Vader/Führer

De vader van Klaske Rutgers was fanatiek NSB'er, die zich ook thuis gedroeg als een despoot. Henk Rutgers heeft zijn collaboratie altijd afgedaan als naïef 'idealisme'. Maar na zijn dood ontdekte Klaske vele geheimen over haar vader.

Het verhaal van Klaske Rutgers is een verhaal over de oorlog, en over de lange schaduwen van die oorlog. Hoewel ze vier jaar na de bevrijding werd geboren, zijn de oorlog, de NSB, de Jeugdstorm, Jodenvervolging en andere met de bezetting verbonden begrippen voor Klaske geen voltooid verleden tijd.


Klaskes vader was NSB'er, en een fanatieke ook. Henk Rutgers voerde propaganda voor de nazi's, eerst in het kaderblad van de Jeugdstorm De Stormmeeuw, later, als hoofd van de afdeling Pers en Propaganda van de gelijkgeschakelde radio-omroep. De Stormer Spreekt, heette Rutgers' wekelijkse tienminutenpreek voor de jeugd. Wegens slechthorendheid had hij nooit weten door te dringen tot de keurtroepen van de Waffen-SS. Voor de radio kon hij evenwel de boodschap van het nationaal-socialisme op een andere manier toch naar de harten van de Hollandse jeugd brengen en hen ontvankelijk maken voor het heldendom aan het Oostfront. 'Ethersoldaten' noemde Rutgers pleitbezorgers van Hitler als hijzelf.


Na zijn dood in 1990 en die van zijn echtgenote in 1996 - toen de ouders inzage in hun oorlogsdossiers in het Nationaal Archief niet langer konden blokkeren - stuitte Klaske op geheimen over haar vader. Op zijn lidmaatschap van de Germaanse SS, op een geheime dienstreis naar Berlijn, nog in 1945. Op een veel virulentere vorm van propagandavoering dan het wat naïeve 'idealisme' waarvan haar vader had blijkgegeven begeesterd te zijn geweest. Vader Rutgers had zijn actieve rol in de SS in zijn -ontegenzeggelijk fraai geschreven - memoires Ik vertel het jou nu maar... afgedaan als een fabeltje: een vooral administratieve aangelegenheid.


Eva Braun

Klaske Rutgers besloot V het verhaal over haar 'foute' ouders te vertellen nadat de Volkskrant in april 2011 foto's had gepubliceerd uit de privécollectie van Hitlers geliefde Eva Braun. In een album met 'dierbare' herinneringen van haar moeder had Klaske foto's aangetroffen uit 1930, met de veronderstelde 18-jarige Braun die bij een familielid van Klaskes moeder in Den Haag op bezoek zou zijn geweest. 'Dat die foto's met haar naam erbij in mijn moeders album prijken, bewees voor mij voor de zoveelste keer dat mijn moeder net als pa warme herinneringen aan de oorlog koesterde. Ze hebben nooit afstand genomen van hun verleden. Moeder koesterde de foto's van hun foute vrienden en hun vakanties in Oostenrijk. Niet één foto van de kinderen. Dat typeert mijn moeder: ze was kil en kon niet van mij houden.'


Het verhaal over haar vader en moeder moet worden verteld, zegt Klaske, omdat ze een erfschuld draagt. Zij is opgezadeld met een duister verleden, waarin nog steeds zaken vragen om opheldering. Ze beschouwt het graven in dat verleden als haar plicht, omdat de fouten die haar ouders maakten wéér gemaakt kunnen worden. Ze ziet gelijkenis tussen haar vaders Stormmeeuw en de meeuw in het logo van de PVV, de partij die volgens haar onverdraagzaamheid en vreemdelingenhaat predikt zoals de NSB dat deed.


Ze is allergisch voor wat zij de verdraaiingen en leugens noemt in haar vaders memoires. En ze wil rechtdoen aan de later vergaste Joodse familie, die in de herfst van 1942 moest vertrekken uit haar woning in Hilversum. Dat luxueuze huis werd gevorderd ten gunste van Rutgers' gezin, toen hij voor de radio ging werken.


De - toegegeven: nieuwsgierig makende - vraag of Eva Braun werkelijk op de foto's te zien is in het album van moeder Rutgers raakte op de achtergrond door de talrijke feiten die zich aandienden over Klaskes ouders die wel zijn te verifiëren, aangevuld met het persoonlijke verhaal van Klaskes jeugd. Tezamen bieden zij inzicht in een gezin waarvan kinderen leden onder de terreur van de vader, dat gebukt ging onder verzwegen geheimen, schuldgevoelens en schaamte. De beladen familiegeschiedenis eindigde niet met schuld, veroordeling en boete in de jaren veertig.


Partijlogo's

Henk Rutgers was al in 1933 lid geworden van de NSB. Geen 'broodlid' dat zich als velen aanmeldde toen de partij na de Duitse inval de wind in de zeilen kreeg. Nee, Rutgers was een idealist van het eerste uur. Hij had logo's voor de partij ontworpen, meegewerkt aan de totstandkoming van het Distinctievenboekje, waarin opgenomen de onderscheidingen voor op het uniform dat ook hij in oorlogstijd zou dragen. Het uniform bij de zwarte rijlaarzen dat Klaske in de jaren vijftig op een onbewaakt ogenblik aantrof op zolder, verborgen in een kist met mottenballen, was ontdaan van de insignes.


Van politiek wist de kleine Klaske uiteraard nog niets, toen ze, geboren in 1949, opgroeide op een bovenwoning in Eindhoven. Vader had met duizenden collaborateurs vastgezeten in de Harskamp, en later in Wezep - drie jaar. Zo erbarmelijk was de detentie in de Harskamp, waar de gevangenen aanvankelijk leefden in met zeil bedekte kuilen, dat Rutgers er, schreef hij, een 'kamppsychose' aan overhield. 'Geïnterneerden, professoren, doktoren en geleerden zag ik er verloederen; flinke sterke knapen aftakelen en homo bedrijven. En zelfmoord. En wentelen in de luizen, in de vuiligheid. En bewakers degenereren tot gevoelloze beesten.' Het deed hem in zijn memoires verzuchten: 'Daarom, in Godsnaam: nóóit meer kampen, nóóit meer oorlog.'


Eind mei 1948 kwam hij met tbc in het sanatorium, en volgde zijn voorwaardelijke invrijheidstelling. Bij de eerste hereniging met zijn vrouw, die de naoorlogse jaren met de toen vier kinderen in het Gooi had doorgebracht, moet Klaske zijn verwekt. Het gezin begon in Brabant aan een nieuw leven.


In Eindhoven nam Rutgers zijn oude beroep van reclameman weer op. Getalenteerd tekstschrijver ('Bums dwarsgebakken', was een van zijn slogans), begenadigd tekenaar, een woonplaats waar zijn naam, anders dan in het Gooi, niet was besmet, en de steun van oude, invloedrijke vrienden: een stevig fundament voor een nieuw leven.


De begane grond van de woning was verhuurd als kantoorruimte. Op de bovenetages leefde het gezin. Moeder, een zoon (uit 1931), drie voor de oorlog geboren dochters, twee van erna: Klaske uit 1949, de laatste dochter uit 1954. Vader werkte ook vanuit huis. Doodstil moest het zijn in de krappe woning als hij aan het werk was. Herrie kon hij niet velen. En pa werkte keihard.


'Een van mijn eerste herinneringen dateert van toen ik 3 was', zegt Klaske. 'De kantoorruimte beneden was vrijgekomen, daar kon mijn vader aan de slag. Er lag nog een verhuistouw in de lege ruimte. Ik reed, in mijn pyjama, op mijn driewielertje over de kale plankenvloer, tussen de schuifdeuren door. Het touw was de hindernis, mijn fietsje het paard. Op een bepaald moment brak het frame in tweeën. Ik zette het op een huilen, ik had me bezeerd. Mijn vader pakte me op en smeet me diagonaal door de kamer. Niet één maal, maar een aantal keren. Hij schreeuwde verschrikkelijk. Mijn moeder keek toe. Ze zei niets.'


Het was het begin van een patroon in het gezinsleven. Veelvuldig liepen de spanningen in het gezin op. Klaske vertelt dat er niets nodig was om vaders woede te laten ontbranden: een onwelgevallig woord, een verkeerde blik; kinderen werden geslagen en aan de haren door de kamer gesleurd. Wie bij het eten met de ellebogen op tafel zat, kon een corrigerende tik met vaders mes verwachten - de scherpe kant op het kind gericht.


'Zeker acht keer heeft hij me een hersenschudding geslagen. Dan bleef ik soms weken opgesloten thuis, omdat ik bont en blauw geslagen was. Nooit kwamen er vanuit school vragen over mijn afwezigheid.' En moeder zweeg. 'Eén keer heeft ze een opmerking tegen mijn vader gemaakt. Ze gooide een vleesschaaltje kapot en schreeuwde: jij verpest ook altijd alles.'


In het boek Keurkinderen (Balans, 2009) schetst auteur Paul van der Steen de omstandigheden bij het gezin thuis: 'Na zijn vrijlating blijkt dat Henk Rutgers het leidersprincipe nog niet helemaal heeft afgezworen. In zijn gezin heerst hij als een tiran. Zijn wil is wet. (...) Tegenspraak is taboe.'


Geheim

Het gezin verhuisde van Eindhoven naar een plaatsje ten zuiden van de stad. Naar een mooie, vrijstaande woning met een flinke lap grond, die pa met zijn florerende reclameadviesbureau makkelijk kon betalen.


Langzaamaan werd Klaske zich bewust van de schaduw van de oorlog over het gezin. 'Er was een geheim in huis. Soms praatten de grote kinderen daar wel over, maar als ik, en later mijn kleine zusje, binnen gehoorsafstand kwamen, gingen de monden op slot.' Voor vader en moeder was praten over de oorlog taboe. Deed je het toch, dan sloeg hij om zich heen.


Het begon Klaske op te vallen dat ze bij vriendinnetjes van school thuis bijna nooit welkom was. Ze zwierf als kind vaak alleen door de bossen, speelde bij het hutje waar Anton Coolen zijn boeken schreef en was welkom bij hem. Voelde zich bij hem niet buitengesloten, zoals bij anderen. Vermoedt nu dat niemand in de gaten had, of wilde hebben, dat ze thuis werd mishandeld, omdat ze een outcast was.


Slappeling

Voor de buitenwereld een mooi gezin - keurig gekleed, tot in de puntjes verzorgd, behept met de goede manieren waar vader en moeder zo trots op waren - maar binnenshuis zuchtend onder het schrikbewind van vader groeiden de kinderen op, vertelt Klaske. 'Op mijn oudste broer keken mijn ouders ontzettend neer. Een slappe zak, vond mijn vader hem. Mijn moeder noemde hem een mietje.'


De oudste had zware jongensjaren gehad en kon de draai van zijn leven niet vinden. Hij heeft er twee keer op televisie over verteld. In de tv-documentaire Kind van foute Ouders van de KRO (1984) komt de zichtbaar gekwelde man uitgebreid aan het woord, die als 10-jarige 'bezwangerd' was door de nazi-ideologie en als 13-jarige, op de Reichsschule in Valkenburg, de eliteschool van de bezetter, werd uitverkoren om te worden klaargestoomd voor een voorhoedefunctie in de Nieuwe Orde.


Aangemeld en gesteund door pa, die zijn zoon in een brief van harte had aanbevolen bij de directeur van de Reichsschule. 'Hij is voor zijn leeftijd flink gebouwd en kerngezond. Evenals al onze kinderen heeft hij lichtblond haar en blauwe ogen. Als rastype is hij volstrekt goed.' Al korte tijd later, toen de geallieerden in 1944 Limburg naderden, raakte de broer, volkomen overtuigd van de zegeningen van het nazisme, op drift in Duitsland. In de documentaire vertelde hij hoe 'super-superverneukt' hij zich voelde door de nazi's toen Engelse soldaten hem in 1945 foto's lieten zien van stapels lijken in concentratiekampen. Tegen Karel van de Graaf, die hem in 1995 interviewde voor het tv-programma Naar eer en geweten zei hij: 'Rationeel weet ik dat ik geen schuld heb, maar emotioneel is dat kul.'


In zijn memoires, geschreven in 1979 en aangevuld in 1986, zou pa reageren op de KRO-documentaire. De zoon betichtte de vader ervan te hebben gezegd dat 'die opleiding in Valkenburg - elite-SS - het prachtigste was wat een jongen kon bereiken'. Niets van waar, schrijft pa: een vriend van de 13-jarige 'gaf er zo hoog van op dat hij er ook naartoe wilde. Dat vonden we goed, omdat hij het als kind van NSB'er op een gewone school niet zo heel plezierig had'. De zoon stierf in 2000 door eigen hand.


Kinderbescherming

In 1966 kwam er een einde aan Klaskes aanwezigheid in het gezin. Ze vertelt hoe ze op het familiejacht de Attika, aangemeerd in Rijnsaterwoude, onverhoeds van achteren werd aangevallen door haar vader, met wie ze een conflictueuze periode achter de rug had wegens haar relatie met een jongen. 'Ik werd geschopt, aan mijn haar vastgegrepen en met mijn hoofd tegen de rand van de banken op het dek geslagen. Ik heb me heftig verdedigd, maar kon hem niet slaan.' Klaske, een flink uit de kluiten gewassen meid inmiddels, schopte wel terug.


Haar broer, die in het havenrestaurant was, kwam op het rumoer af, en voerde zijn zus af. 'We zijn nog naar huis gegaan om wat spullen van me op te halen. Vervolgens ben ik naar een zus in Amsterdam gebracht, na behandeling in het ziekenhuis voor mijn verwondingen, en moest rust houden wegens een zware hersenschudding.'


De kinderbescherming kwam eraan te pas en bepaalde dat Klaske moest worden geplaatst in een kinderbeschermingstehuis. Haar ouders, zegt zij zelf, werden uit de ouderlijke macht ontzet. Vanaf haar 18de leefde ze zelfstandig, en zag ze haar ouders nauwelijks meer.


Naarmate ze ouder werd groeide, net als bij haar broer, de behoefte alles te weten over het verzwegen verleden van pa en ma. Ze stelde vragen, maar kreeg geen antwoorden. Eind jaren tachtig, in de tijd dat de politieke storm over de vrijlating van de Twee van Breda was opgestoken, kreeg Klaske van de dochter van een verzetsstrijder te horen dat ze helemaal niet geboren had mogen worden. 'Ze vertelde me dat pa dingen op zijn kerfstok had die de doodstraf zouden hebben gerechtvaardigd.' Welke dingen dat zouden zijn geweest, heeft Klaske nooit kunnen achterhalen.


Pas na de dood van moeder in 1996 - de vader was in 1990 gestorven - kreeg Klaske toegang tot de tribunaaldossiers van de Bijzondere Rechtspleging waar het echtpaar zich na de oorlog moest verantwoorden. 'Het eerste wat ik zag toen ik de map opensloeg was het Soldbuch waaruit bleek dat mijn vader bij de SS was geweest.' Het bezwarende soldatenboekje, geliefd bij verzamelaars van nazi-objecten, bevindt zich inmiddels niet meer in het archief. Het is verdwenen. Een vervagende fotokopie ervan, en andere bewijzen voor zijn lidmaatschap van de Germaanse SS (waaronder de bescheiden behorend bij het verstrekken van een dienstpistool) zijn er nog wel.


Radiopraatjes

Klaske vond in de dossiers de transcripten van de radiopraatjes die haar vader elke week hield. Het zijn teksten waarbij de relatief milde, en minder politiek geladen inhoud van De Stormmeeuw, het blad waaraan haar vader voor de oorlog leiding had gegeven, verbleekte. 'Adolf Hitler, deze grote figuur, deze nobele mens, had het zo graag anders gewild', verkondigde hij nog in 1944. 'Hij is de man die zoveel verantwoordelijkheid voor Europa voelt dat hij (...) als een streng maar goed vader van Europa zijn eigen landszonen de redding van Europa laat bevechten.'


Rutgers maant de jeugd zich aan te sluiten. 'Bij het grote ideaal, dat voor ons reeds als tastbare werkelijkheid zichtbaar is: het rijk van de Führer, waarin ook het Nederlandse volk zich kan laten gelden met alle prachtige bekwaamheden en karaktereigenschappen welke het bezit.' Een week na de geallieerde invasie, op 13 juni 1944, eindigde hij zijn toespraak zo: 'Groot is dit ideaal, maar iedere jonge Europeaan heeft niet alleen het recht, maar ook de plicht het na te streven, omdat zij slechts daarmede hun plicht tegenover het moederland van het blanke ras nakomen.'


Ook de veroordelingen van het tribunaal bevinden zich in de dossiers. Moeder werd voor tien jaar het kiesrecht ontnomen wegens NSB-lidmaatschap en kreeg een beroepsverbod. Pa werd, na meer dan twee jaar op zijn berechting te hebben gewacht, veroordeeld tot vijf jaar met aftrek van voorarrest. Onder punt e. van de tenlastelegging werd hem verweten 'openlijk ingenomen te zijn geweest met de vijand door zijn zoon naar de Reichsschule te doen sturen'.


Niet in de dossiers in het Nationaal Archief bevindt zich het 'streng vertrouwelijke' dienstreisrapport van SS-grenadier H. Rutgers naar Berlijn van 12 tot 21 januari 1945. Rutgers beschrijft daarin een ontmoeting met vooraanstaande SS'ers waarbij gesproken wordt over vervanging van Anton Mussert als leider van de NSB. Er wordt gedelibereerd over de oprichting van een Nederlandse Hitler Jugend, als opvolger van de Jeugdstorm. 'Onofficieel', schrijft Rutgers, 'vernam ik nog, dat men van de zijde van de Sonderstab Niederlände het voornemen heeft, mij bij de totstandkoming van boven geschetste ontwikkeling (de oprichting van de Nederlandse Hitler Jugend, AH) van de Jeugdstorm de vorming op te dragen.' Rutgers bevond zich in het kamp van degenen die vonden dat het nazisme veel radicaler verdedigd moest worden tegen de oprukkende geallieerden. Desnoods door de gewapende inzet van Nederlandse jongeren.


Memoires

In zijn memoires beroept Rutgers zich op andere motieven voor zijn Berlijnreis. Hij besloot, schrijft hij, zijn contacten aan te spreken om hulp te zoeken voor de onder de Hongerwinter lijdende Amsterdamse Jordaan, de wijk waar een deel van zijn armoedige jeugd zich heeft afgespeeld. 'Als Jeugdstorm-kaderlid had ik in de beruchte hongerwinter tot taak te proberen mijn eigen goede Jordaan aan eten te helpen.' Na een relatief rustige omweg via Noord-Duitsland en 'een eind langs de Oostzeekust' kwam hij in Berlijn. 'Vrijwel de hele stad lag al in puin, brandde, stonk, leed verschrikkelijk. Ik vertelde al nog niet te begrijpen hoe ik er weer levend uit kwam. (...) Maar ik kréég een papier met allerlei stempels. Dat papier gaf de Duitse Behörden in Holland opdracht wat aan die honger in Amsterdam te doen.'


Eenmaal terug in Friesland, vertelt Rutgers verder, gaf hij het papier aan 'een hoge ome' van de Wehrmacht, die dat ' niet naast zich kon of wilde neerleggen'. Rutgers zocht in Friesland 'een hoge mieter', omdat hij wist dat daar nog voedsel was. 'Hoe het allemaal verder ging, weet ik niet. Maar het resultaat was belangrijk: de beroemde en beruchte IJsselmeervoedselvloot kwam tot stand. Richting Amsterdam. (...) Onderweg werd ze door een eskader Engelse jachtvliegtuigen in de grond geboord. Lekgeschoten. Zal wel een vergissing zijn geweest.'


Klaske Rutgers leeft onder een andere naam.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden