Vakbeweging bezondigt zich aan historische blasfemie

Wekelijks op VKGeschiedenis.nl: een column van Volkskrantredacteuren over het verleden. Vandaag Arie Elshout over het oneigenlijke gebruik van de term 'verloren generatie'.

Arie Elshout

Wekelijks op VKGeschiedenis.nl: een column van Volkskrantredacteuren over het verleden. Vandaag Arie Elshout over het oneigenlijke gebruik van de term 'verloren generatie'.

Vaste patronen en rituelen zijn belangrijk voor mens en samenleving. Het geeft houvast, terwijl we ons staande proberen te houden in een werkelijkheid, die constant verandert, soms meeslepend en overweldigend is, maar ook woest en bedreigend kan zijn. Zelfs oude spreekwoorden en gezegden kunnen soelaas bieden als uitingen van collectieve, door de tijd gelooide wijsheden. Maar soms maken we het te bont: Grijpen we naar clichés die ons slechts de illusie van begrip en controle geven, of wordt de geschiedenis misbruikt om haar voor een politiek of ander particulier karretje te spannen.

Jeugdwerkeloosheid
Omdat de mens meer voorspelbaar is dan de werkelijkheid, kun je er vaak op wachten. Toen een jaar geleden het internationale financiële stelsel, na een lange incubatietijd, met veel geraas instortte en meteen duidelijk werd dat de werkloosheid onder jongeren flink zou toenemen, kon je al bevroeden dat het niet lang op zich zou laten wachten, of het bekende cliché zou worden opgepoetst en in stelling gebracht. En jawel, afgelopen augustus hoorde ik op de radio dat de vakbeweging het land krachtig waarschuwde voor een ‘verloren generatie’. Natuurlijk, iedere werkloze is er één te veel, zeker als het jongeren betreft die na hun studie en opleiding niet de kans krijgen hun talenten tot volle wasdom te brengen. Maar om deze generatie meteen tot verloren te bestempelen, gaat te ver.

Gelukkig mocht in het radioprogramma Paul de Beer, hoogleraar arbeidsverhoudingen aan de Universiteit van Amsterdam, kritische kanttekeningen plaatsen bij deze FNV-actie. Hij herinnerde eraan dat ook tijdens de economische crisis van de jaren tachtig het etiket ‘verloren generatie’ werd geplakt op de groep jonge werkelozen. En hoewel dat toen onmiskenbaar heel sombere jaren waren, waarin de media dagelijks in het teken stonden van ontslagen, bezuinigingen, oplopende werkloosheid en de angst voor een allesvernietigende kernoorlog, was het gebruik van die beladen term volgens De Beer overdreven. De jongeren van toen hebben uiteindelijk toch hun plek gevonden op de arbeidsmarkt. In sociale positie zijn er geen grote verschillen met de generaties voor en na hen.

Een verloren generatie
De term ‘verloren generatie’ heeft een lange geschiedenis. Zij ontstond na de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) en drukte droefenis uit over het verlies van al die jonge militairen, die uiteen werden gereten door artilleriegranaten of bij mosjes neer gemaaid door onophoudelijk vurende mitrailleurs op de kaalgeslagen slagvelden in Vlaanderen en Noord-Frankrijk. De indruk die deze verspilling van mensenlevens maakte, was zo groot dat het begrip ‘verloren generatie’ mythische proporties aannam. Het sloeg al snel niet alleen meer op al die gesneuvelde soldaten, maar ook op een generatie schrijvers en kunstenaars, die door de slachtpartij alle geloof in de Victoriaanse moraal en de idealen van hun ouders waren kwijtgeraakt. Het begrip werd daarmee opgerekt, maar een feit blijft dat 8,5 miljoen militairen sneuvelden in wat destijds nog simpelweg de Grote Oorlog heette, een nog altijd niet goed te bevatten tragedie.

Historische blasfemie
Om het lot van de jonge werklozen van nu (of de jaren tachtig) daarmee te vergelijken, is een ernstig geval van wat ik historische blasfemie zou willen noemen: een ontheiliging van een serieus begrip door het te trivialiseren. Werkloosheid is voor de meeste werklozen gelukkig een toestand van voorbijgaande aard. Dat kon niet gezegd worden van de dode soldaten in de Eerste Wereldoorlog. Die waren dood, morsdood. Soms zo dood dat er niets meer van ze werd teruggevonden in de blubber van de slagvelden.

Ik begrijp dat maatschappelijke organisaties in dit mediatijdperk in de verleiding komen om steeds zwaarder geschut in te zetten. Anders verliezen ze de strijd om de publieke aandacht. Maar als ze overgaan tot een lichtvaardig gebruik van dramatische begrippen uit het verleden, krijgen ze misschien wel de aandacht, ze raken iets anders kwijt: hun geloofwaardigheid.

Arie Elshout
De auteur is redacteur van de Volkskrant

Werkloosheid in de jaren 80 Beeld
Werkloosheid in de jaren 80
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden