Utrechtse kiezer heeft geen trek in fopspeen

Verliezer Ralph Pans had meer oog voor de realiteit dan winnaar Aleid Wolfsen. Waar de eerste het mislukte burgemeestersreferendum in Utrecht een schok voor de democratie noemde, hield de tweede tegen beter weten in vol dat hij met 60 procent van de stemmen de terechte winnaar was....

Het burgemeestersreferendum in Utrecht heeft één positief resultaat opgeleverd: ook de Tweede Kamer is er nu van overtuigd dat deze vorm van inspraak moet worden afgeschaft. Voor het overige had Utrecht geen slechtere bijdrage kunnen leveren aan de Week van de Democratie dan met de genante vertoning van afgelopen woensdag.

Dat lag niet aan de kiezer. De opkomst van nog geen 10 procent – ver beneden de vereiste minimale 30 procent – duidde er eerder op dat de burger doorzag dat hem hier een fopspeen werd voorgehouden. Utrecht ging bij voorbaat naar de PvdA, er moest alleen nog een keuze worden gemaakt uit de twee door de raad naar voren geschoven sociaal-democratische kandidaten. Geen van beiden kwam uit de stad zelf en geen van beiden kwam veel verder dan het debiteren van gemeenplaatsen.

Dat laatste valt de kandidaten nauwelijks kwalijk te nemen. Verkiezingen, in welke vorm dan ook, veronderstellen politieke strijd tussen kandidaten die als zij worden gekozen ook bij machte zijn hun programma waar te maken. De positie van de Nederlandse burgemeester maakt dit ten ene male onmogelijk.

Betwijfeld moet worden of de meerderheid van de Kamer bereid is consequenties te verbinden aan de afwijzing van het burgemeestersreferendum. Eerder moet worden gevreesd dat alles bij het oude blijft: een burgemeester die door de minister op voordracht van de gemeenteraad wordt benoemd, zonder tussenkomst van de kiezer.

Minister Ter Horst, óók PvdA, van Binnenlandse Zaken maakte er onlangs in een rede geen geheim van dat als het aan haar ligt ook in de toekomst niet aan de benoemde burgemeester wordt getornd. Zij neemt daarmee zelfs afstand van de PvdA-voorkeur voor een door de raad gekozen burgemeester. De Utrechtse kiezer wist zo in elk geval waar hij aan toe was.

De gang van zaken in Utrecht ondergraaft ook de stelling van Ter Horst dat een benoemde burgemeester die boven de partijen staat, beter in staat is het vertrouwen in de politiek te herstellen dan een politiek geprofileerde, hetzij door de raad, hetzij door de bevolking gekozen bestuurder. De praktijk is immers dat alle belangrijke burgemeestersposten worden verdeeld in een subtiel spel van geven en nemen tussen de grote politieke partijen.

Als, zoals Ter Horst beweert, de procedure al zo is gedemocratiseerd dat de minister weinig anders kan dan de voordracht van gemeenteraad volgen, dient zij consequent te zijn. Haal de kroonbenoeming in dat geval uit de Grondwet zodat de gemeenteraad de burgemeester ook echt kan kiezen. Of nog beter nog: laat de kiezer zelf beslissen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden