Uit de klei

De vingerafdruk in de klei: dat is de charme van de animaties van de Britse studio Aardman. De zee uit de nieuwste film 'Pirates!' komt uit de computer.

Hij heeft er een weekeinde slecht van geslapen. Animator Gareth Love kwam er vrijdagmiddag achter dat hij net dat ene gebaartje had gemist. Ergens in het dagelijkse proces van poppen bewegen en foto's maken voor de film The Pirates! Band of Misfits, was het opeens verdwenen, merkte hij vrijdagmiddag. Love werkt bij de Britse animatiestudio Aardman, onder meer bekend van Wallace & Gromit en de speelfilm Chicken Run.


'Het ging om een emotionele scène, die zijn sowieso lastig: als je een subtiele beweging mist, wordt het opeens heel vlak.'


Het gaat misschien om een krappe seconde. Maar voor Love betekent dat een extra dag op Blood Island, de plek waar hij nu al bijna drie maanden verblijft. Dat wil zeggen: net als 28 andere animatoren stapt hij dagelijks een onooglijk blokkerig gebouw op een winderig bedrijventerrein in Bristol binnen. In de kelder volgt hij een wirwar van gangen om vervolgens achter een zwaar, zwart doek te verdwijnen. Daar ligt 'zijn' dorp, een stuk of acht manshoge huisjes aan een kade van een paar meter, die met een krankzinnig oog voor detail zijn vormgegeven.


Niet dat hij de minuscule aanplakbiljetjes nog ziet of nog glimlacht om de naam van de munitiewinkel (Napoleon Blownapart). Al zijn aandacht gaat naar de piratenkapitein, die nu met afhangende schouders en een trieste blik naar beneden staart.


Eerst het lijf goed. Dan de armen en handen. Het hoofd, de mond en het gebied rond de ogen. Zitten de oogleden op de juiste positie? Klopt alles zo? Dan kunnen de speciale lampen aan voor de lichteffecten.


Foto.


En opnieuw.


Met ingewikkelde camerabewegingen erbij zijn vierentwintig foto's nodig voor één seconde film - een animator doet daar gemiddeld een dag over. In zijn drie maanden tijd op Blood Island heeft Love dus een ruim minuutje van The Pirates! Band of Misfits gemaakt. Bij films als deze zit van het idee tot bioscoopexploitatie ongeveer vijf jaar.


Cijfers

Bij Aardman zijn ze dol op dit soort getallen. Voor de eerste speelfilm Chicken Run (2000) werd 7.000 kilo klei gebruikt, meldde de studio destijds. Bij de tweede film Wallace & Gromit in The Curse of the Were-Rabbit (2005) - met Aardmans twee bekendste figuren in de hoofdrol - werden 42 kleuren gebruikt en duizend babydoekjes om die van de vingers van de animatoren af te vegen. In deze derde poppenanimatiefilm liggen er 400 duizend gouden munten in koningin Victoria's schatkamer. Enzovoorts. Het enige cijfer dat angstvallig wordt vermeden, is van de filmbudgets - 'om geen verkeerde verwachtingen te scheppen', aldus een diplomatieke persvoorlichter.


Die cijfergekte is niet (alleen) trots of opschepperij. Het monnikenwerk achter de film is een van de geheimen van het succes van Aardman weet mede-oprichter en Pirates!-regisseur Peter Lord als geen ander. 'Ik hoor liever dat iemand onze animaties 'levendig' of 'karakteristiek' noemt dan gladjes. Het is zo belangrijk dat het publiek ziet dat onze films handgemaakt zijn, dat het in elk shot echte poppen zijn die worden bewogen door een mens. De klei waarmee ik zelf mijn allereerste personages kneedde, gebruiken we nog zelden. Deze man', Lord zwaait met een figuur van de kapitein, 'bestaat nog maar voor 3 procent uit klei. Dat we het nog gebruiken, is uit principe. Zodat je nog steeds de vingerafdrukken kunt zien.'


Siliconen

Dat de poppen tegenwoordig van makkelijker te verwerken materialen als foam, latex of siliconen zijn gemaakt, is niet het enige dat is veranderd sinds de oprichting in 1972. Ook bij Aardman heeft de computer zijn intrede gedaan en niet alleen in hun compleet computergeanimeerde speelfilm Flushed Away (2006). Bij Pirates! is het onder andere de zee die uit de computer komt. 'Het is veel en tegelijkertijd bijna niets', aldus Lord. 'Het merendeel van de shots heeft wel iets in zich dat met een computer is gemaakt. Maar het zijn kleine dingen. De vlammen op kaarsjes bijvoorbeeld - die kún je niet anders animeren. En we hebben een aantal massascènes waarbij de mensen op de achtergrond met een computer zijn gemaakt, om de simpele reden dat er op de hele wereld niet genoeg modellenmakers zijn om alle benodigde poppen te maken. Maar dan doen we wel eerst de klei-animaties van die scène, zodat de computerjongens dat kunnen kopiëren. Ze zijn daar heel gevoelig voor: het moet niet te perfect worden.'


Ook efficiënter: de ellenlange vergaderingen waarin Lord de animatoren vertelde wat hij wilde, zijn vervangen. Nu acteert hij het zelf voor, zodat de animatoren op een filmpje, shot voor shot, kunnen zien wat hij wil. Natuurlijk bekijkt hij een ruwe animatie voordat de camera echt draait - net als de lichttechnici en cameramensen - maar virtueel is Lord voortdurend op elke set aanwezig.


Mondstukjes

Zoals bij de Franse animator Julia Peguet, die even van haar gigantische piratenschip (44.569 losse onderdelen, 350 kilo) is afgestapt om de beweging op de monitor te checken. 'Byebye, een draai, lachen, lachen, mond dicht', analyseert ze hardop. Eitje. Ze heeft er maar drie door een 3D-printer uitgeprinte mondstukjes voor nodig - nog zo'n vernieuwing. Waar een animator bij eerdere films misschien tien tot vijftien minuten op zo'n mond zat te kneden en er tussen de animatoren onderling nog wel eens stijlverschillen te zien waren, moet ze nu een van de 250 verschillende opklikbare mondjes kiezen. En hoewel de animatoren nog steeds hun vingerafdruk op het gebied rond de ogen kunnen drukken - volgens poppenmaker Andrew Bloxham dé plek waar je gezichtsuitdrukkingen creëert - blijft dit een pijnpuntje. 'Doodzonde, vind ik', vertelt Peguet. 'Ik ben dol op het ouderwetse kneden. En op die manier krijg je ook altijd precies de mond die je wilt. Aan de andere kant is het uitdagend, omdat het je ook dwingt soms iets anders te verzinnen. En je hebt zoveel monden en snorren, die het hele beeld ook weer iets kunnen veranderen, dat er eigenlijk altijd wel een manier valt te bedenken om te krijgen wat je nodig hebt.'


Toch is Pirates! helemaal niet minder arbeidsintensief of minder moeilijk geworden dan de eerdere animatiefilms. Integendeel: nooit werden er zo veel voorwerpen gemaakt voor een Aardmanfilm (bijna 220 duizend) - van taxidermia in het huis van Darwin tot de miniflessen die een glasblazer uit Bristol maakte. Veel moest eruitzien alsof het honderd jaar onder een permanente invloed is geweest van wind, water en dronken piraten - net als de sets. Voor het gigantische piratenschip werden minutieuze bouwtekeningen gemaakt.


Personages

Lord: 'Als we aan het begin van de draaiperiode het schema doorlopen, zeggen we: oké, wat zijn de makkelijke shots? Die waren hier niet. Elke scène is lastig. En dat had vaak te maken met de schaal. Er zijn zo veel personages. En je moet ze allemaal animeren! Wallace & Gromit was wat dat betreft ideaal: die filmpjes bestaan vooral uit twee personages, in een kleine kamer. Dat soort scènes hebben we hier amper. We hebben enorme sets, met veel poppen. Neem bijvoorbeeld bij de Pirate of the Year- uitreiking: dan is er voortdurend een man of twintig publiek in beeld, die allemaal zwaaien, klappen en drinken.' Het is die scène die animator Ludovic Berardo net beeldje voor beeldje, seconde voor seconde heeft vastgelegd. Inmiddels is zijn theater zo goed als verlaten: voor de close-ups heeft hij niet meer dan vier poppen nodig. 'Blij? Ja, dit is wel veel makkelijker', zegt hij.


Smokkelen

Toch is hij het niet helemaal met Lord eens: al die wilde gebaren van het publiek maakten die verkiezingsscène nog niet eens het ingewikkeldst. Veel moeilijker wordt het als de groep ogenschijnlijk even niets doet - alleen af en toe bewegen, van standbeen wisselen. 'Juist met dat soort subtiele verschillen duurt het uren voordat je ze allemaal op dezelfde positie hebt.' Twintig personages in beeld zou je ook als voordeel kunnen zien. 'Dan kun je nog smokkelen: een kleine vergissing valt minder op.' Maar bij Aardman kunnen de animators van zoiets dagen lang niet slapen.


Animatiestudio Aardman wordt geroemd om de typische Britse humor in commercials, korte films en speelfilms. Maar met de trailer van The Pirates! Band of Misfits bleek dat er een bepaalde groep niet zo gecharmeerd was van de grappen van Peter Lord. In een scène enteren de piraten een boot, waarbij een van de opvarenden tegen de piratenkapitein zegt: 'Ik ben bang dat we geen goud hebben, beste man. Dit is een leprozenboot, kijk.' En dan valt zijn arm eraf. Een aantal patiëntenverenigingen tekende na de trailer protest aan, met als gevolg dat de scène geschrapt werd uit de uiteindelijke film. 'Uit respect en medeleven voor degenen die aan lepra lijden', aldus Aardman.


The red and the blue


(1974)


Deze Italiaanse cartoons over een opgewonden rood en een pesterig blauw stuk klei laten zien hoe expressief kleianimatie kan zijn: vormen veranderen, alsof je live iemand op de klei ziet inbeuken. Heel fantasievol.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden