Uitspraak rechter maakt einde aan vier jaar gedwongen nietsdoen Son Tang wil nu leren en baan zoeken

Studeren, dat is wat de 35-jarige Son Tang nu graag wil doen. 'Mijn Vietnamese diploma in de economie vergelijken met het Nederlandse....

Van onze verslaggever

AMSTERDAM

'Ik was zes kilo kwijt en ontzettend moe van het actievoeren. Laat mij maar studeren. Hopelijk binnenkort.'

De afgelopen vier jaar waren zwaar vanwege de blijvende onzekerheid en het gedwongen nietsdoen, zegt hij. Vietnamezen die in 1991 via Oost-Europa naar Nederland kwamen, zouden hier immers niet mogen blijven. Tang kreeg geen werkvergunning of studiebeurs. Een cursus Nederlands heeft hij wel mogen volgen, met hoorbaar goed resultaat.

Woensdag voelde hij diepe voldoening toen hij op teletekst las dat de groep van driehonderd Vietnamezen die in 1991 via Oost-Europa naar Nederland kwam, van de Haagse vreemdelingenrechter mag blijven. De Rechtseenheidkamer doorkruist hiermee alle diplomatieke activiteiten die de Nederlandse regering de laatste twee jaar heeft ondernomen om te bereiken dat groep alsnog verdwijnt.

Het diplomatiek overleg vond plaats op aandringen van de Tweede Kamer, na de nogal botte poging van de toenmalige staatssecretaris van Justitie Kosto om de groep direct op het vliegtuig terug te zetten naar Tsjechië, waar de meerderheid vandaan kwam. Tsjechië werkte daar niet aan mee. Een deel van de Vietnamezen had overigens niet in dat land gewerkt, maar in Hongarije, Bulgarije, de voormalige Sovet-Unie of de DDR.

Pas vorig jaar werd een overeenkomst gesloten met de regering in Hanoi, waarin de veiligheid van alle bijna 350 te repatriëren Vietnamezen werd gewaarborgd, en betrokkenen een half jaar kregen om er gebruik van te maken.

Maar het heeft te lang geduurd, oordeelt de Rechtseenheidskamer. Asielzoekers die in Nederland hun zaak mogen afwachten en langer dan drie jaar op een defintieve beslissing moeten wachten, mogen doorgaans blijven. Bij de groep Vietnamezen is er onvoldoende reden van die lijn af te wijken. De vertraging heeft 'beleidsmatige' oorzaken, staat in het vonnis. Met andere woorden: het is de schuld van de regering, niet van de asielzoekers in kwestie.

Son Tang zegt altijd op de goede afloop te hebben vertrouwd. 'Ik ken te weinig Nederlandse woorden om uit te kunnen leggen waarom, maar ik heb altijd gedacht dat de overheid zou accepteren dat we hier zouden blijven.' Het terugkeer-verdrag vond hij onvoldoende. En volgens voorman H. Hanh van de groep Vietnamezen wordt dat gevoel door de meesten gedeeld.

'In het verdrag is alleen goed geregeld dat we niet vervolgd zullen worden voor contractbreuk en illegaal vertrek', zegt hij. 'Politieke activiteiten vallen er buiten en we zijn altijd bang geweest dat we op dat punt in Vietnam toch last zullen krijgen.'

Dat de VN-organisatie voor vluchtelingen Unhcr nauw bij de terugkeer betrokken zou zijn, doet daar volgens hem niets aan af. Ook niet dat de de repatrianten zouden kunnen rekenen op steun van de Internationale Organisatie voor Migratie en toezicht van de Nederlandse ambassade.

En het maakt Hanh ook niet uit dat de vreemdelingenrechter de groep nu om een ander, formeel argument in het gelijk stelt. 'We hebben geloofd dat het zou lukken omdat we een goede reden hebben hiervoor te vechten.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden