Twee zakken vol

Waarom prikt een wollen trui? En geeft elk schaap wol? V vertelt alles wat u wilt weten over wol. En hoe je het wast.

'Liever naakt dan namaak.' Oudere lezers weten onmiddellijk waar die slogan op slaat. En misschien verschijnt op het netvlies zelfs de foto die bij de klassiek geworden reclamecampagne hoort: een bloot meisje op een wollen kleedje dat op borsthoogte een lammetje in haar armen houdt. Niks te zien, toch pikant - voor die jaren dan.


Het Internationaal Wol Secretariaat, voorloper van Woolmark, was de opdrachtgever voor de campagne. De populariteit van wol liet eind jaren zestig enigszins te wensen over, nadat de diverse kunststoffen aan een gestage opmars waren begonnen.


Dat is nog steeds zo, zegt Ingrid Oomen. Terwijl echte wol bulkt van de prachtige eigenschappen. Zij is 'countrymanager' van Woolmark voor Nederland en België. De Australische organisatie voor de promotie van wol, die zich richt op de modebranche, wordt gefinancierd door Australische schapenboeren.


Oomen: 'Het prettige van wol is dat je het niet mooier hoeft te maken dan het is. Je hoeft er niets omheen te verzinnen. Het moet alleen meer bekendheid krijgen.' En ze somt op: wol is natuurlijk, duurzaam, antistatisch, elastisch, isolerend, ventilerend, vochtopnemend, vuilafstotend, kleur- en vormvast. Bovendien leent het zich voor allerlei toepassingen (ondergoed, kleding, jassen, buitensportkleding, tapijten, meubelstoffen, matrassen, dekbedden) en verwerkingstechnieken (spinnen, weven, breien, vilten). Het is kortom veel meer dan 'die dikke trui waar mensen meteen aan denken'.


Maar er kleeft ook een nadeel aan: wol is relatief duur. Dat zou een reden kunnen zijn waarom in Nederland kunstvezels zo geliefd zijn. Feit is dat we meer dan andere Europeanen de voorkeur geven aan synthetische garens, aldus Job de Bondt van De Bondt Textielfournituren bv, sinds 2010 eigenaar van het merk Scheepjeswol. Hij denkt, of nee, hij weet wel zeker dat het hardnekkige misverstand dat wol kriebelt nog steeds beeldbepalend is. En het gemak dient de mens: een acryl, een 'microfaser' of een mengsel van echt en namaak stop je zonder omkijken in de wasmachine. In zijn bedrijfstak staat een bolletje merinowol, de Australische wol die Woolmark vertegenwoordigt, voor exclusiviteit: mooi maar duur.


Sinds twee jaar kan de internationale wollobby rekenen op bijzondere bijval vanuit het Verenigd Koninkrijk. Prins Charles himself is de intiatiefnemer en beschermheer van de Campaign for Wool die zich wereldwijd beijvert voor het behoud van schapen (natuurlijk landschapsbeheer!), schapenboeren (diversiteit!) en het fijne product dat ze afscheiden: wol.


Genoeg reden dus voor een intensieve wolhandleiding. Wassen in de machine mag trouwens best: met een wolwasmiddel op het wolwasprogramma. Nooit uitwringen, plat laten drogen.


Wolschapen

Voor de volledigheid: vleesschapen worden gehouden voor het vlees en wolschapen voor de wol. Dat wil niet zeggen dat wolschapen niet te eten zijn (ze hebben wel minder vlees op de botten) en vleesschapen geen wol geven. Die wol - een bijproduct - verdwijnt veelal in balen naar China, waar hij wordt gewassen en geprepareerd voor verdere verwerking. De van nature aanwezige lanoline gaat naar de cosmetica-industrie.


Om wol te kunnen spinnen moet die eerst gekaard worden: de vezels worden machinaal of met een kam met stalen punten ontward. Tegenwoordig zijn de wolprijzen weer enigszins op peil, maar nog niet zo lang geleden kostte het scheren meer dan de wol opbracht.


Weerhaakjes

Dat kriebelen van wol, hoe zit dat nou? Zoveel schapensoorten zoveel wolsoorten. Een schaap is een flexibel dier. Het past zich makkelijk aan weers- en leefomstandigheden aan. De dikte en de kwaliteit van de wol zijn klimaatafhankelijk. Schapensoorten gewend aan kou en regen (Schotland, IJsland) hebben dikkere en stuggere vachten dan de schapensoorten in warme oorden (Australië, Zuid-Amerika).


Hoe dikker de wolvezel, des te stugger hij aanvoelt. Het prikken wordt veroorzaakt door de schubachtige buitenlaag van de wolvezel. Die bestaat als het ware uit weerhaakjes die naarmate ze dikker zijn ongemak kunnen geven. Dunne vezels prikken niet.


Jeukpunt

Kwaliteit wordt gemeten aan de hand van diverse criteria, zoals het aantal golvingen per centimeter en de zachtheid en buigzaamheid. Elke toepassing kent haar eigen kwaliteitseisen: een slijtvast tapijt vraagt om een andere wolsoort dan een zijdezacht babyhemdje of een Italiaans maatpak. De vezeldiameter, gemeten in microns, is een belangrijk criterium voor zachtheid (lees: prikt niet). De wol van het merinoschaap - vanaf 10 micron - geldt als de allerfijnste. Ingrid Oomen van Woolmark houdt als comfortabele bovengrens 19 micron aan. Anderen hanteren 28 micron als omslagpunt, in de volksmond ook wel jeukpunt genoemd. Ter vergelijking: wol van de buitenvacht van een shetlandschaap kan 40 micron dik zijn. Oomen: 'Vroeger werden er ook coltruien van shetlandwol gemaakt. Dan is het niet gek als je zo'n halsband van rode bultjes krijgt. Wolsoort en gebruik worden nu veel beter op elkaar afgestemd.'


Tip: ga op de tast af; wol die niet lekker aanvoelt, is ook niet prettig op de huid.


Zuiver scheerwol

Op etiketten in wolproducten is naast het wasvoorschrift het schapensoort af te lezen en de mengverhouding met andere garens. Bijvoorbeeld: '100 procent Shetland' of '53 procent Merino, 47 procent Kashmere'. De aanduiding 'zuiver scheerwol' is een kwaliteitsgarantie: het product is gemaakt van 'verse' wol afkomstig van gezonde, levende schapen. Het is dus geen afval en niet eerder gebruikt. Lamswol wil zeggen: dit is extra zachte babywol, het resultaat van de eerste keer scheren (als het lam twee jaar is).


Merino

In de Middeleeuwen kwam het merinoschaap alleen in Spanje voor. De Spaanse koning verordonneerde dat het schaap onder geen beding de landsgrenzen over mocht. Dat monopolie hield mettertijd geen stand en zo belandden de merino's uiteindelijk niet alleen in Australië. Rond 1810 introduceerde de kasteelheer van Croy de merino in Brabant, waar rond Helmond een bloeiende wolindustrie was. Door de lokale heideschapen met het exclusieve wolschaap te kruizen zou de kwaliteit van de wol verbeteren.


Het is aan organisatieadviseur Mathee Kamp, schapenliefhebber van kindsbeen af, te danken dat die traditie in ere is hersteld. Sinds 2005 graast er weer een kudde merino's op het landgoed - in Nederland een bijzonderheid. Naast 25 merino-ooien houdt Kamp ook 30 Texelaars. Vanaf 6 januari worden er lammetjes verwacht.


De wol van zijn merino's gaat naar een vaste klantenkring van particulieren. Het scheren van merino's is een precisiewerkje ('drie in een uur'). Bij Texelaars gaat het vlotter; Kamp doet er wel tien in een uur. 'De wol is groffer en de dichtheid is minder.'


Scheepjeswol

De wolindustrie is allang uit Nederland verdwenen. Scheepjeswol, een bedrijf dat al rond 1800 in Veenendaal actief was, is het enige Nederlandse wolmerk dat heeft overleefd. De naam Scheepjeswol is waarschijnlijk een verbastering van Schuppen, de oorspronkelijke eigenaar. Scheepjeswol, gedreven vanuit Tynaarlo, wordt tegenwoordig gemaakt in fabrieken in onder meer Duitsland en Italië; de wol komt uit Europa, Azië, Australië en Nieuw-Zeeland.


Is het wel wol?

Niet alle wol die op wol lijkt, is wol. Als je ervan uitgaat dat wol - met zijn specifieke woleigenschappen - van schapen komt. Angora is afkomstig van het angorakonijn, terwijl mohair van de vacht van de angorageit wordt gemaakt. Kashmere (kasjmir) is eveneens geitenwol: een uiterste dunne en soepele vezel uit de ondervacht van de kasjmir, heel prijzig, die daarom vaak met schapenwol wordt gemengd.


Oorsponkelijk graasden die geiten in India, Pakistan en China, tegenwoordig worden er ook in het westen kuddes gehouden. In de categorie kameelachtige vezels heb je voorts alpaca, van een lamasoort uit de Andes en camel, kameelhaar.


Wasvoorschrift

Volg het wasvoorschrift, als luchten niet afdoende is. Meestal wordt met de hand wassen aangeraden. 'Superwash wol' is voorbehandeld zodat het veilig in de wasmachine kan. Het staat op bolletjes wol en soms ook in truienlabels. Wol nooit laten weken in een emmer sop. Tenzij een viltachtig effect de bedoeling is.


Extra: Campagne voor wol

Live naturally & choose wool luidt de slogan van Campaign for Wool, die in 2010 in Engeland op initiatief van prins Charles begin. Op de Nederlandse website heet het 'Leef natuurlijk... Kies wol'. Die website werd in het leven geroepen toen de internationale lobby voor wol - waarin schapenboeren, wolfabrikanten, winkeliers, ontwerpers en liefhebbers deelnemen - afgelopen najaar Nederland aandeed. Modeontwerper Hans Ubbink en viltkunstenaar Claudy Jongstra hebben hun namen verbonden aan Campaign for Wool, evenals de Engelse modeontwerpers Paul Smith en Vivienne Westwood. Campaignforwool.org


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden