwaardere trainingen af te werken en sneller te herstellen.


Jamaica heeft bewezen dat een klein eiland niet hoeft onder te doen voor grote atletieklanden. Maar het is steeds minder duidelijk of de sprinters de foute methoden van hun Amerikaanse en Russische voorgangers hebben afgezworen, of hebben verfijnd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden