Tunesisch overlegorgaan krijgt Nobelprijs voor de Vrede

De Nobelprijs voor de Vrede is vrijdag toegekend aan een Tunesisch politiek overlegorgaan, het Nationale Dialoog Kwartet. Dit heeft het Noors Nobelcomité vrijdag bekendgemaakt in Oslo. Het kwartet bestaat uit de Tunesische vakcentrale Union Générale Tunisienne du Travail, werkgeversorganisatie Utica, de orde van advocaten en de mensenrechtenorganisatie LTDH.

Nobelprijs Beeld anp
NobelprijsBeeld anp

Het overlegorgaan krijgt de prijs 'voor de bepalende rol in het bouwen van een pluralistische democratie in Tunesië in de nasleep van de Jasmijnrevolutie van 2011', zo luidt het rapport van het Nobelcomité.

De Tunesische vakcentrale Union Générale Tunisienne du Travail (UGTT) leverde niet alleen een grote bijdrage aan de opstand die begin 2011 in een paar weken een eind maakte aan het bewind van de Tunesische dictator Ben Ali, maar sleepte het land in zomer en najaar 2013 ook door de grootste politieke crisis sinds de revolutie.

De vakcentrale riep de werkgeversorganisatie Utica, de orde van advocaten en de mensenrechtenorganisatie LTDH bijeen. Dit 'Kwartet', ook wel Het National Dialogue Quartet, dwong de politieke partijen - met het stakingswapen van de bonden achter de hand - tot een Nationale Dialoog.

In een interview met de Volkskrant zei Sami Tahri, adjunct-secretaris-generaal van de UGTT, vorig jaar. 'Wij hebben het land gered. Tunesië was op weg naar de afgrond. Wij hebben de partijen gedwongen het evenwicht te herstellen.'

Tahri was teleurgesteld toen ze de prijs vorig jaar niet kregen: 'Geweldige mensen. Maar het Nobelcomité had ook een andere keus kunnen maken - voor ons. Voor er sprake kan zijn van mensenrechten, moet er eerst vrede zijn. Wij hebben een burgeroorlog voorkomen in Tunesië.'

Het Nationale Dialoog Kwartet

Vorig jaar spraken we met Sami Tahri, adjunct-secretaris-generaal van de UGTT, een belangrijke man binnen het Nationaal Dialoog Kwartet. Hij was teleurgesteld: 'Het Nobelcomité had ook een andere keus kunnen maken - voor ons' (+)

Tien jaar Nobelprijs

2014: De zeventienjarige Pakistaanse activiste Malala Yousafzai en de Indiër Kailash Satyarthi (60). Ze krijgen de prijs voor ,,hun strijd tegen de onderdrukking van kinderen en jonge mensen en voor het recht op onderwijs voor alle kinderen''. Malala was in 2012 neergeschoten door de Taliban.
2013: OPCW, de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens. Het hoofdkantoor staat in Den Haag.
2012: De Europese Unie (EU).
2011: Ellen Johnson Sirleaf (Liberia), Leymah Gbowee (Liberia) en Tawakkol Karman (Jemen), vechtsters voor vrouwenrechten.
2010: Liu Xiaobo, strijder voor mensenrechten in China.
2009: Barack Obama, eerste donkere president van de VS.
2008: Martti Ahtisaari, vroegere president van Finland en bemiddelaar internationale conflicten.
2007: Panel voor klimaatverandering IPCC en de Amerikaanse klimaatgoeroe en voormalige vice-president Al Gore.
2006: Muhammad Yunus uit Bangladesh en de door hem opgerichte Grameen Bank voor armen.
2005: Internationaal Atoomagentschap IAEA en zijn chef Mohamed ElBaradei.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden