Tunnelvisie

De Londense metro is veelvuldig bezongen, talrijke gedichten zijn over de ondergrondse geschreven, en welke Britse film speelt zich eigenlijk níét deels in de The Tube af? Deze week is het 150 jaar geleden dat de eerste metro onder Londen reed.

Skyfall heeft soms iets weg van een lange reclamespot. Geldschieters als Sony, Heineken en Bollinger zagen de jongste Bondfilm als een license to sell. Maar één product sprong eruit: de 'Tube', die deze week 150 jaar bestaat. 007 springt over tourniquets, glijdt richting de tunnels, loopt met een getrokken pistool door een tunnelbuis en raakt bijna bedolven onder een wagon.


Dat de ondergrondse zo'n belangrijke rol speelt, zegt ook iets over de populariteit van 's werelds oudste en beroemdste metronetwerk. Immers, hoe Londenaren hun metro ervaren, is van oudsher mooi af te lezen aan hoe die wordt geportretteerd in de literatuur, beeldende kunst, muziek en film.


De wisselwerking tussen de metro en de populaire cultuur is nergens zichtbaarder dan op Baker Street, het oudste en meest tot de verbeelding sprekende station. De silhouetten van een pijprokende Sherlock Holmes sieren de muren, al dan niet ontsierd door anti-rookstickers, en op de perrons zijn tekeningen van scènes uit de Holmes-detectiveverhalen zichtbaar. Uiteraard kwam het station drie jaar geleden voor in de film Sherlock Holmes. En dat terwijl deze bekende buurtbewoner amper misdaden oploste in de metro. Alleen in The Adventure of the Bruce-Partington Plans wordt een lijk op het spoor gevonden. Het ontzielde lichaam bleek bij Gloucester Road vanuit een raam op het dak van een rijdende trein te zijn gegooid.


Dit spannende detectiveverhaal sloot aan bij de tijdgeest. De ondergrondse tartte de verbeeldingskracht van de Victorianen, toch al dol op moord en mystiek. Barones Orczy schreef een kort verhaal met de alleszeggende titel The Mysterious Death on the Underground Railway. Rond dezelfde tijd verschenen thrillers als The Tragedy of a Third Smoker en A Mystery on the Underground. Hoewel het relatief veilig was, bracht het reizen in The Drain, zoals de ondergrondse destijds werd genoemd, de nodige angst en spanning met zich mee. Waar het reizen met de metro vandaag de dag vaak een sleur is, was het indertijd een onheilspellend avontuur, onder meer door de vermeende aanwezigheid van spoken.


Metrorevolutie

Rond de eeuwwisseling voltrok zich een metrorevolutie. In het optimistische, edwardiaanse tijdperk werd het huidige stelsel grotendeels aangelegd. De nieuwe, uit Amerika afkomstige metrobazen elektrificeerden het netwerk en met het verdwijnen van de stoomtreinen ging ook iets van de mystiek verloren. Niet langer hoefden apotheken de Metropolitan Mixture te verkopen, een speciaal drankje tegen koolstofdioxidevergiftiging. The Drain heette voortaan The Tube, wat al iets minder naargeestig klonk. Bovendien schaften de Amerikanen de verschillende klasse-rijtuigen af, hetgeen samenviel met de opkomst van de middenklasse.


Langs de nieuwe metrolijnen ontstonden buitenwijken en de tuinsteden, waarvoor de vervoersbedrijven fanatiek reclame maakten. Het gebied ten noordwesten van Londen kreeg de naam Metroland, vernoemd naar de Metropolitan Line. In zijn upperclass-satire Vile Bodies (1930) voerde Evelyn Waugh een 'Lady Metroland' op, alsmede een societyjournalist die zijn werk verricht in het perroncafé van de halte Sloane Square, dé plek om te kijken en bekeken te worden. Waughs vriend John Betjeman, op zijn beurt, zat graag in de stationsrestauratie van Baker Street, Moriarty geheten. Daar schreef hij onder meer The Metropolitan Railway, een lyrisch gedicht over de 'leafy lanes' in Pinner, de groene velden bij Preston Road en de herfstgeur ter hoogte van Rayner's Lane.


Aan de gouden eeuw kwam een einde met de Tweede Wereldoorlog, een tijd waarin de ondergrondse een heldenrol zou vertolken. Tegen de wil van de autoriteiten benutten duizenden Londenaren de stations als schuilkelders. Toen hij op 11 september 1941 op station Belsize Park uitstapte, raakte de beeldhouwer Henry Moore zo onder de indruk van de kameraadschap tussen zijn buurtgenoten, dat hij schetsen begon te maken, met name van moeders die hun kinderen troosten, vermaken en verzorgen. Nog tijdens de oorlog waren de Shelter Sketches te zien in de National Gallery. De avant-gardist Moore was opeens een kunstenaar met wie gewone Londenaren zich konden identificeren.


Na de oorlog werd het genationaliseerde metrostelsel een sluitpost op de rijksbegroting. Politici hadden weinig interesse en reizigers begonnen steeds meer te mopperen, over de drukte en het onaangename aroma in het verouderde materieel. 'Het vechten om een plek en het inademen van 'de geur van de Tube tijdens het spitsuur' behoorden tot de dosis ellende die Winston Smith dag in dag uit meemaakte in George Orwells 1984. De metro kreeg concurrentie van de iconische Routemaster-dubbeldekker en vooral van de auto. Bij het zonnige levensgevoel van de swinging sixties zou de duistere tube dan ook amper een rol van betekenis spelen.


Voor musici in de grauwe jaren zeventig - de punkers voorop - bood de verloederde ondergrondse een stuk meer inspiratie. Geweld, verval en desillusie waren de thema's in het nummer Down in the Tube Station at Midnight van The Jam ('And I'm down in the tube station at midnight / The wine will be flat and the curry's gone cold'), terwijl Anton Corbijn station Lancaster Gate uitkoos voor een zwart-witfotosessie met Joy Division, het stemmige pop-ensemble uit Manchester. Het was een anarchistisch paradijs voor graffitiartiesten en muzikanten die, anders dan nu, geen auditie hoefden te doen om in de gangen te mogen spelen. Onder anderen Gary Rafferty trad hier voor het eerst op, de zanger die later wereldberoemd zou worden met de hit Baker Street.


Typerend voor de teloorgang waren twee rampen. Op 28 februari 1975 reed een metro met hoge snelheid door het eindpunt van de lijn in Moorgate, waardoor 43 passagiers het leven lieten. Twaalf jaar later stierven 31 reizigers bij een brand op de houten roltrappen van King's Cross.


Eerder dat jaar was de toepasselijke strip Geoffrey the Tube Train and the Fat Comedian verschenen, een gemeen metroneefje van de goedaardige Thomas the Tank Engine. Een van de weinige films die in die rampperiode werden opgenomen, was een horrorfilm, An American Werewolf in London (1981). James Bond keek wel uit om in deze spelonken af te dalen om de metro te nemen naar het denkbeeldige station Vauxhall Cross, zoals hij zou doen in Die Another Day (2002).


Gaandeweg de jaren tachtig tekende zich een renaissance af. Na decennia van leegloop raakte Londen, net als andere steden, weer in trek. Zo waren daar de young urban professionals die in de City werkten, dat sinds de 'Big Bang' in 1986 weer het financiële centrum van de wereld werd.


De oude dokwerken kregen een tweede leven als zakencentrum, bediend door de Jubilee Line. Het aantal reizigers in de gemoderniseerde metro verdubbelde, temeer omdat het verkeer boven de grond, net als in victoriaanse dagen, vastliep. Het hielp dat Londen in het jaar 2000 een nieuwe burgemeester kreeg, eentje die van de metro hield, Ken Livingstone.


De hernieuwde populariteit valt niet alleen af te lezen aan de aantallen reizigers, maar ook aan de interesse vanuit de filmindustrie. Het vervoersbedrijf heeft zo langzamerhand behoefte aan een filmafdeling. De ondergrondse is namelijk het Londense equivalent van Hollywood aan het worden.


Er zijn in het afgelopen decennium meer filmscènes in het buizenstelsel opgenomen dan in alle voorgaande jaren. Het gaat daarbij om romantische komedies als Love Actually en Bridget Jones' Diary, de genoemde Bondfilms, maar ook om een fantasyfilm als Harry Potter and the Order of the Phoenix en het grimmige V for Vendetta. Afwisselend is The Tube een plek van romantiek, verzet en heldendaden.


Bovenal is The Tube het enige stukje Engeland waar de klassensamenleving niet langer meer bestaat. Na de terreurdaden van 7 juli 2005 benadrukte de socialist Livingstone dat ze een aanslag waren op de gewone Londenaren, op blank en zwart, rijk en arm, jong en oud, beroemd en onbekend.


Dat motief kwam enkele jaren later voor in de zeitgeistroman A Week in December. Zoekend naar een manier om de levens van een advocaat, een fondsmanager, een terrorist, een arbeider en een literair journalist met elkaar te verbinden, voegde Sebastian Faulks een bestuurster van de Circle Line aan zijn cast toe. Het enige dat al deze personages immers met elkaar gemeen hebben, is dat ze regelmatig de metro nemen. Onder de grond is iedereen gelijk.


Extra: Zo gewoon gebleven

Gewone metroreizigers krijgen vaak gezelschap van bekendheden. Dit voorjaar verkoos een sexy geklede Rihanna, op weg naar de 02 Arena, de Jubilee Line boven de limo. Tijdens de Olympische Spelen reisden de Amerikaanse basketballers op dezelfde lijn naar het stadion en afgelopen december vergastte zangeres Kim Wilde, net terug van een optreden, met gitarist Ricky Wilde de reizigers op een spontane vertolking van Kids in America.


Extra: Ex-vrouw bashen

Reizen in de metro kan leiden tot meligheid, zowel bij de reizigers als bij het personeel. Soms zetten machinisten hun baan op het spel door reizigers te vermaken met persoonlijk getinte omroepmededelingen. De meest gevatte opmerking werd ooit gehoord in de District Line: 'Ladies and Gentlemen, I do apologize for the delay to your service. I know you're all dying to get home, unless, of course, you happen to be married to my ex-wife, in which case you'll want to cross over to the Westbound and go in the opposite direction.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden