Twitter en Facebook openen luiken van elitaire diplomaat

Een paar uur nadat het nieuws over een schietpartij in de Keniaanse hoofdstad Nairobi op zaterdagochtend naar buiten kwamen, twitterde de Nederlandse ambassadeur Joost Reintjes in Kenia het noodnummer rond waar Nederlanders met vragen terecht konden. In de uren en dagen die volgden, bleef hij verontruste landgenoten via het moderne medium informeren. Een jaar geleden was dit nog ondenkbaar, maar inmiddels is het steeds normaler.

De Facebookpagina van minister Timmermans Foto screenshot

In een poging de diplomatie te moderniseren, heeft minister Timmermans van Buitenlandse Zaken bij zijn aantreden vorig jaar zijn diplomaten aangemoedigd om op sociale media te vertellen over hun werk. Gevolg: het diplomatieke corps is nog meer dan voorheen aan het twitteren en facebooken geslagen. Diplomaten duiken vervolgens op bij het Radio 1 Journaal, in kranten en soms zelfs in talkshows. Hiermee gaan de luiken alweer een stukje verder open bij het ooit zo ondoorgrondelijke bastion van het ministerie van Buitenlandse Zaken.

Hoewel een nulmeting ontbreekt, waardoor exacte groeicijfers onbekend zijn, en hoewel het gemiddeld aantal fans misschien niet hoog is - circa 650 volgers per twitterende diplomaat en circa 1.600 fans per Facebookaccount - is de stijgende lijn onmiskenbaar.

Angst om op de vingers getikt te worden
De angst bij diplomaten om op de vingers getikt te worden is langzaam aan het verdwijnen nadat de Nederlandse ambassadeur in Zuid-Afrika, André Haspels, begin vorig jaar nog door toenmalig minister Rosenthal (VVD) werd aangesproken op een verwijzing op Facebook, zo vertellen diplomaten en andere betrokkenen. Haspels verwees op zijn privé-account naar een pagina van Nederland Bekent Kleur, getiteld: 'Geen regering met steun van de PVV.' Rosenthal vond dat de ambassadeur 'zich moest onthouden van een persoonlijk politiek oordeel'. De publieke terechtwijzing temperde destijds het toch al broze enthousiasme van diplomaten om zich actief te uiten op internet.

Opvolger minister Timmermans voert een tegenovergesteld communicatiebeleid. Als een diplomaat per abuis 'in de fout gaat' op sociale media, zal hij worden gesteund door de hoogste bewindspersoon, zo heeft Timmermans zelf verklaard. De koerswijziging lijkt succesvol, want steeds meer diplomaten worden over de streep getrokken. Paul Frank (46), sinds twee jaar online-strateeg van Buitenlandse Zaken, heeft inmiddels wekelijks een diplomaat aan zijn bureau staan die zegt: 'Volgens mij moet ik twitteren van mijn baas, maar hoe moet dat eigenlijk?'

De populairste Buitenlandse Zaken-medewerkers op Facebook zijn de bewindspersonen zelf. Dat helpt mee. Timmermans' pagina heeft ruim 20 duizend fans en minister Ploumen van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking heeft er ruim 3.400. De Nederlandse ambassade in Turkije scoort het hoogst met ruim 24 duizend geïnteresseerden op Facebook. Het populairste diplomatieke Twitteraccount is ook niet van een persoon, maar wordt ingenomen door de ambassade in Washington (6.300 volgers op @NLintheUSA).

 
Volgens mij moet ik twitteren van mijn baas, maar hoe moet dat eigenlijk?

Opvallend: de populairste individuele diplomaat op Twitter is geen prominent, maar de relatief onbekende Alexander Verbeek (ruim 7.000 volgers op @Alex_Verbeek). Deze strategische beleidsmedewerker 'global issues' twittert pas sinds een jaar en laat het ministerie van Buitenlandse zaken (@minbuza) met 5.800 volgers ruim achter zich. Op de vierde plaats staat oud-minister van landbouw @GerdaVerburg (CDA), die inmiddels permanent diplomatiek vertegenwoordiger van Nederland is bij de Wereldvoedselorganisatie FAO in Rome (ruim 5.200 volgers). Huidig secretaris-generaal René Jones Bos staat op plek vijf met ruim 2.800 fans op @RJonesBos.

Ze gaan ook in op reacties
Het geheim van Alex Verbeek en alle andere populaire diplomaten op sociale media? Ze doen aan wederkerigheid: ze staan er dus voor open om niet alleen informatie de wereld in te slingeren ('zenden'), maar gaan ook in op reacties en sturen soms interessante berichten door van anderen (retweet). 'Ik beantwoord heel veel mensen', zegt Verbeek. 'Ze volgen mij, maar ik volg hen ook. Er is interactie. Je krijgt daardoor een soort gemeenschap van mensen die interesse hebben in dezelfde onderwerpen.'

 
De populairste individuele diplomaat op Twitter is geen prominent, maar de relatief onbekende Alexander Verbeek

Wat ook helpt: de populaire diplomaten geven soms een 'persoonlijke noot' mee in het bericht dat ze plaatsten. Zo meldt Timmermans op Facebook regelmatig naar welke muziek hij luistert of hoezeer de situatie in Syrië hem raakt. Verbeek combineert serieuze zaken soms expres met luchtigheid. 'Ik meld bijvoorbeeld dat ik op weg ben met het vliegtuig naar Genève voor een waterconferentie en plaats een serieuze link waar mensen meer kunnen lezen over het onderwerp.' Verbeek erkent: 'Er gaat veel tijd in zitten. Je bouwt een netwerk niet zomaar op.'

Sommige ambassades slagen er aardig in om sociale media in te zetten voor duidelijk diplomatieke doeleinden. Zo promoot de Nederlandse ambassade in Kabul op Facebook vaak culturele activiteiten en probeert het een positiever beeld van het door oorlog verscheurde land te schetsen.

Diplomaten in Zimbabwe hebben de virtuele ambassadekat 'professor Lovemore' bedacht om de aandacht te vestigen op gevoelige onderwerpen in het land, zoals de vrijheid van meningsuiting of dure reizen van president Mugabe. De kat loopt zogenaamd door het ambassadegebouw, luistert diplomaten af, leest kranten en vindt daar wat van op Facebook. De kritische kat is momenteel even 'met verlof', maar keert binnenkort terug op het web.

'Belangrijk om een netwerk op te bouwen'
Waar al dat getwitter en facebooken goed voor is? 'Je kunt niet meer ontkennen dat internet een factor van belang is geworden voor diplomaten om een netwerk op te bouwen', online-strateeg van Paul Frank. 'Het gaat er niet per se om dat een ambassadeur op Twitter zit, maar om de oprechte wil om een netwerk op te bouwen waar je voorheen nauwelijks toegang tot had.'

Sociale media zijn een instrument voor de diplomaat geworden om te weten wat er speelt in het gastland of op het departement waar hij werkt, vindt ook Verbeek, die zelf in Den Haag werkt. 'Je kunt er luisteren, maar ook discussies aangaan. Ik zou niet meer zonder kunnen. Voor mij is communiceren via Twitter een geïntegreerd onderdeel van diplomatie geworden.'

Omgekeerd zijn sociale media voor burgers een laagdrempelige manier om contact te leggen. Frank: 'Voorheen kwam je niet zomaar met een ambassadeur in contact. Dat voelde voor burgers echt als een andere, elitaire wereld. Nu staan de luiken open.'

Diplomaten volgen? Buitenlandse Zaken laceerde gisteren de website socialemediagidsbz.nl, waarop alle links naar diplomaten en diplomatieke afdelingen op sociale media te vinden zijn. Nederlanders zonder sociale media kunnen in geval van een calamiteit in het buitenland bereikt worden via sms of e-mail. Daarvoor moeten ze zich registreren bij de desbetreffende ambassade.

 
De verzonnen kat loopt zogenaamd door het ambassadegebouw in Zimbabwe, luistert diplomaten af, leest kranten en vindt daar wat van op Facebook.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.