Turkije begrijpt Koerden niet

Turkije weet niet wat het aanmoet met zijn omvangrijke Koerdische minderheid. Dat blijkt bij de halfslachtige aanpak van de Irak-crisis....

De politicoloog prof. Dogu Ergil uit Ankara houdt zich al jaren bezig met de positie van de Koerden. Hij is tevens voorzitter van de stichting Tosev, die zich beijvert voor een dialoog tussen Turken en Turkse Koerden. Deze laatsten wonen voornamelijk in het zuidoosten.

Turkije moet nu eens ophouden zijn Koerden te zien als een stelletje oproerkraaiers dat er uitsluitend op uit is de bijna mystieke eenheid van de Turkse republiek te verbreken, luidt zijn boodschap. 'Dat betekent dat je het onderscheid moet zien tussen hen en de Iraakse Koerden', vindt Ergil.

Hij is een groot voorstander van een autonome Koerdische regio in Noord-Irak. 'Dat zet Ankara onder druk om niet achter te blijven, om liberaler te worden en hervormingen door te voeren op politiek, sociaal en cultureel gebied', zegt Ergil. Hij wijst erop dat het zuidoosten van Turkije het armste deel van het land is.

'De Turkse Koerden zijn bereid tot loyaliteit ten opzichte van Turkije, mits hun culturele identiteit wordt gerespecteerd', onderstreept Ergil. 'Zij willen geen onafhankelijkheid. Turkije ziet stomweg het culturele verschil niet tussen Koerden en Turken.'

Volgens hem staat de republiek op een tweesprong: blijft het land een monolitische staat die zijn onderdanen afrekent op hun 'Turksheid', of wordt recht gedaan aan de culturele diversiteit van het land. 'Zo nee, dan rest een autoritaire staat', voorspelt Ergil, 'en blijven de Koerden een bron van conflict.' Mocht Turkije binnenkort toch zijn leger Noord-Irak insturen, 'dan is dat niet alleen gevaarlijk, maar ook illegaal en onrechtvaardig'.

Van de Gerechtigheids- en Ontwikkelingspartij (AKP) van premier Tayyip Erdogan zegt Ergil weinig te verwachten. 'Ik heb Erdogan nooit kunnen betrappen op enige affiniteit met het Koerdische probleem.'

Bovendien wordt de AKP-regering uit alle macht tegengewerkt door al diegenen die het voor de verkiezingen van eind vorig jaar voor het zeggen hadden. De AKP haalde de absolute meerderheid, maar wordt gewantrouwd door de secularisten - de strijdkrachten voorop - vanwege haar wortels in de politieke islam.

'Het lijkt erop dat de strijdkrachten en het ministerie van Buitenlandse Zaken de uitvoering van het buitenlands beleid van Turkije hebben overgenomen van de regering', zegt de journaliste Lale Sariibrahimoglu uit Ankara. Zij is defensiespecialist en schrijft voor Jane's Defense Weekly.

Zoals velen was zij verwonderd dat chef-staf Hilmi Özkök vorige week in Diyarbakir zo'n politiek getinte persconferentie hield over een eventueel ingrijpen in Noord-Irak. Dat had eigenlijk door de regering moeten gebeuren. Immers, in een normaal land bepaalt de regering de buitenlandse politiek en niet de militairen.

Het geeft aan dat zowel het leger als het ministerie - het bolwerk van het establishment - deze AKP-regering met argwaan beziet. Het is echter bovenal een illustratie dat Turkije een onduidelijk buitenlands beleid voert vanwege de onbesliste machtsstrijd tussen de AKP-regering en het establishment.

De rede van Özkök was tamelijk mild van toon en had als voornaamste boodschap dat zijn land niet verder in Noord-Irak zou ingrijpen zonder ruggespraak met de Amerikanen. Dat stond haaks op de gespierde uitspraken eerder die week van minister Abdullah Gül van Buitenlandse Zaken, die verklaarde dat Turkije hoe dan ook extra troepen naar Noord-Irak zou sturen.

De militairen zouden het overigens ook onderling oneens zijn over de aanpak van Irak. Hardliners als generaal Aytac Yalman, de chef van de landstrijdkrachten, zouden vinden dat de chef-staf veel te terughoudend is met het zenden van troepen naar Noord-Irak. De weigering van Turkije om Amerikaanse grondtroepen toe te laten en zelf niet in actie te komen, ontneemt Ankara de mogelijkheid direct invloed uit te oefenen op de gebeurtenissen in Irak, vinden zij.

Bovendien achten zij het gevaar van hernieuwde PKK-agressie duidelijk aanwezig. De voormalige Koerdische afscheidingsbeweging PKK heeft dan wel haar naam veranderd in Kadek en formeel het geweld afgezworen, maar haar vredes-ouvertures worden in Ankara niet serieus genomen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden