Twijfels over dna, gsm en datum

'In 15 jaar tijd is dit de eerste keer dat ik iets positiefs van de overheid hoor', zegt Ernest Louwes, nadat maandag werd besloten de Deventer moordzaak te herzien. Hij zegt onschuldig te zijn.

AMSTERDAM - De Deventer moordzaak wordt opnieuw onder de loep genomen. Advocaat-generaal Diederik Aben besloot maandag dat er nader onderzoek komt naar mogelijke nieuwe feiten. Daarmee lijkt een eerste stap gezet in de richting van heropening van de zaak, die is uitgegroeid tot een van de meest omstreden strafzaken in de Nederlandse geschiedenis.


Op 9 februari 2004 werd belastingadviseur Ernest Louwes veroordeeld tot 12 jaar cel voor de moord op zijn cliënte, Jacqueline Wittenberg. Hij zou haar op 23 september 1999 met messteken en verwurging in Deventer hebben vermoord. De zaak kreeg in de loop der jaren veel publiciteit, mede doordat opiniepeiler Maurice de Hond bleef hameren op vermeende fouten in het strafrechtelijk onderzoek. Louwes heeft zijn straf uitgezeten en vecht nu voor eerherstel.


Vorig jaar dienden de advocaten Geert-Jan Knoops en Paul Acda namens Louwes een herzieningsverzoek in. Dat was mogelijk vanwege de in 2012 aangenomen Wet herziening ten voordele, waarin de gronden voor een herziening zijn verruimd. Zo kunnen nu ook gewijzigde inzichten van deskundigen een novum (nieuw feit) opleveren, dat als startsein kan dienen voor een herziening.


De beslissing van de advocaat-generaal komt voor Louwes als een opluchting. 'Ik weet dat er nog een lange weg is te gaan. Maar in 15 jaar tijd is dit de eerste keer dat ik iets positiefs van de overheid hoor. Nu kunnen we verder met het aantonen van mijn onschuld.' De advocaat-generaal vindt op drie punten nader onderzoek noodzakelijk:

1. biologische sporen

Waar de rechter van uitging bij de veroordeling: De locatie en hoeveel celmateriaal van Louwes op de blouse van Wittenberg passen volgens het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) bij het scenario dat het celmateriaal tijdens geweldpleging is overgebracht.


Mogelijke nieuwe feiten: Contra-experts twijfelen aan het scenario van het NFI. Ze zeggen dat het NFI uitging van veel te grote hoeveelheden dna, als gevolg van een foutieve berekening. De werkelijke hoeveelheid zou duiden op vreedzaam contact, zoals bij handen schudden.


Vervolgstappen: De scenario's worden 'ter becommentariëring' nogmaals voorgelegd aan het NFI met de vraag of er sprake is van voortschrijdend inzicht van de wetenschap. Geert-Jan Knoops, de advocaat van Louwes, is daar niet gelukkig mee. Volgens hem is het NFI inmiddels partij geworden in de zaak. 'Ze zijn niet onafhankelijk meer. Er is een risico dat ze er niet meer met een frisse blik naar kunnen kijken. Daarom hebben we er bij de Hoge Raad op aangedrongen dat een onafhankelijke derde deskundige de zaak bekijkt.' Of het zover komt beslist de advocaat-generaal na de reactie van het NFI.

2. het gsm-verkeer

Waar de rechter van uitging bij de veroordeling: Een ding staat vast: op de vermeende dag van de moord straalde de telefoon van Louwes een telefoonmast in Deventer aan, de plaats waar de weduwe werd vermoord. Maar waar bevond hij zich tijdens dat telefoontje? Een expert verklaarde aan de rechter dat er 'vele honderden' telefoonmasten stonden langs de route die Louwes reed. Met zoveel masten kan iemands locatie goed worden bepaald wat het destijds voor de rechter aannemelijk maakte dat hij in Deventer was.


Mogelijke nieuwe feiten: De veronderstelling dat er vele honderden zendmasten langs de route van Louwes stonden blijkt 'verre van correct'. Het zijn er veel minder, waardoor de verklaring van Louwes dat hij belde toen hij zich tussen Harderwijk en 't Harde bevond ineens wel mogelijk is.


Nader onderzoek: Deskundigen moeten onderzoeken hoe waarschijnlijk de verklaring van Louwes is over de plek waar hij destijds de weduwe belde.

3. tijdstip van overlijden

Waar de rechter van uitging bij de veroordeling: Uit de lijkschouwing zou blijken dat mevrouw Wittenberg was vermoord op de avond van 23 september 1999.


Mogelijke nieuwe feiten: Vijf forensisch artsen en een chemicus constateren op basis van foto's en onderzoeksverslagen dat 'de paarsblauwe, in geringe mate wegdrukbare lijkvlekken' op het lichaam 'niet verenigbaar' zijn met de veronderstelde moorddatum. De moord zou later zijn gepleegd. In dat geval zou Louwes een alibi hebben.


Nader onderzoek moet uitwijzen hoe nauwkeurig het tijdstip van overlijden in 1999 is vastgesteld? En kan dat, met de wetenschap van nu, alsnog worden gecorrigeerd? Een patholoog-anatoom moet daarover uitsluitsel geven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden