Nieuws

Twaalf geadopteerden stellen overheid aansprakelijk: staat had moeten ingrijpen bij adoptiestichting

Twaalf geadopteerden stellen de Nederlandse staat aansprakelijk voor de misstanden bij hun adopties. Ze verwijten de overheid dat deze niet optrad tegen de stichting die hun adopties organiseerde, ondanks ‘alle alarmbellen’. Ze willen compensatie voor de kosten die ze door de misstanden moesten maken.

Commissievoorzitter Tjibbe Joustra overhandigt het eindrapport van het onderzoek over interlandelijke adoptie aan Sander Dekker, demissionair minister voor Rechtsbescherming.  Beeld ANP
Commissievoorzitter Tjibbe Joustra overhandigt het eindrapport van het onderzoek over interlandelijke adoptie aan Sander Dekker, demissionair minister voor Rechtsbescherming.Beeld ANP

De twaalf werden volgens hun advocaat Mark de Hek geboren in Sri Lanka en kwamen in de jaren tachtig naar Nederland. Dat ze nu juridische stappen zetten, is een rechtstreeks gevolg van het rapport van de commissie-Joustra in februari. De commissie adviseerde het kabinet, na te zijn gestuit op een enorme reeks misstanden, om per direct te stoppen met de adoptie van kinderen uit het buitenland. Er was onder meer sprake van kinderhandel, ontvoering en valsheid in geschrifte.

Volgens De Hek staat het vast dat de overheid aansprakelijk is voor de misstanden bij de adopties van zijn twaalf cliënten. Hij wijst erop dat de stichting Flash, die hun adopties organiseerde, vanaf het eind van de jaren zeventig publiekelijk werd geassocieerd met babyhandel en adoptiefraude: ‘Dat stond in allerlei kranten.’

Hoewel ‘alle alarmsignalen voor Flash op rood stonden’, heeft de overheid volgens De Hek weggekeken. ‘Flash is geen strobreed in de weg gelegd, terwijl je als overheid bij concrete signalen of gevaren moet optreden. In die toezichthoudende rol is de overheid tekortgeschoten.’

Helemaal geen tweeling

De groep van twaalf bestaat onder meer uit een aantal ‘tweelingen’, die pas vele jaren na hun adoptie ontdekten dat ze helemaal geen tweeling zijn. Een broer en zus die als zodanig naar Nederland waren gebracht, bleken evenmin afkomstig van dezelfde moeder. ‘Van veel adoptiedossiers van mijn cliënten klopt niets’, aldus De Hek.

De commissie-Joustra oordeelt in het rapport hard over de rol van de Nederlandse overheid bij adopties vanuit het buitenland. De staat wist al vanaf het eind van de jaren zestig van de problemem, maar trad nauwelijks op. In sommige gevallen waren vertegenwoordigers van de overheid zelf betrokken bij de misstanden, aldus de commissie. ‘De overheid heeft niet gedaan wat van haar mocht worden verwacht. Dat is een pijnlijke constatering’, reageerde minister Sander Dekker van Rechtsbescherming.

Dekker maakte namens de overheid excuses aan de geadopteerden en hun families. Ook liet hij weten dat de staat zich in ‘door geadopteerden aangespannen procedures inzake interlandelijke adoptie’ niet langer zal beroepen op verjaring.

Volgens De Hek maakte deze toezegging de weg vrij voor juridische procedures, zoals die van de twaalf geadopteerden die hij vertegenwoordigt. Hun situatie is daarmee anders dan die van de eveneens uit Sri Lanka geadopteerde Dilani Butink. Zij kreeg in september 2020 te horen dat de rechtbank haar zaak niet inhoudelijk kan behandelen, omdat deze na twintig jaar was verjaard. Butink ging daartegen in hoger beroep.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden