Nieuws

Twijfel bij planbureau of klimaat- en stikstofdoelen komend kabinet wel haalbaar zijn: ‘te vrijblijvend’

Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) plaatst grote vraagtekens bij de haalbaarheid van de beleidsdoelen voor stikstof, klimaat en woningbouw in het nieuwe coalitieakkoord.

Yvonne Hofs
Boeren bieden half december de directie van Schiphol een voorlopig koopcontract aan. Zo benadrukken zij dat zij voor het stikstofprobleem ook andere oplossingen zien dan het uitkopen van boerenbedrijven.  Beeld ANP
Boeren bieden half december de directie van Schiphol een voorlopig koopcontract aan. Zo benadrukken zij dat zij voor het stikstofprobleem ook andere oplossingen zien dan het uitkopen van boerenbedrijven.Beeld ANP

De maatregelen waarmee het volgende kabinet de klimaat- en stikstofdoelen wil bereiken zijn te zeer gebaseerd op vrijwilligheid. Daarvoor waarschuwt het PBL na bestudering van de plannen. Bovendien lijken de ambitieuze reductiedoelen voor de uitstoot van stikstof en broeikasgassen in 2030 niet realistisch, aangezien veel beleid de komende jaren nog uitgewerkt moet worden.

Het PBL heeft de stikstof-, klimaat- en woningbouwplannen van de aanstaande coalitie nog niet doorgerekend. Daarvoor is het coalitieakkoord niet gedetailleerd genoeg. Desondanks geeft het instituut een schot voor de boeg, opdat het kabinet kan bijsturen voor het begint met de invoering. ‘De tijd die nodig is voor de uitwerking van het coalitieakkoord in concreet beleid en de uitvoering daarvan, staat op gespannen voet met het tijdig realiseren van de ambities uit het akkoord’, schrijft het PBL.

Niet per se effectief

Het aangescherpte klimaatdoel van 55 procent broeikasgasreductie in 2030 ‘grenst aan wat praktisch maximaal te realiseren is’, stelt het PBL. Dat komt niet alleen doordat het jaar 2030 al over negen jaar eindigt, maar ook doordat het aanstaande kabinet voor een groot deel bouwt op vrijwillige medewerking van onder andere boeren en industrie. ‘Daardoor ontstaat het risico dat veranderingen te traag van de grond komen om al in 2030 resultaat te laten zien’, schrijft het PBL. Het kabinet moet er rekening mee houden dat het uitwerken en implementeren van nieuw beleid doorgaans jaren duurt. Het voorgenomen beleid zal dus sowieso pas over een aantal jaren vruchten afwerpen.

Het regeerakkoord bevat te weinig robuuste maatregelen om het gestelde klimaatdoel te halen, oppert het PBL. ‘Aannemelijk is dat er voor verschillende sectoren aanvullende, eerdere of minder vrijblijvende beleidsinitia-tieven zullen moeten worden uitgewerkt naast de in het akkoord genoemde.’

Het PBL merkt ook op dat het aanstellen van drie nieuwe ministers voor de crisisdossiers woningmarkt, klimaat en stikstof niet per se effectief is. Als die nieuwe ministers onvoldoende budget en ambtelijke capaciteit krijgen, of te weinig doorzettingsmacht en andere bevoegdheden, heeft het creëren van nieuwe ministersposten weinig zin.

Een ander kritiekpunt is dat de coalitie te veel leunt op het subsidie-instrument. Dat kan leiden tot geldverspilling (free rider-gedrag, de overheid subsidieert dan investeringen die bedrijven anders ook wel gedaan zouden hebben) en oneerlijkheid (als laatkomers buiten hun schuld de hond in de subsidiepot vinden). Het PBL adviseert het kabinet dan ook om meer maatregelen in te zetten die prijsprikkels geven en om wettelijke sancties in te voeren als stok achter de deur voor partijen die zich niet aan de gemaakte afspraken houden.

Ondoelmatige uitgaven

Het subsidiëren van veeboeren die hun stallen willen verduurzamen brengt verspillingsrisico’s met zich mee. Het is weggegooid geld als na jaren blijkt dat die veehouders vanwege grote belasting voor nabije natuurgebieden alsnog moeten omschakelen, verhuizen of stoppen. Voor zulk ‘uitstel van executie’-beleid waarschuwde het PBL eerder dit jaar al in een ander rapport.

Tot slot waarschuwt het planbureau voor ondoelmatige uitgaven. Zo drijven subsidies op de woningmarkt mogelijk slechts de prijzen op. ‘Voor sommige onderdelen uit het coalitieakkoord zien we het risico dat middelen minder doelmatig worden besteed. Onder de huidige omstandigheden, met tekorten aan personeel en materiaal, kan de bouwsector niet op korte termijn veel meer woningen bouwen. Zo kan geld voor het bouwen van extra woningen weglekken naar de bouwsector terwijl er wellicht andere, maar niet meer woningen worden gebouwd. Ook is de kans aanwezig dat de middelen die de overheid investeert uiteindelijk hogere grondprijzen tot gevolg hebben.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden