analyse Prorail

Twintig tot dertig nieuwe treinstations? Zo makkelijk gaat dat niet

Nieuw station Lansingerland Zoetermeer. Beeld Raymond Rutting

Grote opwinding woensdag als ProRail meldt dat er de komende negen jaar liefst twintig tot dertig stations bijkomen. Maar dat ligt in de praktijk anders én ingewikkelder.

Tot 2028 komen er in Nederland twintig tot dertig treinstations bij, zong het woensdag rond in de media nadat De Telegraaf dat op gezag van spoornetbeheerder ProRail had gemeld. De krant drukte een landkaartje af met daarop 26 locaties waar stations zouden moeten verrijzen. Van Duurkenakker in Groningen tot Maastricht Noord in de staart van Zuid-Limburg. In menig stads- en provinciehuis zullen de champagnekurken tegen de plafonds zijn gevlogen.

Wilt u dit verhaal liever beluisteren? Hieronder staat de door Blendle voorgelezen versie.

Niet zo snel, liet ProRail daarop weten. Het zijn in veel gevallen slechts plannen, vaak heel vaag en niet eens van ons.

De lijst met nieuw te bouwen stations blijkt al vijf jaar oud. Hij bevat niet meer dan een inventarisatie door ProRail en de Nederlandse Spoorwegen van alle voorstellen, wensen en proefballonnetjes die tot dan vooral door lokale en regionale overheden waren gepresenteerd. De vorige staatssecretaris verantwoordelijk voor het spoor, Wilma Mansveld, stuurde die opsomming in 2014 naar de Tweede Kamer.

Op De Telegraaf-kaart staat Lansingerland als mogelijke toekomstige bestemming voor treinen. Maar de NS rijdt daar al sinds vorig jaar december naar toe. ‘De officiële feestelijke opening moet nog gebeuren’, zegt een woordvoerder van ProRail, ‘maar het station is inderdaad al in gebruik.’

Het nooit afgebouwde treinstation bij Lelystad-Zuid. Beeld Raymond Rutting

Te weinig reizigers

59 stations staan op de lijst van 2014, en van twintig werd toen vastgesteld dat ze voor 2028 reizigers zouden kunnen verwelkomen. Maar zelfs onder deze twintig ‘snel’ te realiseren stations bevonden zich halteplaatsen waarvan nog lang niet was onderzocht of ze technisch en planmatig haalbaar waren, of economisch rendabel. Van een station als Eindhoven Airport werd geconstateerd dat ‘de vervoerwaarde uit de omgeving vooralsnog onvoldoende is voor een rendabele bediening’. Lees: te weinig reizigers.

Een ander station dat een vliegveld zou moeten bedienen – Lelystad Airport – staat er al, deels en onder een andere naam. Lelystad Zuid werd in 1988 bij de aanleg van de Flevolijn van Weesp naar Lelystad Centrum als casco opgeleverd, met het oog op de toekomst. Maar omdat Lelystad minder hard groeide dan was voorzien, is het station nooit afgebouwd. Sterker nog: in 2016 kreeg een aannemer de opdracht om de trappen en de hellingbaan te slopen, zodat jongeren het betonnen karkas niet langer als hangplek zouden gebruiken. Lelystad moet eerst ook nog afwachten of het volgend jaar een filiaal van Schiphol voor vakantievluchten mag worden.

Betekent dit dat de Friezen station Leeuwarden Wepsterhoek op hun buik kunnen schrijven? En Overijssel zijn Staphorst? De provincie Utrecht halte Majella? Zuid-Holland Leerdam-Broekgraaf?

Dat hangt van een reeks van factoren af, stelt ProRail. De NS of een andere vervoerder moet brood zien in de bestemming. Een station moet technisch op het spoornet aan te sluiten zijn, en dan nog passen in de dienstregeling. ‘Verder zullen de rijksoverheid, provincies, regiobesturen en gemeenten met een dekkende financiering moeten komen’, aldus de zegsman van de spoorbeheerder. Wij hebben dat geld voor nieuwe stations niet.’

Een nieuw station bouwen kost al snel 20- tot 30 miljoen euro voor twee perrons met een overkapping, tot 70 miljoen euro voor een iets luxere uitvoering. De 3,5 miljard euro die ProRail voor de komende tien jaar op zijn begroting heeft staan, is daar niet voor bedoeld. Dat geld gaat grotendeels op aan het onderhoud, de uitbreiding en de verbetering van de ruim 400 bestaande stations in Nederland. Die krijgen meer liften, hellingbanen, beveiligingscamera’s, toiletten en zelfs stallingen waar robots de fiets van de forens wegzetten.

Een troost: de regionale stations krijgen de komende tien jaar de meeste aandacht. ‘60 procent van de reizigers stapt in de regio op de trein’, aldus ProRail. ‘Ook op die stations willen we het aangenamer maken.’

Volle trein? Perronbord NS wijst forens naar zitplaats

Reizigers die op Utrecht Centraal de Intercity pakken richting Den Bosch en verder maken de komende zes weken meer kans om een zitplaats te vinden. De NS gaat bij wijze van proef op de elektronische vertrekborden boven het perron aangeven in welk rijtuig nog stoelen vrij zijn. Met kleuren van wit voor leeg via groen naar oranje voor vol. Waar die rijtuigen halt houden, wordt aangegeven met letters, die corresponderen met letterbordjes die ook op het station hangen.

‘Die letterborden werden eigenlijk alleen nog gebruikt voor internationale treinen, om reizigers snel naar hun gereserveerde zitplaats te dirigeren’, aldus een zegsman van de NS. ‘Maar we kunnen nu ze ook gebruiken om aan te geven hoe lang een trein is en hoe vol een rijtuig zit.’ De spoorwegen introduceerden precies een jaar geleden ook al een zitplaatsindicator in hun smartphone-app.

De proef tot half juni blijft voorlopig beperkt tot perron 18 van Utrecht CS, het vaste vertrekpunt voor de Intercity richting Den Bosch. Daar kampt de NS het meest met ‘scheve treinen’, met rijtuigen die uitpuilen of juist nog volop plek hebben. Treinreizigers hebben de neiging om veelal op dezelfde plek in te stappen. Vaak is dat bij de roltrappen. Daardoor zit bijvoorbeeld het achtste rijtuig van de 17.24 uur naar Den Bosch vaak afgeladen, met 58 procent ‘overbezetting’, terwijl in het tweede en derde rijtuig liefst tweederde van de stoelen nog beschikbaar is.

De borden boven perron 18 geven niet alleen een zitplaatsindicatie, maar tonen ook een timer die tien seconden aftelt voor de conducteur op zijn fluitje blaast en reizigers worden geacht niet meer in te stappen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.