'U moet de code van uw beltegoed intikken. Zal ik het even voor u doen?'

Beeld anp

Omdat ik op het station van Maastricht een kwartiertje overhad, liep ik de stationsboekhandel binnen en begon lusteloos te bladeren in de usual suspects: de nieuwe Dan Brown (van wie ik nog nooit iets heb gelezen) de nieuwe Griet Op de Beeck (van wie ik voor de rest van mijn leven genoeg heb gelezen), een zelfhulpboek waarin uitgelegd wordt hoe je gelukkig kunt worden als je maar volgens een bepaalde 'formule' leeft en de pas verschenen biografie van Jan Wolkers.

Die laatste wilde ik wel hebben. Jan Wolkers heeft op mij altijd een buitengewoon gelukkige indruk gemaakt; misschien kon ik postuum de kunst van hem afkijken, desnoods zonder formule.

Bij de kassa was een klant vóór mij, een kleine, leeftijdsloze vrouw met een hoofddoek rond haar tobberige gezicht geknoopt. Ze legde haar telefoon op de toonbank, plus een papiertje, en zei nors tegen de caissière: 'Niet goed.' De caissière, een gezellig dikke theemuts van 60 met een kapsel als een Brillo-sponsje, greep naar haar bril die aan een koordje rond haar vlezige nek hing en begon het papiertje te lezen. 'Dat is de code van uw beltegoed', zei ze. ' Die moet u intikken.' De vrouw schudde haar hoofd en herhaalde met klem: 'Níét goed.'

'Moet ik het even voor u doen?', vroeg de caissière glimlachend. De vrouw duwde haar telefoon een stukje in haar richting en knikte somber. 'Ik zal het proberen', zei de caissière vriendelijk. De vrouw met de hoofddoek haalde haar schouders op, wees op de telefoon en sprak ten overvloede nog eens: 'Niet goed.'

De caissière tuurde moeilijk op de telefoon en begon uiterst langzaam de cijfertjes in te tikken. Het waren er heel veel. Het duurde ontzettend lang. Op de stationsklok zag ik dat die trein inmiddels gearriveerd was. 'Zo, dat is gelukt', lachte de caissière eindelijk, en overhandigde de telefoon aan de vrouw. Die nam hem aan zonder een woord, klikte op een paar toetsjes, en begon, terwijl ze de winkel uitliep, in het Arabisch in haar telefoon te schreeuwen.

Perplex keek ik de caissière aan. Maar die bleef glimlachen en zei, met haar zachte Limburgse accent: 'Misschien met het verkeerde been uit bed gestapt, hè. Dat kan ons allemaal gebeuren, nietwaar? Heeft u een momentje, ik haal even koffie...', en ze sjokte naar achteren.

Ik had geen momentje, want die trein vertrok. Ik legde Jan Wolkers terug op de stapel en rende naar het perron. Nee, hoe Jan dat lange, gelukkige leven van hem ook geleid had; ik zou het vandaag in elk geval niet te weten komen.

Níét goed.

Reageren? s.witteman@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden