U denkt links en stemt rechts

De kiezer is zoekende. Velen voelen zich niet meer thuis in Nederland. Door het toenemend aantal vreemdelingen of juist door de polarisatie. En hoe moet het met het eigen risico en de AOW-leeftijd? Tot de verkiezingen van maart laten de Volkskrant en de UvA drie keer uw stemgedrag peilen.

Beeld anp

1. Wat u belangrijk vindt

Kiezers zijn net politieke partijen: ze willen van alles doen, maar niets daarvoor laten. In de tot nu toe gepresenteerde verkiezingsprogramma's beloven partijen de ene na de andere gedetailleerde maatregel die geld kost. Waar dat geld vandaan moet komen, daarover zijn de programma's dan weer vaag of stil. Of ze potverteren blijkt nadat ze hun programma's hebben laten doorrekenen door het Centraal Planbureau (CPB).

Als je de kiezer vraagt hoe ze hun wensen denken te betalen, gaat het antwoord alle kanten op. Neem het afschaffen van het eigen risico of het weer terugbrengen van de AOW-leeftijd naar 65 jaar. De meeste kiezers willen dat, al kost het eigen risico naar nul 4 miljard euro. Maar gevraagd waar die miljarden vandaan moeten komen, lopen de antwoorden uiteen van 'belastingverhoging' en 'bezuinigen' tot 'premieverhoging'. Maar ook 'verlaging naar 100 euro' of 'inkomensafhankelijke zorgpremie'. Op dat onderwerp sneuvelde het huidige VVD/PvdA-kabinet in 2012 bijna na een week.

'De meeste steun krijgt het bezuinigen op andere beleidsterreinen dan de gezondheidszorg', zegt politicoloog Philip van Praag. Van de zorg kunnen politici beter afblijven. 'Liefst 92 procent van de Nederlandse kiezers noemt de zorg belangrijk of heel belangrijk. Geen enkel onderwerp scoort zo hoog.' Van Praag leidt tot de verkiezingen van maart volgend jaar het kiezersonderzoek van de Universiteit van Amsterdam en de Volkskrant.

Vooral mensen die van plan zijn op VVD en D66 te stemmen, willen het eigen risico niet afschaffen. Zij willen, net als GroenLinks-kiezers, evenmin de verhoging van de AOW-leeftijd terugdraaien. Tweederde van de aanhang van SP en 50Plus wil dat wel en dat, net als de PVV, betalen uit het verhogen van AOW-premie voor werkenden.

Waardering voor het beleid dat de afgelopen vier jaar is gevoerd, hebben de kiezers nauwelijks. Ze geven Rutte II rapportcijfers van 5,5 voor het presteren op het gebied van veiligheid tot een 4,3 voor het vluchtelingenbeleid. 'Opmerkelijk is dat de kiezer vluchtelingen en integratie van vreemdelingen als de twee minst belangrijke onderwerpen ziet', stelt Van Praag vast. 'Terwijl hierover een stevig, soms ruw debat is gevoerd in de samenleving.'

'Liefst 92 procent van de Nederlandse kiezers noemt de zorg belangrijk of heel belangrijk. Geen enkel onderwerp scoort zo hoog.' Beeld Dirk Gillissen

Het onderzoek laat zien dat dat tot veel onbehagen heeft geleid. 'Ruim eenderde van de respondenten zegt zich minder thuis te voelen in Nederland. De helft daarvan vooral PVV-kiezers noemt het groeiend aantal buitenlanders als oorzaak, dat is bijna eenvijfde van de bevolking. De andere helft is gespreid over de andere partijen en voelt zich juist ongemakkelijk door de groeiende intolerantie en tegenstellingen.'

Onderzoekshoofd van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) Paul Dekker niet betrokken bij het Volkskrant-onderzoek ziet overeenkomsten met het Continu Onderzoek Burgerperspectieven van het SCP. De lage 'score' van het onderwerp vluchtelingen valt Dekker op. 'Dat is weliswaar minder belangrijk aan het worden, maar het onderwerp staat nog altijd heel hoog.'

Tekst loopt door onder graphic.

Beeld de Volkskrant

2. Links verliest veel terrein

Veel van de thema's die kiezers belangrijk vinden, zijn bij uitstek sociaal-economische onderwerpen waarmee traditionele linkse partijen zoals PvdA, SP en GroenLinks vaak scoren. Toch staat links er slecht voor. Het gepeilde verlies van de PvdA levert partijen als SP, GroenLinks en D66 niet of nauwelijks winst op. Samen staan de partijen links van het midden op 55 à 60 zetels. 'Een historisch dieptepunt als dat op 15 maart de uitslag is', zegt politicoloog Van Praag. Links, inclusief D66, had nooit een meerderheid maar wel vaak tegen de 70 zetels.

Het aantal kiezers dat zichzelf als links beschouwt, is duidelijke afgenomen, maar 'oude' middenpartijen als het CDA en D66 profiteren daar weinig van. Kiezers plaatsen zichzelf in 2016 veel meer in het politieke midden dan in het verleden. Gevraagd naar hun stemgedrag komt maar één op de vijf 'middenmensen' uit bij D66 of een progressieve partij. Een 'nieuwe' middenpartij als 50Plus doet het ook goed in deze groep.

Veel minder dan in 2012 geven kiezers nu aan een stem op een linkse partij te overwegen. Dat linkse samenwerking een rechts kabinet kan blokkeren, zoals GroenLinks-lijsttrekker Jesse Klaver zegt, vindt Van Praag weinig geloofwaardig.

Kiezer is overwegend van plan rechts te stemmen

Links, rechts, midden, de kiezer is lastig in een hokje te plaatsen, blijkt uit opinieonderzoek in opdracht van de Volkskrant. Wanneer de vraag is waar de kiezer zichzelf positioneert, links of rechts, dan is sinds 2002 steeds vaker het antwoord: in het midden. Tegelijk vindt die kiezer die onderwerpen belangrijk waar links zich de afgelopen decennia mee heeft geafficheerd - werkgelegenheid, inkomensbeleid, sociale zekerheid. Als tenslotte de vraag is wat de kiezer van plan is te stemmen, dan zijn dat overwegend rechtse partijen. Lees hier het volledige artikel.

Oude tegenstelling

Veel kiezers herkennen zich al met al niet goed meer in de links-rechts-tegenstelling, blijkt uit het kiezersonderzoek. Veel nieuwe partijen passen niet in die traditionele verdeling. 'De PVV is op sociaal-economisch terrein vaak links. De PVV-kiezer ziet zichzelf dan weer als gematigd rechts, maar minder rechts dan de VVD-kiezer zichzelf ziet.'

'Dat hoeft niet per se een tegenstelling te zijn', stelt SCP-onderzoeker Paul Dekker. De termen links en rechts hebben voor de kiezer ook andere betekenissen dan sociaal-economische, blijkt uit SCP-onderzoek. 'Wie zichzelf links noemt, vindt zichzelf libertair en seculier, rechts is ook confessioneel en gezagsgetrouw.'

Tekst loopt door onder graphic.

Dat linkse samenwerking een rechts kabinet kan blokkeren, zoals GroenLinks-lijsttrekker Jesse Klaver zegt, vindt Van Praag weinig geloofwaardig. Beeld anp
Beeld de Volkskrant

3. Samsom-Asscher-Rutte

In PvdA-leider Diederik Samsom zien nu nog minder mensen een minister-president dan in 2012. Nu heeft 19 procent van alle kiezers vertrouwen in Samsom als premier. In mei 2012, toen SP-leider Roemer namens links op het premierschap leek af te stevenen, zag 27 procent van de kiezers in Samsom een betrouwbare minister-president. In de campagne is dat daarna verder gestegen.

'Het vertrouwen in politici is niet onbelangrijk', legt Van Praag uit. 'Twijfelt een kiezer tussen twee partijen, bijvoorbeeld VVD en PVV, dan geeft ruim de helft van de kiezers aan dat het vertrouwen in de lijsttrekker doorslaggevend is.'

Vicepremier Lodewijk Asscher is de tegenstrever van Samsom om het PvdA-leiderschap. Asscher geniet aanzienlijk meer vertrouwen dan Samsom onder alle kiezers, zowel van de PvdA als van de electorale concurrenten. 'Media signaleren dat er geen inhoudelijk verschil is tussen Samsom en Asscher. Dan is juist het verschil in vertrouwen hoogst relevant voor kiezers die de PvdA overwegen.'

Tekst loopt door onder graphic.

Betrouwbaarheid blijft de doorslaggevende factor van een staatsman. Beeld anp
Beeld de Volkskrant

Rutte

Wat vertrouwen betreft doet Asscher niet veel onder voor de huidige minister-president Mark Rutte. 'Premier Asscher' wordt door 35 procent van de kiezers vertrouwd, bij Rutte is dat 41 procent. 'Dat is voor een zittende premier vrij laag. Dat weten we omdat we al meer dan twintig jaar daarnaar vragen.' Nadat hun kabinetten waren gevallen, boezemden Rutte (2012) en CDA-premier Jan-Peter Balkenende (2006) meer vertrouwen in dan Rutte nu. Die percentages van respectievelijk 47 en 51 procent staan dan weer in de schaduw van het grote vertrouwen dat premiers als Wim Kok (PvdA) en Ruud Lubbers (CDA) genoten, dat liep soms op tot 80 procent. 'Het vertrouwen in Rutte wordt overschat. Nu wil 23 procent van de kiezers hem terug als premier. In mei 2012 was dat 35 procent.'

Verantwoording

Dit onderzoek is in opdracht van de Volkskrant en de Universiteit van Amsterdam uitgevoerd door Kantar Nipo onder leiding van Philip van Praag van de afdeling politicologie. Tussen 12 en 20 oktober werden 2.144 kiezers ondervraagd. Deze groep is in verhouding met ander opinieonderzoek groot om de onderzoeksresultaten geschikt te maken voor toekomstige wetenschappelijke publicaties. De 2.144 vormen een steekproef uit een database van 159 duizend respondenten waarbij het criterium is dat de steekproef een verantwoorde dwarsdoorsnede van de bevolking is. Voor Kantar Nipo werkten Tim de Beer en Koen de Groot mee aan dit onderzoek. Eind januari en vlak voor de verkiezingen op 15 maart 2017 wordt hetzelfde onderzoek herhaald met dezelfde respondenten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.