Unilever boekt mager resultaat op Europese thuismarkt

Door de felle prijsconcurrentie, de groeiende populariteit van goedkope produkten en de mislukte introductie van het wasmiddel Omo Power heeft Unilever vorig jaar op de belangrijke Europese markt een behoorlijke veer moeten laten....

Van onze verslaggever

ROTTERDAM

Unilever was vorig jaar goed voor een winst van 4,3 miljard gulden, 20 procent meer dan een jaar eerder. Dat percentage is echter vertekend door de omvangrijke reorganisatievoorziening die de winst in 1993 aanzienlijk deed slinken. Worden dergelijke saneringslasten die de werkelijke gang van zaken vertroebelen, buiten beschouwing gelaten, dan kwam de winststijging van het Brits-Nederlandse concern uit op 2 procent. De omzet steeg 6 procent tot 82,6 miljard gulden.

'Een jaar van contrasten', zo beschreef bestuursvoorzitter Morris Tabaksblat het afgelopen jaar. Jarenlang deed Unilever het namelijk goed op de Europese markt en maakte het zich grote zorgen over de slechte winstmarges in Noord-Amerika, nu is het beeld omgekeerd. De resultaten in de VS en Canada namen sterk toe, terwijl die op de thuismarkt teleurstellen.

'Er waren tekenen dat een aantal Westeuropese economieën herstelde van de recessie, maar de consument was niet de drijvende kracht achter dit herstel', aldus Tabaksblat. Het consumentenvertrouwen nam onvoldoende toe om de consumptie een impuls te geven.

Bovendien zijn de grote fabrikanten in Europa in een felle concurrentiestrijd verwikkeld, waarbij ze vooral gebruik maken van marge-drukkende prijskortingen. Unilever heeft ook veel last van de aanhoudende consumentenvoorkeur om goedkope produkten in plaats van dure merkartikelen van het schap te pakken. Detaillisten ruimen ook meer en meer ruimte in voor die goedkope alternatieven.

Op het eerste gezicht vertalen de 'contrasten' van Tabaksblat zich niet in de bruto winstmarge bij Unilever. Die bleef onveranderd op 8,7 procent staan. Maar dat is een gemiddelde: slechts door sterke verbeteringen in Noord-Amerika en de rest van de wereld wist Unilever de daling van de marge in Europa te compenseren.

'Een domper', noemt Arjen Dibbets, analist bij effectenbank MeesPierson, de Europese cijfers. 'Je ziet duidelijk dat het cyclische stuk van de voedingsmiddelenindustrie, restaurants en kantines bijvoorbeeld, nog niet kan profiteren van het economische herstel.' Dat vertaalt zich volgens Dibbets duidelijk in de cijfers van Unilever, naast merkartikelenproducent een grote leverancier van voedingsmiddelen.

Beleggers op de Amsterdamse effectenbeurs waren niet enthousiast over de cijfers. Het aandeel Unilever daalde met 1,60 tot 196,80 gulden. De hoogte van het dividend, met 4,71 gulden ruim drie dubbeltjes meer dan vorig jaar, maakte kennelijk niet veel indruk.

Ondanks de wat tegenvallende resultaten was Tabaksblat tijdens een persconferentie niet in een slechte stemming. Hij legde de nadruk op de verbetering in Noord-Amerika, waar de reorganisaties en investeringen hun vruchten beginnen af te werpen.

Een concrete winstprognose gaf Tabaksblat niet. Wel stelde hij gunstig gestemd te zijn over het consumentenvertrouwen. Daarbij baseert hij zich onder meer op de prestaties van de groep speciale chemische produkten. Volgens de bestuursvoorzitter is dat een absolute 'star performer' en naar zijn stellige overtuiging bovendien een voorbode voor een verbetering van de consumentenprodukten.

Daarnaast was Tabaksblat goed gemutst omdat de winst gedurende 1994 vrij gestaag steeg. In het vierde kwartaal tot 1,2 miljard gulden, meer dan een verdubbeling ten opzichte van het vergelijkbare kwartaal van vorig jaar. Maar ook die enorme stijging wordt vertekend door de herstructureringskosten van 1993. Desondanks wist Unilever het jaar met een groei van de verkopen van 9 procent tot 22 miljard gulden jaar sterk af te sluiten.

Unilever durfde gisteren voor het eerst een bedrag aan het Omo Power-debâcle te verbinden, een andere reden voor het tegenvallende resultaat op de thuismarkt. Door de mislukte introductie heeft het concern 158 miljoen gulden moeten afboeken. Deze kosten hebben te maken met het afschrijven van voorraden, chemicaliën en verpakkingen toen Unilever medio vorig jaar overschakelde op een vernieuwde versie van het omstreden wasmiddel.

Analisten tonen zich niet echt geschokt door het bedrag. 'Grofweg zo'n zestig cent per aandeel. Dat valt dus nog mee', zegt Bert van den Broek, analist bij IRIS, de researchafdeling van Rabo en Robeco. 'Het is natuurlijk teleurstellend', zegt Dibbets van MeesPierson, 'maar gelukkig is er nu aan het hele Omo-feest een einde gekomen.'

Het bedrag van 158 miljoen gulden is slechts een tussenstand; de totale kosten van Unilevers zeperd zullen hoger uitpakken, maar volgens Tabaksblat kan de eindrekening pas over minstens anderhalve jaar worden opgemaakt.

Tabaksblat sprak gisteren tegen dat Omo Power uit de handel wordt gehaald, nu Unilever binnen enkele weken de zogenoemde Nieuwe Generatie Omo lanceert. 'Zolang er vraag naar is, blijven we vanzelfsprekend leveren.'

Unilever was vorig jaar actiever dan ooit op het overnamepad. In totaal werden er 22 nieuwe bedrijven gekocht en 18 verkocht. dat kostte 1,3 miljard gulden. In Nederland, waar de winst steeg van 145 tot 377 miljoen gulden, werd de Zeepfabriek De Fenix in Zwolle verkocht.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden