Vader van Belgisch verkeersslachtoffer: 'De dader heeft hem laten liggen, als een hond'

Dat een jonge chauffeur zijn zoon doodreed, zou Jef Vermeiren op termijn kunnen vergeven. Dat die chauffeur dronken achter het stuur zat, zelfs daar zou hij als overtuigd katholiek misschien ooit vergiffenis voor kunnen schenken. Maar wat Vermeiren de doodrijder nooit zal vergeven, is dat hij zijn zoon hulpeloos achterliet.

Jef Vermeiren en zijn vrouw Linda bij het graf van hun zoon Nick. Beeld null
Jef Vermeiren en zijn vrouw Linda bij het graf van hun zoon Nick.

'Hij had gered kunnen worden', zegt de 51-jarige bakker aan de eettafel, in het Belgische dorp Merksplas. 'Als mijn zoon binnen het uur was geholpen, had hij het kunnen overleven. Dan had hij hier bij ons aan tafel kunnen zitten.'

Maar de doodrijder stopte niet, die zondagavond 18 maart 2012 om half acht 's avonds. Nadat hij de 18-jarige Nick Vermeiren, op de fiets onderweg naar huis, frontaal had aangereden, stapte hij even uit, zag de jongen in de gracht liggen en reed daarna verder. Pas vier uur later werd Nick gevonden en kwamen de hulpdiensten erbij. Hij was ondertussen overleden aan interne bloedingen en verstikking. 'Als de dader hem rechtgetrokken had, dan had hij lucht gekregen', zegt zijn vader. 'Maar hij heeft hem laten liggen, als een hond.'

'Neem je verantwoordelijkheid'

In een hoek van de eetkamer staat Nicks foto, een breed lachende jongen in een wit koksvest. Een paar maanden na zijn dood zou Nick normaal als kok afstuderen. Zijn vader hoopte ooit samen een bakkerij te openen. Nu al die toekomstdromen voorgoed onmogelijk zijn, lijkt het leven kleurloos. Hij zou het huis eens moeten opknappen, zegt Vermeiren, de kozijnen schilderen, het brandhout uit de voortuin weghalen, maar eerlijk gezegd, hij heeft geen energie.

Het enige wat hem interesseert, is zin geven aan de dood van zijn zoon. Vermeiren schrijft brieven aan politici, treedt op in verkeerscampagnes, getuigt in tijdschriften of kranten. 'Iedereen kan een fout begaan in het verkeer, maar neem je verantwoordelijkheid', luidt zijn boodschap. 'Rijd niet door, vlucht niet weg. Help een mens, laat hem niet liggen.'

Niet zo regelgezind

Die boodschap is nodig in België, want doorrijden na een ongeval is er schering en inslag. Bij verkeersongevallen met gewonden of doden pleegt liefst één op de tien chauffeurs er 'vluchtmisdrijf', zoals doorrijden na een ongeval in België wordt genoemd. Vorig jaar gebeurde dat 4.426 keer, met 4.916 gewonden en 21 doden tot gevolg. In heel Europa doet maar één land het slechter, zo bleek uit onderzoek: in het Verenigd Koninkrijk slaat één op de 7,5 veroorzakers van een ongeval met gewonden op de vlucht.

Waarom de Belgen meer dan andere Europeanen doorrijden na een ongeval, is niet helemaal duidelijk. Uit onderzoek van het Belgische verkeersinstituut VIAS blijkt wel dat veel doorrijders onder invloed van alcohol of drugs waren - wat in België meer sociaal aanvaard is en dus vaker voorkomt dan in andere landen. Specialisten verwijzen ook naar de Belgische mentaliteit. 'Wij Belgen zijn niet zo regelgezind', zegt Ludo Kluppels, verkeerspsycholoog van het VIAS. 'Nederlanders houden zich veel meer aan de regels.'

Milde straffen

Wat ook een rol speelt, zijn de lage straffen in België. In theorie is de maximumstraf voor doorrijden na een ongeval in België veel hoger dan in Nederland, maar in de praktijk spreken de Belgische rechters vaak milde straffen uit. Dat Belgische chauffeurs zich daardoor straffeloos wanen, bleek uit de geruchtmakende zaak van de 12-jarige Merel De Prins, die in 2015 op de fiets werd doodgereden. De 23-jarige dader, die na het ongeval naar het buitenland vluchtte, bleek al zeven keer veroordeeld voor rijden zonder rijbewijs. Hij kreeg telkens een rijverbod, maar bleef gewoon autorijden.

De Belgische overheid is zich bewust van de ernst van het probleem, en verhoogt de maximumstraf voor 'vluchtmisdrijf' eind dit jaar van twee jaar celstraf naar drie jaar celstraf, zelfs vier jaar bij dodelijke ongevallen. 'Maar veel ouders ervaren dat als steekvlampolitiek', zegt Koen Van Wonterghem, gedelegeerd bestuurder van de vereniging Ouders van Verongelukte Kinderen. 'De rechters hebben al een heel arsenaal aan straffen, maar het probleem is dat ze het niet gebruiken.'

Lees verder onder de foto.

Jef Vermeiren: 'Waarom kunnen ze niet iemand levenslang zijn rijbewijs afpakken? Hij heeft ons toch ook levenslang getroffen?' Beeld null
Jef Vermeiren: 'Waarom kunnen ze niet iemand levenslang zijn rijbewijs afpakken? Hij heeft ons toch ook levenslang getroffen?'

Ook de jonge chauffeur die Nick Vermeiren doodreed, kreeg in beroep een milde straf: twee jaar celstraf, die werd omgezet in twee jaar enkelband, en vijf jaar rijverbod. Met vijftien glazen bier op toen hij Nick Vermeiren doodreed, amper een jaar na een eerdere veroordeling voor rijden onder invloed, had die straf veel hoger kunnen zijn. 'Waarom kunnen ze niet iemand levenslang zijn rijbewijs afpakken?', vraagt zijn vader zich af. 'Hij heeft ons toch ook levenslang getroffen?'

De vele gevallen van doorrijden na een ongeval trekken een spoor van leed door België, want slachtoffers en nabestaanden van 'vluchtmisdrijven' worden meervoudig getroffen. Ze zijn gewond, overleden of zijn een dierbare kwijt, maar blijven ook achter met vragen, haatgevoelens en lange rechtszaken. Vooral als de dader nooit gevonden wordt, is het moeilijk om een ongeval te verwerken. 'Het is de clusterbom van de verkeersongevallen', zegt Van Wonterghem. 'De bijbommen ontploffen met vertraagd effect.'

Het waarom

Ook Jef Vermeiren wilde na de dood van zijn zoon precies weten wat er in de dader was omgegaan, en wat er in de vier uur tussen het ongeval en de komst van de hulpdiensten was gebeurd. Waarom deed de vriendin van de doodrijder, die naast hem zat, hem niet terugkeren? Waarom alarmeerden diens ouders, die zijn verbrijzelde autoruit zagen, de hulpdiensten niet meteen? De vragen bleven door Vermeirens hoofd malen. Hij had wraakgevoelens, reed rondjes om te controleren of de dader zich wel aan zijn rijverbod hield, en maakte zichzelf langzaam gek.

Pas sinds een jaar, zegt Vermeiren, is hij begonnen zijn verdriet te verwerken. 'Ik ben een paar keer bij een rouwtherapeut geweest. Die zei me: het is tijd om het gerechtelijk dossier achter je te laten, en aan het verlies van je kind te werken. Dat heb ik goed onthouden. Ik heb het nu losgelaten. We gaan toch nooit precies weten wat er gebeurd is, en mijn zoon komt er niet mee terug. Ik voel nu geen haat meer. Maar vergeven, nee, dat kan ik niet.'

Jef Vermeiren:'Ik voel nu geen haat meer. Maar vergeven, nee, dat kan ik niet.' Beeld null
Jef Vermeiren:'Ik voel nu geen haat meer. Maar vergeven, nee, dat kan ik niet.'

Hoewel België eenderde minder inwoners telt dan Nederland, komt doorrijden na een ongeval er veel meer voor. In België vielen vorig jaar 4.916 gewonden bij ongevallen met doorrijders, in Nederland waren dat er zo'n 1.000.

De vergelijking klopt echter niet helemaal: de Nederlandse cijfers, afkomstig van het Waarborgfonds Motorverkeer, slaan enkel op ongevallen waar de dader achteraf niet werd opgespoord, terwijl het in België om álle ongevallen gaat waar de veroorzaker de benen nam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden