Tussen futures en spreads

Wie: Henriette Hamer Functie: ‘Senior portfolio analist midoffice bij Eneco, met aandachtsgebied elektriciteit’Ervaring: ‘Elektriciteit kun je slecht opslaan.’..

‘L.S.,’ schrijft Henriette Hamer. ‘Ik heb erg genoten van de jargonquiz over de pianostemmer. Hoewel ik ook muzikant ben, wist ik niet alle antwoorden. In het gewone leven werk ik op de trading-floor van een energiebedrijf, en elke keer als er een nieuwe collega komt die niet bekend is met de energiesector kom je erachter welk jargon en afkortingen je stiekem toch gebruikt: fuel-swaps, NBP, TTF, gieg, MtM, 303 inkoopregime, LSFO, cal (dat is iets anders dan een call (waar een put bij hoort), maar die doen het in de energie nog niet zo), fixed-for-floating, moet ik nog even doorgaan? En ik heb collega’s die nog veel meer in geheimtaal spreken dan ik!’

Henriette zit hoog in een kantoortoren van Eneco, verborgen tussen de werkeilanden met collega’s, sommigen achter vier beeldschermen tegelijk. Beneden kruipt het verkeer over de A16 naar de Van Brienenoordbrug.

1. Als ze op de afdeling waar Henriette werkt een fuel swap uitvoeren,

a. kopen ze brandstoffen.

b. verwisselen ze Noorse stroom voor Russische of vice versa.

c. gaan ze van kolencentrales over op oliecentrales of andersom.

2. Dan NBP en TTF. Dat zijn:

a. booreilanden.

b. virtuele handelspunten.

c. oliesoorten.

d. beats per minute (van de ja-knikkers).

3. Gieg = giga.

a. Dus 10 tot de 9de.

b. Dus groot of veel.

4. MtM:

a. Money to Money.

b. Market to Market.

c. Money to Market.

d. Market to Money.

5. Wat zullen we eens zeggen over het 303-inkoopregime?

a. In- en verkoop voor en aan de hele Benelux.

b. Dat voor de komende periode van drie maanden de prijs wordt bepaald door die van de vorige drie maanden.

6. En wat zit er niet veel in de olie die ze LSFO noemen?

a. Zwavel.

b. Soda.

c. zout.

7. Cal staat voor:

a. kalenderjaar.

b. calorie.

8. Call (met twee l’en) en put wil zeggen:

a. het recht tot kopen respectievelijk verkopen van een onderliggende waarde tegen een vooral vastgestelde prijs.

b. respectievelijk kopen of verkopen van energie.

c. bellen en direct order plaatsen.

9. Futures en forwards zijn allebei contracten voor een toekomstige levering. Maar wat komt eerst:

a. forwards worden futures.

b. futures worden forwards.

10. Fixed-for-floating – wat zou dat inhouden?

a. Vloeibaar geleverd gas.

b. De ene partij betaalt een vaste prijs, de andere partij een variabele prijs.

Henriette: ‘Er wordt volume verkocht aan afnemers, maar wij hebben niet genoeg productievermogen om alles zelf te leveren. Dus dat is wat de traders, de hoek aan de rechterkant, de hele dag doen. Ze kopen elektriciteit. en gas in.’ Dat doen ze van bijvoorbeeld Essent, Nuon, of Electrabel. De traders hebben contact met verschillende brokers, energiemakelaars: ‘Ik zou zoveel MegaWatt(uur) willen kopen, hoeveel zou dat kosten?’ De latere afnemers van de hier ingekochte elektriciteit zijn kleine (wij als consument), maar ook grote industriële afnemers: Schiphol, Corus (Hoogovens) en gemeentes. Om Henriette heen hebben ze het over spread, base load price en peak price.

11. Een spread is een:

a. spreiding van betaling, aflossing.

b. presentatie.

c. verschil tussen twee prijzen.

12. Wanneer wordt de cal base load price gerekend?

a. Als je goedkope stroom afneemt (van mindere kwaliteit).

b. Als je het hele jaar door elk uur van de dag precies hetzelfde afneemt.

13. En de cal peak load price?

a. Goeie, dure stroom.

b. Als je het hele jaar precies hetzelfde afneemt, maar dan tussen 7 uur ‘s ochtends en 11 uur ‘s avonds op werkdagen.

‘Elektriciteit kun je in een batterij opslaan, maar het is niet efficiënt,’ legt Henriette uit. ‘Eigenlijk kun je stroom niet goed opslaan. Daardoor moet je niet alleen ver vooruitzien, maar ook op het laatste moment inkopen. Een dag van tevoren moeten de laatste gaten gedicht worden – dat noemen we de day ahead market. We hebben hier twee man op Voorspellen zitten, die hiervoor het inkoopadvies afgeven.’ De voorspellers houden rekening met onder meer de olieprijzen, vakantiedagen en het weer. Bij veel wind draaien de windmolens op volle toeren, wat een groot aanbod van energie tot gevolg heeft. Henriette: ‘Wat we voor morgen nog niet ingekocht hadden en alsnog moeten inkopen, daar gaat het om. Als er op de dag zelf toch nog verschil is tussen onze voorspelde afname en de werkelijke afname, gaat dat de onbalans in. Het is elke dag weer spannend.’

En aan het eind van de dag krijgt ze de dump uit de systemen van marketing en verkoop en aggregeert alles tot een grote hoop die het handelsysteem (Deal Capturing System) ingaat.

14. Met aggregeren bedoelt ze:

a. alles bij elkaar optellen.

b. verzamelen.

53 Mannen en vrouwen herbergt de afdeling, verdeeld over vier eilanden van twaalf en vijf losse werkplekken. Als iedereen er is, is het een kippenhok, want als collega’s wissel je informatie uit over de markt. Praten dus, en veel valt onder geheimhouding. ‘Het is een spelletje’, zegt Henriette. ‘Je geeft wat, je krijgt wat terug. Valt ergens een centrale uit, dan heeft dat invloed op de elektriciteitsprijs. Je moet dus weten wat de prijs beïnvloedt om op het juiste moment in te kopen. Voor 2009 en 2010 kopen wij al in.’ Henriette zelf doet veel controlerend werk. Het leukst vindt ze ‘het creatief kijken naar alle getalletjes’. En dat ze zich in een dynamische omgeving bevindt, met slimme mensen. ‘Met iedereen hier kun je sparren.’

15. Het minst leuk vond ze de trip in het weekend.

a. Een trip wil zeggen dat er een centrale uitvalt.

b. De trip was een verregend uitje met de afdeling.

Carel Helder en Mirjam Bosgraaf

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden