Universiteit weet weinig over eigen contractonderwijs

De meeste Nederlandse universiteiten weten niet of ze geld winnen of verliezen met de onderzoeken en cursussen die ze leveren aan het bedrijfsleven....

Van onze verslaggeefster

DEN HAAG

Dit staat in een rapport van de Algemene Rekenkamer dat donderdag is verschenen. De ministers Ritzen van Onderwijs en Van Aartsen van Landbouw moeten voortaan controleren of de universiteiten goed omgaan met deze 'derde-geldstroom', adviseert de Rekenkamer.

Het is duidelijk dat universiteiten steeds meer geld binnenkrijgen met dit contract-onderzoek en -onderwijs. In 1989 bedroeg de derde-geldstroom van de dertien universiteiten nog 525 miljoen gulden, in 1992 was dat 958 miljoen.

Het probleem is dat geen enkele universiteit weet hoeveel ze daarvan overhoudt. Niemand rekent uit hoeveel tijd, mensen en middelen ze in het onderzoek en onderwijs steken. Ook is de prijs van de contracten niet altijd gelijk. De drie belangrijkste opdrachtgevers (de ministeries, de Europese Unie en 'collectebusfondsen' als de Hartstichting) betalen meestal minder dan de werkelijke kosten van onderzoek en onderwijs bedragen.

De Vereniging van Samenwerkende Nederlandse Universiteiten (VSNU) noemt het rapport van de Rekenkamer nuttig, maar heeft wel enkele bezwaren. Zo mag volgens de VSNU de prijs voor contract-onderzoek en -onderwijs lager zijn dan de kostprijs als het onderzoek past in het programma van de universiteit.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.