Tweed met een twist

Hij verwerkte als eerste bloemetjes in een herenoverhemd en vrolijkt zijn ontwerpen op met streep en nop. Nu ook in de PC: modeontwerper Paul Smith.

Er zijn wat schandvlekken - sandalen met sokken, typisch Britse uitvinding - maar verder zijn de Engelsen goed in mode. Dat schreef Claudia Croft, chef mode van het Sunday Times Style Magazine, vorige week in een tevreden artikel in The Sunday Times. 'We koesteren onze flamboyante excentriekelingen en eren rebellen zoals David Bowie. We Brits are good at fashion, we really are.'


Het ontbreekt de Engelsen niet aan zelfvertrouwen. In het jaar van de Olympische Spelen en het koninginnejubileum wordt ook Engels design geëerd. In het Victoria and Albert Museum is een tentoonstelling over Brits design van 1948 tot 2012, en tegelijk eentje over Engelse baljurken. Plus de Royal Mail heeft deze week een serie postzegels uitgegeven met kledingstukken van bekende modeontwerpers. Zegels met de zwarte, eendenverenjurk uit de Horn of plenty-collectie van Alexander McQueen, een kort jurkje in Schotse ruit van Vivienne Westwood, een pak van Tommy Nutter die in zijn jaren de Stones én de Beatles kleedde.


Ontwerper Paul Smith ontbreekt niet. Van hem staat een strakgesneden pak in helder blauw op een zegel. In levende lijve draagt hij op de dag van de opening van zijn Amsterdamse winkel aan de P.C. Hooftstraat ook zo'n blauw pak, donkerder, maar hetzelfde sluike silhouet. Dé bestseller thuis in Londen en in de vele buitenlanden waar Paul Smith zijn mode verkoopt.


Aanrakerig

Voor de eigenaar van een miljoenenbedrijf is Paul Smith opmerkelijk benaderbaar en hartelijk. En aanrakerig, maar niet op een vervelende manier. Hij grijpt je innig bij de arm om de 'artwall' in de winkel te laten zien. Een fotomuur met uitvergrote snap-shots van hem zelf. Veel Londen. Een verdwaalde beefeater op straat, de rode telefooncel in een vreemde hoek. 'Gevangen momenten', zegt Smith, 'daar draait het om in mijn leven, just like that,snap (harde vingerknip)'.


De lichtstralen in een kerk inspireerden hem tot een van zijn bekende, kleurige streeppatronen. En in de winkel hangt een jurk met een print van paardenbloempluizen, vastgelegd vlak voor ze zouden verwaaien in de wind.


Sir Paul Smith (geboren in 1946, geridderd in 2001) was het jongetje uit Beeston, Nottinghamshire, dat het liefst de Tour de France wilde winnen, maar door een te donkere Buddy Holly-zonnebril met zijn racefiets boven op een auto knalde. Hij lag maanden in het ziekenhuis.


Daarna werd hij om het af te leren door zijn vader naar de Nottinghamse Bijenkorf gestuurd om er op de herenmodeafdeling te gaan werken. Tot zijn eigen verbazing beviel het. Maar Smith werd er geen karakter uit Are you being served. Hij ontwikkelde zich tot modeontwerper en opende zijn eerste zaak in 1970.


Streepjes

In 2012 staat hij aan het hoofd van een modeconcern met 37 eigen winkels, van Tokio tot Melbourne, en wordt zijn kleding in 75 landen verkocht. En nu is er dus voor het eerst een PC-vestiging in Amsterdam. Een winkel met een klassieke buitenkant (de oorspronkelijke houten gevel van het pand is gerestaureerd) en binnen heren- en dameskleren.


'Klassiek met een twist', zoals de ontwerper zijn stijl zelf al vaak omschreef. Sokken met Smith's karakteristieke streepjespatroon, sokken met noppen, bloemetjesoverhemden. Let op, het bloemenoverhemd is door Hans Ubbink in Nederland aan de man gebracht, maar al veel eerder door Smith bedacht. Er worden ook manchetknopen in de zaak verkocht, en een diepblauwe gitaar.


Smith is een multidesigner. 'Dat daagt me uit, bij elk item begin je opnieuw. Maar, moet je weten, voor mij gaat het in design niet om een groot gebaar, niet om radicale veranderingen, maar om het kleine, het simpele. Het is geen stomp, maar een heel klein tikje. Voel je? (Stomp tegen arm, tikje tegen arm) De revers net wat smaller of juist breder. En dat je daar dan iets in kan uitrichten, in het kleine. Dat is eigenlijk heel moeilijk.'


En dan: 'Mooi, dat oranje en roze van je jurk.' Hij voelt aan de voile-achtige stof. Smith is niet bang voor onze Nederlandse krijgskleur. Oranje of koraalrood komt vaak terug in zijn collecties. 'Oranje is een gelukkige kleur. Kijk, ik heb hier een leunstoel in roze en oranje. Die is van Dustin Hoffman geweest. Happy colours toch? En... heb je deze gezien?' Hij houdt een stoel omhoog met een oranje-rode streepprint in borduurstijl.


Er staan er meer in de zaak. Het patroon is gebaseerd op de gebreide trui in de 'Fair Isle'-stijl van de Shetlandeilanden, die prins Edward in de jaren twintig droeg, boven een golf-knickerbocker. 'Optimistisch design', zegt Smith.


Het oude, optimistische Engeland in de P.C. Hooftstraat. Smiths ontwerpen kenmerken zich door wat The Times 'unmistakable Englishness' noemt. Ze zijn door en door Brits. Wol, tweed, brogues en de oudgediende 'Prince of Wales-ruit' (die nogal geprononceerde ruit die entertainer Ted droeg in de kampeercomedy Hi de Hi) komen al veertig jaar terug in al zijn collecties. De damesherfstcollectie voor 2012 bijvoorbeeld heeft ook weer die klassieke Engelse stijl. De Paul Smith-vrouw, upperclass, niet bang voor een buitje, laat de corgi's uit in een outfit met reuzenruiten van top tot teen, en drinkt (nipt niet) 's avonds in een chocoladebruine, zijden huispyjama een Famous Grouse in d'r Chesterfield. En als de dagen korten, het kan koud optrekken in Horseheath Hall, drapeert zij een eenvoudig pullovertje van grijze wol om de schouders. Ruiten en wol, zo Engels als wat. Smith laat ook vaak op andere manieren die onmiskenbare Engelsheid zien: een bowlingtas met de Union Jack, tennisschoenen met Schotse ruiten, zijn karakteristieke kleurenstrepen op een Mini, een theepot, of een cricketbal.


Dat heeft hij gemeen met andere Engelse ontwerpers. Het is typisch Engels om het typisch Engelse nog Engelser dan Engels te etaleren. Geen bescheiden zweempje Britsheid, maar alle bolhoeden en High Teas worden ingezet. Superbrits dus. Superbrits was het iconische pak dat Tommy Nutter in 1970 voor Ringo Starr ontwierp, en dat op de British Fashion postzegelserie staat. Een ruitje? Meer een ruitexplosie. Het kiltjurkje van Vivienne Westwood, ook een van de zegels. Westwood die de Schotse kilt keer op keer uitvond voor de catwalk, als baljurk als mini, of als asymmetrische draperie. De kleding van Hackett in Londen, ook Britser dan Brits. Je kunt er nog net geen bolhoed aanschaffen, maar wel manchetknopen met bolhoedjes, manchetknopen met paraplu's, een cric-ketspencer, een bleek Brideshead Revisited-kostuum en een klassiek koffertje met een Union Jack-print. Overdreven Britsheid, die nagenoeg altijd


Lees verder op pagina V4


In het Victoria and Albert Museum in Londen is nog tot augustus de tentoonstelling British Design 1948-2012 te zien. Met de Engelse design-iconen: een E-type Jaguar, een Mini, de God Save the Queen-albumhoes van de Sex Pistols uit 1977, en veel mode. Mini-jurken van Mary Quant, David Bowies eenschouderige Ziggy Stardust-kostuum, rode enkellaarsjes van Vivienne Westwood, en een weelderige rood-zwarte baljurk van Alexander McQueen.


Paul Smith, die met een donkerbruin fluwelen jasje uit 1998 met Laura Ashley-achtige bloemetjes, op de tentoonstelling hangt, vindt het een feest van Britsheid: 'Wat me vooral opviel, was de total newness'. Het Engelse, naoorlogse design greep niet terug op andere tijden, maar was helemaal nieuw, bedacht vanuit het niks.'


FotoIvo van der Bent


Nieuw-Brits,


uit het niks


In de geest van het Engelse zelfvertrouwen: 'We're are good at fashion', geeft de Royal Mail dit jaar de serie


British Fashion 2012 uit, postzegels bedrukt met opvallende kledingstukken van bekende modeontwerpers. Vlnr: Paul Smith, Vivienne Westwood, Tommy Nutter.


wordt uitgediept met flamboyante en excentrieke details. Viv Westwood met haar piratenkragen, veren, rafels en plooien. In Smith's geval zijn de excentrieke details wat hij zelf noemt 'a bit of fun': kleuren, streepjes, noppen, grappige prints, bloemen, alles om zijn klassieke pakken mee op te vrolijken. Wat een origineel en vreemd idee moet dat geweest zijn toen hij in 1998 besloot om de margrieten op een zakje Sutton Seeds-bloemenzaad te verwerken in een herenoverhemd.


Is die geëxalteerde Britsheid nu alleen een aantrekkelijk exportproduct of meer dan dat? Zeker het eerste. Smith staat aan het hoofd van een bedrijf dat met een klassieke Britse look een geschatte 230 miljoen dollar per jaar omzet. Hij heeft zelf altijd gezegd dat er een balans moet zijn tussen wat je graag doet 'en de huur betalen'.


Duitse Rover

Toen BMW in 1994 het Engelse autobedrijf Rover overnam, hadden de nieuwe Duitse eigenaren een duidelijk doel: heel 'klassieke' Rovers verkopen aan mensen met 'plenty of money'. En het leek wel of de Duitsers elke ochtend de designers zijn komen controleren. 'Hij wordt toch wel Engels genoeg? Dat kan klassieker, mensen.' De Rover 75 (gebouwd vanaf 1999) werd zodoende een hallucinante opeenstapeling van chroom, zandkleurig leer en wortelnotenhout met een puik gloss-je, gevat in een ouderwetse sixties-belijning. 'Shamelessly retro', zei John Nettles, die als DCI Barnaby in de detectiveserie Midsomer Murders een paar jaar een Rover 75 reed (Midsomer Murders is zelf trouwens ook zo'n opperbrits exportproduct). 'Retro tot aan het dashboard aan toe. De wagen grijpt echt terug op veel rustiger tijden. Net als Midsomer Murders zelf natuurlijk. Wij zijn ver verwijderd van de donkere wereld van detectives als Prime Suspect. Wij hebben geen gevaarlijke straten, maar lommerrijke lanen, en in plaats van psychopaten hebben we heel oude dames.'


Toch doet de goedkeurende manier waarop Paul Smith met de hand over zijn prinsenstoel strijkt vermoeden dat het de ontwerpers niet alleen om de verkoop gaat, maar dat de Britsheid ook diep onder de stiff upper lip, recht uit het hart komt. Engelands romantische modekoning, de in 2010 gestorven Alexander McQueen, ontwierp in 2008 een complete collectie, The girl who lived in a tree, geïnspireerd op een zeshonderd jaar oude iep uit de tuin van zijn buitenhuisje in Fairlight, Sussex, een streek met krijtrotsen en woeste wolkenluchten. En toen hem werd gevraagd wat Schotland, het 'harde land' waar zijn vader was geboren, voor hem betekende, antwoordde hij: 'alles'. Zijn as werd op het eiland Skye in Schotland uitgestrooid. Twee emotionele shows presenteerde hij over de geschiedenis van Schotland. In Highland Rape (een verwijzing naar Engelands 'verkrachting' van Schotland) kwamen de modellen in een blote Schotse ruit en met bloedspatten en blote borsten de catwalk op. In een andere show Widows of Culloden was een Schotse ruit afgewerkt met griezelig zwart kant. Claudia Croft, die in haar lofartikel over Engelse mode Alexander McQueen zeker zag als vertegenwoordiger van de flamboyante en excentrieke, en in zijn geval ook obscene Engelse stijl, refereerde aan McQueens 'bumster', de broek die zo laag viel dat zich ook rechtopstaand een bouwvakkersdecolleté openbaarde. Maar, voegde ze er aan toe, 'die shockerende broek was dus wel perfect ontworpen. McQueen was een vakman.'


'En daar gaat het om', zegt Paul Smith. 'Voor mij is dat het meest Engelse in mijn ontwerpen. Het allerbelangrijkste zijn kwaliteit en handwerk. Mijn pakken zijn handgestikt. Dat vind ík typisch Brits, het vakmanschap.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden