Uitblinker loopt moederziel alleen zijn rondjes

Bij FC Dordrecht, koploper in de eerste divisie, krijgen 'spelers met een krasje' alle kans. Maar wie naast zijn schoenen loopt, wordt teruggefloten. 'Hé Yoëll man, wat doe je daar nou?'

DORDRECHT - 'Wacht even', zegt technisch directeur Marco Boogers, midden in zijn verhaal over het succes van FC Dordrecht, en met grote stappen beent hij richting de mixed zone. Daar wordt matchwinnaar Yoëll van Nieff van de ene naar de andere camera gesleurd.


De aanvallende middenvelder, met een linkerbeen om te zoenen, heeft tegen Eindhoven zojuist de wedstrijd van zijn leven gespeeld en moet daar zo vaak over vertellen dat hij niet op tijd is voor het gezamenlijk uitlopen na de wedstrijd. Dat zint Boogers niet.


'Laat die jongen nou lekker genieten joh', zegt assistent-trainer Gérard de Nooijer nog. Die kent Boogers al wat langer dan vandaag en voelt aankomen wat er gaat gebeuren. Maar het is al te laat. 'Hé Yoëll man, wat doe je daar nou?', roept Boogers. 'Je ploeggenoten wachten op je. Je moet uitlopen, nu!'


Door in een sensationele wedstrijd met 4-3 van FC Eindhoven te winnen, verstevigde FC Dordrecht zaterdag zijn koppositie in de eerste divisie. Aan de opmars van de club lijkt maar geen einde te komen. 'We worden kampioen', zingen de supporters aan de Krommedijk. En nu eens niet cynisch.


Al jaren moet FC Dordrecht de eindjes aan elkaar knopen. Het stadion bestaat uit stoeltjes die ooit op de kop werden getikt bij Ahoy, de kantoren hebben een hoog kringloopgehalte. Deze week wordt er vergaderd over de vraag of er geld kan worden vrijgemaakt voor nieuw tapijt.


Ondanks het beperkte budget lukt het Boogers keer op keer om een selectie samen te stellen die meedoet om de prijzen. 'Ik heb bij een stuk of twaalf clubs gespeeld. Overal heb ik vriendjes', antwoordt hij op de vraag wat zijn geheim is. Bovendien is het een kwestie van gunnen, meent hij. 'Het wordt in de voetbalwereld gewaardeerd hoe wij met spelers omgaan. Sommige jongens hebben twee, drie jaar de tijd nodig. Die tijd krijgen ze hier. Maar ze moeten wel écht willen. Anders sloop ik ze.'


Boogers, die samen met zijn vrouw een logistiek bedrijf runt, heeft een neus voor wat in de voetballerij 'spelers met een krasje' wordt genoemd. Bij FC Dordrecht bloeien ze opvallend vaak op. Zijn werkwijze is allesbehalve wetenschappelijk. 'Ik ben maar een paar uur per dag op de club. Urenlang vergaderen of functioneringsgesprekken, daar doen we hier niet aan. Als ik iemand tegenkom in de gang en er bevalt me iets niet dan zeg ik dat.'


Voor spelers is Boogers een strenge meester. Zo eentje die ze in het begin haten, maar in wie ze uiteindelijk een goede vriend vinden. Het grote voordeel van Boogers: hij was vroeger, als voetballer, zelf de grootste klier. Hem hou je niet voor de gek.


Ook met Yoëll van Nieff ging Boogers de strijd aan. FC Dordrecht huurt hem dit seizoen van FC Groningen. Daar staat Van Nieff te boek als een groot talent, maar het lukte hem niet het laatste stapje naar het eerste elftal te maken. Bij FC Dordrecht mag hij nu rijpen, een proces dat met vallen en opstaan gaat.


Na een veelbelovende start kende de Groninger de laatste tijd een lichte terugval. Hij verdween zelfs even uit de basis. Tijdens een invalbeurt bij Jong Ajax was hij zo gretig dat hij een onnodige gele kaart pakte. De volgende dag stuitte hij in de gang op Marco Boogers.


'Ik zei: 'Teringventje, wat wil je nou met je carrière? Dan zie je hem kijken. Veel van die jongens hebben mensen om zich heen die alleen maar met ze meelullen. Dat doe ik niet', zegt Boogers. Dan lachend: 'Maar hij pakt het aardig op moet ik zeggen.'


Tegen Eindhoven is Van Nieff de absolute uitblinker. Eerst krult hij, bij een 0-2-achterstand, de bal uit een vrije trap recht in de kruising, nadat hij vijf minuten eerder uit een zelfde situatie al de binnenkant van de paal had geraakt. Twintig minuten voor tijd, FC Eindhoven is dan alweer uitgelopen tot 1-3, schiet hij de bal opnieuw in de kruising, buiten het bereik van de doelman. Als FC Dordrecht in de slotminuut, bij een 3-3-stand, een strafschop krijgt, loopt Van Nieff zonder twijfel naar de penaltystip. Even later schiet hij onberispelijk binnen: 4-3. Daarna is het minstens tien minuten carnaval aan de Krommedijk.


Ook Boogers kan zijn geluk nauwelijks op. Iedereen die hem passeert, krijgt een knuffel. Keer op keer pakt hij zijn telefoon om naar teletekstpagina 830 te kijken. Het staat er écht: FC Dordrecht koploper. 'Eerst was het nog een sprookje', zegt hij. 'Dat is het nu niet meer. Het is realiteit.'


Of deze club klaar is voor de eredivisie? Boogers haalt zijn schouders op. 'Dat is mijn pakkie-an niet. We hebben een kleine organisatie. Maar overal kan gevoetbald worden. Zelfs in dit stadion.'


Dan komt het moment dat hij Van Nieff ziet ontbreken bij het uitlopen en volgt het tafereel in de mixed zone. Even later loopt de matchwinnaar moederziel alleen zijn rondjes in een verder leeg stadion. Alleen zijn familie zit nog op de hoofdtribune. Na elk rondje kijkt Van Nieff vragend naar de trainersstaf of hij al mag stoppen.


Als het eindelijk zo ver is, en de voetballer aanstalten maakt om naar zijn familie te gaan, fluistert Boogers in het oor van assistent-trainer Rody Hoegee: 'Wacht, laat hem nog heel even rekken. Anders gaat-ie naast zijn schoenen lopen. Hebben we de komende vier weken helemaal niets aan die jongen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden