Tussen de rotsen

West-Servië baadt in overvloedig natuurschoon. De gastvrije bevolking is druk in de weer om bijpassende accomodatie te creëren.

Het is al donker bij aankomst in het West-Servische dorpje Katici. De onverlichte slingerweg zonder enige verwijzing naar het hotel doet vermoeden dat hier niet veel toeristen komen. We verblijven vast bij een vriendelijke plattelandsfamilie met doorgezakte bedden, grauwe kamers met hoogpolig tapijt en een Frans toilet, denken we als de gietijzeren hekken opengaan en een vrolijk zwaaiende man verschijnt.


Achter hem zien we gloednieuwe vakantiehuisjes, in het midden een terras met verlicht zwembad en uitzicht over het dal. Het hout van de chalets ruikt nog naar hars, her en der liggen wat plukjes van het in keurige banen gemaaide gras, de keukentjes bij de slaapkamers zijn amper gebruikt. 'Je ziet hier veel pas opgeknapte accommodaties', zegt Miroslav Ivanovic van het toerismebureau van West-Servië. Want de regio is bezig aan een grootschalige opknapbeurt. Terwijl het aantal vakantiegangers naar de hoofdstad Belgrado snel toeneemt, laten ze zich mondjesmaat zien in het binnenland.


De voormalige Joegoslavische deelrubriek worstelt met de erfenis van de oorlog. Belgrado heeft het grauwe Oostblok-imago in het feestgedruis van zich weten af te schudden en verwelkomt jaarlijks duizenden toeristen voor een stedentrip. Maar de plaatsen Užice en Cacak liggen vlak bij de grens met Bosnië, niet ver van Srebrenica waar in 1995 duizenden moslimmannen en -jongens werden vermoord in de dagen nadat Servische troepen de stad hadden ingenomen. Bij toeristen staan de beelden scherp op het netvlies. De Joegoslavische burgeroorlog heeft zijn sporen nagelaten.


Huizen die niet afgebouwd zijn, lege fabriekspanden, auto's van het vroegere Joegoslavische merk Yugo. Reisgidsen zouden reppen over het Oostblokimago van het landschap. 'Onze oorlogsgeschiedenis, dat is waar toeristen buiten Belgrado aan denken, ook al heeft de oorlog hier niet plaatsgevonden, zegt Miroslav van het toerismebureau. 'Ze denken dat het vervallen en traditioneel is. Wij willen het tegenovergestelde bewijzen.'


Een project, waar zo'n 100 duizend euro voor is uitgetrokken, moet toeristen buiten de gebruikelijke routes trekken. Weg van Belgrado, naar het westen van het land, met de natuur als voornaamste trekpleister. De uitgestrekte hellingen en bergen met wuivende naaldbomen even ten zuidwesten van Ivanjica, het dichtbeboste natuurgebied Tara National Park met kloven, grotten en spelonken in reusachtige rotsformaties, en even verderop de rivier de Uvac die door het rotsachtige landschap meandert. Het zijn slechts een paar van de natuurlijke schoonheden die het gebied rijk is. Maar om die toeristen te trekken, moeten de accommodaties wel worden aangepast, weet Miroslav.


De renovatiedrang is onstuitbaar. Er zijn bruine bewegwijzeringsborden langs de hoofdwegen geplaatst met toeristische attracties in de regio. In rap tempo worden Engelse brochures gedrukt over wijnroutes, kloostertochten of fietsroutes langs de Donau. Viersterrenhotels moeten toeristen die luxe willen, ontvangen. Sinds kort is er een netwerk van meer dan 400 kilometer aan fiets- en mountainbikeroutes. Ook op kleinere schaal wordt er opgeknapt, aangepast en gebouwd om te voldoen aan de wensen van de westerse toerist. Eenvoudige slaapvertrekken bij de lokale bevolking worden door particulieren omgedoopt tot Centerparcs-achtige blokhutten compleet met tv en draadloos internet. Bijna elke nieuwe accommodatie heeft wel een zwembad of speeltuin.


'Vakantiegangers van buiten Servië willen privacy en comfort', zegt Milinko Velickovic. Hij heeft de kleine lodge in het dorpje Katici net verbouwd in Oostenrijkse stijl. Trots wijst hij naar de plasma-tv's die hij aan de buitenmuur van het terras heeft bevestigd en toont hij de slaapkamers met keuken en badkamer. 'En we willen een spa en een sportveld', glundert hij.


Nu krijgt de lodge vooral gasten uit Belgrado en Slovenië, maar Velickovic wil toeristen van verder weg. 'Uit West-Europa bijvoorbeeld', mompelt hij. Met een prijs van 26 euro per nacht voor volpension is het overnachten niet duur. Maar de beheerders spreken geen Engels en communiceren met handkusjes en gebaren.


'In deze regio is gebrek aan kennis en ervaring', zegt Mila Lecic. Ze heeft van haar ouderlijk huis traditionele Servische appartementen gemaakt voor toeristen. Haar zus timmert de meubels, haar moeder maakt schilderijen, lampen en breiwerkjes, de hertekoppen aan de muur zijn pronkstukken van haar vader, die vroeger jager was. 'Ik leer anderen hoe ze een zaak voor toeristen moeten runnen.' Dat je gasten bij aankomst iets te drinken aanbiedt, een paar woorden Engels spreekt, een ontbijt maakt. Ook hoe je een accommodatie zo aankleedt dat westerse toeristen het leuk vinden. En dat het niet te veel geld moet kosten. In Lecic' Vila Ravijojla, waar je voor 10 euro per nacht kunt slapen, dus geen donkere kamers maar kledingkasten met bloemenbehang, vloerkleden van dierenhuiden en kleurrijke themakamers. Dat is lang niet overal zo, weet Lecic. 'Veel Serviërs zetten gewoon wat spullen in een kamer, maar dat is natuurlijk niet gezellig.'


De vriendelijke en gastvrije Serviërs zijn druk in de weer om de beeldvorming te verbeteren. Ondanks alle pogingen weet West-Servië de Oostbloksfeer nog niet helemaal van zich af te schudden. Een hotel is prachtig verlicht maar in het donker amper te vinden, omdat er op de 5 kilometer lange route vanuit de stad nergens bordjes of bewegwijzering is te vinden. In een vakantiepark met blokhutten zijn de kanten gordijnen net te kort gekantklost en schijnt 's nachts een streep licht de kamer in. Om de badkamerdeur zit nog purschuim. Bij een accommodatie even verderop ligt het zwembad er, ondanks de temperatuur van 25 graden, verlaten bij. Miroslav zou willen dat de regio zich sneller ontwikkelde, maar weet dat het tijd kost. West-Servië is volgens hem op de goede weg.


AAN JE TOMTOM HEB JE NIET VEEL

Vanuit Nederland is het ongeveer 2,5 uur vliegen naar Belgrado. JAT Airways en prijsvechter WizzAir (vanuit Eindhoven) vliegen rechtstreeks naar Belgrado. Dan is het nog vier uur rijden over binnenwegen die slingeren door heuvelachtige landschappen. Neem een goede kaart mee, want aan je TomTom heb je niet veel. Bewegwijzering is schaars en de plaatsnamen staan soms alleen in cyrillisch schrift vermeld. Overnachten kan relatief goedkoop. In de lodge van Ivanjicki Konaci slaap je in het laagseizoen voor rond de 10 euro per nacht. Bij een boerengezin overnachten kan ook.


westserbia.org; serbia.travel; jat.com; ivanjickikonaci.rs


PRUIMENLIKEUR

Slivovitsj is de traditionele sterkedrank in de Balkanlanden en wordt ook in Servië op grote schaal geproduceerd. 70 procent van de pruimenproductie in het land gaat naar de slivovitsj. Bij de lunch, 's avonds en zelfs al bij het ontbijt komt een glaasje van de pruimenlikeur op tafel. Omdat het is toegestaan om thuis kleine hoeveelheden alcohol te stoken, varieert het alcoholpercentage nogal. Slivovitsj met meer dan 50 procent alcohol is niet ongewoon.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.