Turkije blijft strijden tegen Koerden en breidt offensief uit naar oosten van Afrin

Turkije zal de militaire operaties tegen de Koerdische milities in het noorden van Syrië voortzetten en uitbreiden tot gebieden op honderden kilometers ten oosten van Afrin, waar het Turkse leger op dit ogenblik een offensief uitvoert. De Turkse president Recep Tayyip Erdogan heeft dat maandag gezegd.

Zondag hesen Turkse militairen de Turkse vlag in het centrum van Afrin, hoofdstad van de gelijknamige regio. Beeld afp

Eerder al had Erdogan aangekondigd de 'terroristen' van de militie YPG te willen verdrijven uit Manbij, een stad ten westen van de Eufraat. Maandag noemde hij als toekomstige doelwitten van de operatie ook de steden Kobani, Ras al-Ayn en Kamishli. 'We gaan door tot de hele corridor is opgeruimd', zei Erdogan.

Een Turkse aanval op Kamishli zou betekenen dat Turkije de militaire operatie tegen de Koerdische milities uitbreidt tot de gehele Koerdische regio in het noorden van Syrië. Kamishli ligt op 60 kilometer van de Iraakse grens.

Turkije zegt al jaren niet te kunnen leven met de aanwezigheid van Koerdische 'terreurnesten' aan zijn zuidgrens. De Turken beschouwen de Syrisch-Koerdische partij PYD en haar militie YPG als mantelorganisaties van de Turks-Koerdische organisatie PKK, die ook in Europa en de VS op de terreurlijsten staat. Erdogan sloot zelfs niet uit ook te zullen optreden tegen Koerdische strijders in Noord-Irak, rond de stad Sinjar. Volgens Turkije is dat een bolwerk geworden van met de PKK samenwerkende Koerden. Als de regering van de Iraaks-Koerdische regio niet tegen hen optreedt, zei hij, zal Turkije dat zelf moeten doen.

Symbolische betekenis

Kobani heeft voor de Koerden grote symbolische betekenis. In september 2014 slaagde Islamitische Staat er bijna in de stad op de Koerden te veroveren. In een voor de Koerden heroïsch tegenoffensief, met steun van Koerden uit Turkije en Irak alsook van de Amerikaanse luchtmacht, werd de aanval van IS afgeslagen. Het was het begin van het einde van IS in het noorden van het land.

Uitbreiding van Operatie Olijftak tot Kobani en andere steden in Noord-Syrië zou het Turkse leger in confrontatie kunnen brengen met de Verenigde Staten, die speciale militaire eenheden in de Koerdische regio hebben gelegerd. De Amerikanen zien de Koerdische milities als hun meest betrouwbare en effectieve bondgenoot in de strijd tegen IS in Syrië.

Guerilla

Amerikaanse bescherming van de Koerden tegen een Turks offensief is echter minder zeker geworden, nu Washington niets heeft gedaan om te voorkomen dat de Turkse strijdkrachten samen met rebellen van het Vrije Syrische Leger (FSA) de noordwestelijke enclave Afrin innamen. Zondag hesen Turkse militairen de Turkse vlag in het centrum van Afrin, de hoofdstad van de gelijknamige regio.

President Erdogan liet weten dat 'de meeste terroristen met de staart tussen de benen waren gevlucht'. De YPG stelde dat de strijd 'een nieuwe fase is ingegaan'. Het verzet tegen de Turkse troepenmacht zou als guerrilla worden voortgezet.

De gevechten in Afrin hebben een grote uittocht van burgers op gang gebracht. Meer dan 200 duizend mensen hebben huis en haard verlaten en verblijven in de directe omgeving in de open lucht, zonder voedsel en water, volgens een woordvoerder van het Koerdisch bestuur in Afrin. 'De mensen slapen in hun auto's, anderen slapen onder de bomen met hun kinderen', zei Hevi Mustafa telefonisch tegen persbureau Reuters.

In de hele enclave wonen naar schatting 400 duizend mensen, de meesten van hen Koerden. De ontheemden kunnen vrijwel geen kant op. Ten noorden van Afrin ligt Turkije. Gaan ze naar het oosten, dan komen ze in gebied dat wordt gecontroleerd door het Turkse leger en met de Turken samenwerkende rebellen. Naar het zuiden ligt Idlib, een gewelddadige provincie waar extremistische opstandelingen dominant zijn.

Het Internationale Rode Kruis (ICRC) heeft maandag toegang geëist tot Afrin. Volgens de organisatie kan de hulpverlening niet worden overgelaten aan de Turkse tak van de Rode Kruis-familie. 'De geloofwaardigheid van het Turkse Rode Kruis onder de Koerdische bevolking is vrijwel nul', zei ICRC-voorzitter Peter Maurer in Genève na terugkeer van een reis van twee weken naar Syrië, Irak en Iran.

Volgens het in Londen gevestigde Syrisch Observatorium voor de Mensenrechten wordt in de stad Afrin geplunderd door leden van met de Turken samenwerkende Syrische rebellengroepen. Winkels, woningen en auto's zijn het doelwit van de plunderaars.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden