Column

'U klinkt vriendelijker dan u er in de krant uitziet', zei meneer X uit Heemstede'

Columnist Johan Fretz kreeg een brief met kritiek op zijn column over 50Plus. 'Kom, kom Fretzie, schei uit met afzeikerij en misschien is er nog een toekomst ook voor jou met een pensioenbedrag van 4.260 euro per maand.' Hij besloot meneer X van 85 jaar uit Heemstede op te bellen.

Fractievoorzitter Henk Krol tijdens de jaarlijkse algemene ledenvergadering van 50Plus in Media Plaza. Beeld anp

Mijn polemische column van twee weken geleden in deze krant is niet bij iedereen in de smaak gevallen. Nu zou ik dat achteloos naast me neer kunnen leggen, want je kunt nu eenmaal nooit iedereen behagen en dat zou ook geen streven moeten zijn. Om met Marco Borsato te spreken: 'Als kok kun je ook niet naar alle monden toe koken', maar ja: als een stuk zoveel felle voor- en medestanders oplevert, vind ik dat meestal wel aanleiding om over te gaan tot enige zelfreflectie.

Even ter herinnering: ik schreef dus over 50Plus en Gijs Koekenbier (69), de man die in tijden van crisis klaagt dat hij moet rondkomen van een pensioen van 4.000 euro netto in de maand. Hij had in een interview beteuterd verteld dat hij nog maar twee keer per jaar naar het Concertgebouw kan en minder wijn moet drinken.

Slachtofferschap
In mijn ogen was de column een felle aanklacht tegen het politieke opportunisme van Jan Nagel & zijn maten en tegen een specifieke groep ouderen die nog altijd in relatieve welvaart leeft en meent het alleenrecht te hebben op slachtofferschap. Het was geen aanklacht tegen alle ouderen.

Op Twitter kreeg ik veel bijval. Niet alleen van jongeren, ook van ouderen die een grote aversie voelden tegen de 50Plus-beweging. Maar er kwam ook veel kritiek op mijn column. Het zou pure demagogie zijn, ik zou me bezondigen aan doelbewuste polarisatie, een vorm van populisme, een goedkope manier om een hele groep die dit land heeft opgebouwd af te serveren als parasieten.

Het stak me dat de kritiek voornamelijk kwam van mensen die weer een generatie ouder zijn dan Gijs Koekenbier, mensen die de oorlog heel bewust hebben meegemaakt en erg betrokken zijn geweest bij de wederopbouw. Zeg maar: mensen die niet met een iPad backpackend op zoek konden naar zichzelf, zoals mijn generatie.

De column kwam op sommigen van hen over als de klaagzang van een verwende snotneus van 27 die vindt dat ouderen niet zo moeten zeuren.

Afzeikerij
Zo kreeg ik een brief van meneer X van 85 jaar uit Heemstede. Hij schreef dat ik vast niet eens wist hoe een fabriek er van binnen uitzag (klopt!) en dat ik van mensen als Gijs Koekenbier af moest blijven. Ik moest maar eens wat beter mijn best gaan doen om zelf wat te bereiken. Afsluiting: 'Kom, kom Fretzie, schei uit met afzeikerij en misschien is er nog een toekomst ook voor jou met een pensioenbedrag van 4.260 euro per maand. Aan de slag!'

Tja, wat doe je dan? Terugschrijven? Ik zag het telefoonnummer onder de mail staan en besloot meneer X uit Heemstede gewoon maar op te bellen. Ik herinnerde me een interview met Rutte, waarin de premier vertelde dat hij boze brievenschrijvers nog wel eens persoonlijk wil opbellen om ze hun verhaal te laten doen.

Toen meneer X hoorde dat hij de door hem vervloekte columnist aan de lijn had, was hij aangenaam verrast. Van enige vijandigheid was geen sprake meer. Wat bleek: zijn vader had ooit de fabriek geleid waar Gijs Koekenbier had gewerkt. Meneer X legde uit dat hij nogal eens schrok van het gemak waarmee ouderen worden afgedaan, terwijl zij in tegenstelling tot de jeugd hele moeilijke tijden hebben gekend.

Dat snapte ik. En meneer X op zijn beurt begreep bij nader inzien ook dat ik geen hele groep als uitvreters wilde wegzetten.

Toontje lager zingen?
'Ik vermoed aan uw stem te horen dat u een iets rijpere persoon bent, dan uw foto doet vermoeden. U klinkt vriendelijker dan u er in de krant uitziet. Wees u daar bewust van: zeker als u nog eens eerste minister wilt worden!' Dat was geloof ik aardig bedoeld.

Over Koekenbier werden we het niet eens, maar het was een mooi gesprek tussen twee mensen met een leeftijdsverschil van bijna zestig jaar. Over de perceptie van rijkdom, over het gevaar van partijen die zich op specifieke generaties richten en over excessieve zelfverrijking.
En nu dan? Moet ik voortaan maar een toontje lager zingen? Nou, ik had wellicht nog iets nadrukkelijker moeten opschrijven dat ik me verzette tegen 50Plus en haar achterban, niet tegen alle ouderen.

Maar ik sta nog steeds achter mijn polemiek. Soms leidt een fel stuk tot een waardevollere dialoog tussen (twee) mensen, dan een tekst die volstaat met hoopvolle kreten en zalvende klanken. Polemiek zonder betrokkenheid grenst wellicht aan botte onverschilligheid, maar in combinatie met werkelijke nieuwsgierigheid naar de reactie van de ander, kan het zeker bijdragen aan het publieke debat. De grootste schok voor mensen blijkt vaak te zijn dat je na het verkondigen van je felle mening überhaupt nog bereid bent ook naar hun kant van het verhaal te luisteren.

Johan Fretz is schrijver en cabaretier.

 
De kritiek kwam voornamelijk van mensen die niet met een iPad backpackend op zoek konden naar zichzelf, zoals mijn generatie
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden