Analyse Twee jaar na aanslagen Barcelona

Twee jaar na dato zijn de aanslagen in Barcelona inzet van verhitte discussie

Had de Spaanse inlichtingendienst CNI kunnen weten van de aanslagen die dit weekend twee jaar geleden werden gepleegd in Barcelona en Cambrils? Die vraag is in Spanje de inzet van een verhitte discussie, aangezwengeld door Catalaanse politici.

Twee mannen bij de herdenkplaats van de aanslagen op de Ramblas. Beeld REUTERS

Onthullingen door Público, een veelgelezen Spaanse nieuwswebsite, voeden het wantrouwen van de Catalanen jegens de Spaanse staat. Zij vinden dat er op zijn minst een onderzoek moet komen naar de banden die imam Abdelbaki Es Satty, het brein achter de aanslagen, onderhield met de geheime dienst. Volgens Público tipte de imam de dienst over het bestaan van de verantwoordelijke terreurgroep.

Onder sommige Catalanen is er grote bereidheid geloof te hechten aan een theorie die de Spaanse staat in een kwaad daglicht plaatst. ‘Het is een grof schandaal’, twitterde bijvoorbeeld Quim Torra, de regiopresident van Catalonië. ‘We eisen een verklaring van de Spaanse regering en dat de hoogste verantwoordelijkheid wordt genomen.’ Politici van de anarchistische partij CUP gaan nog veel verder en beschuldigen de Spaanse staat rechtstreeks van het opzetten van de aanslag, met als doel het onafhankelijkheidsreferendum, dat ruim een maand later plaatsvond, tegen te houden.

Ook de Barcelonese burgemeester Ada Colau, zelf geen voorstander van een onafhankelijk Catalonië, noemde de berichten van Público ‘zorgelijk’. ‘Het kan simpelweg onbekwaamheid zijn geweest, wanbeleid of iets ergers, we weten het niet’, zei ze tijdens een radio-interview.

Eigen staat 

De gemeenteraad van Barcelona verzocht het Spaanse parlement onlangs opnieuw om een parlementair onderzoek te starten. Eerdere pogingen daartoe strandden. De twee grootste politieke partijen in Spanje, de rechtse PP en de linkse PSOE, willen niet in het openbaar over het werk van de veiligheidsdienst debatteren.

Het zou niet voor het eerst zijn dat een veiligheidsdienst contacten aanknoopt met iemand die later zelf het gevaar blijkt te zijn. Dat gebeurde in Frankrijk en het gebeurde in Duitsland. Maar in Catalonië krijgt zoiets een extra lading. Daar is één gedachte nooit ver weg: hadden we maar een eigen staat, dan was ons dit niet overkomen.

Een ding is zeker: zolang het parlement zich van de zaak afkeert, wordt het debat in de media gevoerd. Het is een debat waarachter een strijd schuilgaat tussen de Catalaanse en nationale politie, die elk proberen aan te tonen dat bij hen geen fouten zijn gemaakt. In de discussie staan twee vragen centraal. 

1) Hoeveel wist de geheime dienst van de plannen van de terroristen?

Op 11 augustus, zes dagen voor de aanslag, maken twee van de aanslagplegers een reis naar Parijs. Het gaat om Omar Hichamy en Younes Abouyaaqoub – die laatste is de chauffeur van het busje dat op 17 augustus kriskras over de Ramblas in Barcelona rijdt en daarbij vijftien mensen doodt. Volgens de nieuwssite Público was de Spaanse geheime dienst op de hoogte van de contacten die Abouyaaqoub tijdens die reis onderhield met een derde terrorist, Mohamed Hichamy (de broer van Omar). ‘Abouyaaqoub gebruikt korte zinnen om geen details te onthullen over zijn precieze bezigheden’, staat in de documenten in het bezit van Público, die worden toegeschreven aan de Spaanse geheime dienst.

Er is volgens de nieuwssite maar één verklaring voor het feit dat de latere aanslagplegers werden afgeluisterd: een tip van hun mentor, de imam Abdelbaki Es Satty. De imam zou volgens de website een dubbelrol hebben gespeeld. Aan de ene kant was hij het brein achter de aanslagen, aan de andere kant informant van de geheime dienst. Público speculeert hardop dat de geheime dienst misschien indirect heeft meebetaald aan de aanslagen, door Es Satty geld te geven voor zijn inlichtingenwerk. Voor dat laatste worden geen bewijzen aangevoerd.

Volgens de Catalaanse krant La Vanguardia zit het anders: de gesprekken tussen de terroristen zijn niet afgeluisterd in de week voordat de aanslagen werden gepleegd, maar pas later, ruim na de aanslagen. De Catalaanse politiemacht (Mossos d’Esquadra) vond de audiobestanden terug op de telefoon van Mohamed Hichamy. De agenten informeerden het Nationaal Gerechtshof over die gesprekken, die het opnam in het onderzoeksdossier.

Público houdt vol dat de geheime dienst ook kon zien hoe de toekomstige terroristen op hun telefoons naar doelwitten zochten voor de aanslagen: de kathedraal Sagrada Familia, het voetbalstadion Camp Nou, ‘homodiscotheken’ in Sitges, een discotheek in Lloret de Mar. Maar ook hier stellen andere media dat die zoekopdrachten pas werden ingezien na de aanslag.

2) Hoe nauw waren de banden tussen de geheime dienst en de leider van de terroristen?

Público meent dat er in 2014 een deal werd gesloten tussen de veiligheidsdienst CNI en Abdelbaki Es Satty. De Marokkaan dreigde op dat moment Spanje te worden uitgezet, nadat hij vijf jaar in de cel had gezeten voor drugshandel. Die uitzetting werd voorkomen, schrijft Público, omdat Es Satty ging werken als verklikker voor de geheime dienst. Hij zou hulp hebben gekregen om aan te tonen dat hij ‘arbeidsmatig geworteld’ was in Spanje, waar hij sinds 2002 verbleef. Als gevolg daarvan trok een rechtbank het uitzettingsbevel tegen hem in. Público leunt voor die beweringen op ‘betrouwbare bronnen’. Voor andere Spaanse media zijn die bronnen een stuk minder betrouwbaar: zij nemen het verhaal niet over.

De veiligheidsdienst CNI heeft zelf toegegeven dat ze contacten heeft aangeknoopt met Es Satty toen hij in de gevangenis zat voor het drugsdelict. Volgens de dienst heeft dat er echter niet toe geleid dat de drugscrimineel ging werken als informant.

Dat weerspreekt Público. De dienst zou contact hebben gehouden met Es Satty tot vlak voor de aanslagen. Als bewijs noemen zij een mailbox die werd gebruikt om berichten uit te wisselen.

In een huis in Alcanar, waar de terroristen aan explosieven knutselden, werden de inloggegevens gevonden voor een e-mailadres: adamperez27177@gmail.com. De imam en de geheime dienst zouden beiden het wachtwoord hebben gehad. Het idee was dat de imam conceptmailtjes op zou stellen, die hij niet verstuurde, maar die wel zichtbaar waren voor de veiligheidsdienst. Op die manier kon de communicatie niet worden onderschept.

Twee van die conceptmailtjes werden gevonden, door ‘onderzoekers van de politie’ die Público als bron opvoert. Het eerste: ‘Ik zie dat je hebt kunnen inloggen, je hoeft alleen maar een bericht zoals dit achter te laten als concept en ik zal het lezen. Je kunt direct beginnen met schrijven. Dankjewel vriend.’ Het tweede, aangemaakt op 19 juni 2017: ‘Heb je me niks te schrijven of kun je het niet doen.’

Volgens de gerenommeerde nieuwswebsite El Diario bewijst dit alles niets: er zijn immers geen berichten van de hand van Es Satty gevonden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden