REPORTAGE

Tunesië vecht voor zijn imago

Tunesië recht zijn rug na de terreuraanslag in de hoofdstad. Dinsdag wordt het Bardomuseum heropend en begint het World Social Forum, met 80 duizend buitenlandse gasten. 'We hebben nog geen afmeldingen.'

Een inwoonster van de Tunesische hoofdstad Tunis poseeert voor een Tunesische vlag met teksten zoals `Je suis Bardo' Beeld Rob Vreeken

Tunesië roept, na de terreuraanslag van vorige week, de buitenlanders op niet weg te blijven, en zie: ze komen massaal. Voor het World Social Forum (WSF), dat morgen in Tunis begint, hebben zich ruim 60 duizend deelnemers opgegeven. 'We hebben nog geen afmeldingen', zegt Ahmed Shebbi, medeorganisator van deze jaarlijkse toogdagen van het andersglobalisme.

Al een paar uur nadat woensdag twintig toeristen waren doodgeschoten bij het Bardomuseum in de Tunesische hoofdstad, kwam de WSF-website met een oproep om toch vooral naar Tunesië te komen, volgens plan. De volgende dag verscheen het in allerijl geschreven Bardo Internationaal Handvest tegen Terrorisme, dat op 26 maart door de in Tunis verzamelde activisten zal worden bekrachtigd.

Tegelijk met het WSF wordt morgen ook de plek des onheils heropend, het Bardomuseum. Met de bloedvlekken nog op een grote palm bij de hoofdingang zal de hele regering haar opwachting maken, te midden van de Romeinse mozaïeken. Op Facebook roepen Tunesiërs elkaar onder de leus 'Je suis Bardo' op naar het museum te komen voor wat een nationaal vertoon van veerkracht moet worden. De andersglobalisten sluiten zich aan met een mars richting Bardo onder de leus 'Peoples of the world united against terrorism'.

Beeld Rob Vreeken

Trots

Het is een welkome opsteker voor een land dat zijn wonden likt en de rug recht houdt, maar met vreze afwacht wat de aanslag gaat betekenen voor het toerisme, een pijler van de economie. Tunesië is er trots op het enige Arabische land te zijn waar de overgang naar democratie wél slaagde en dat loopt vooralsnog geen enkel gevaar. Maar economische stagnatie en werkloosheid kunnen op langere termijn fnuikend zijn.

De beeldvorming in het buitenland is daarbij essentieel. Een manifestatie zoals die van morgen, schrijft de krant Le Quotidien, kan 'de wereld tonen dat Tunesië geen land is dat terroristen exporteert, maar vooral slachtoffer is van dit fenomeen'. Een goed imago 'kan het effect van de aanslag beperken'.

Ook het investeringsklimaat loopt gevaar. Selim Adhoum, een Tunesische architect, had net een contract getekend voor de bouw van een Italiaanse fabriek in auto-onderdelen in Tunis. Zijn eerste industriële klus sinds de revolutie van 2011. De laatste maanden was te merken dat het economisch vertrouwen terugkeerde, na de geslaagde verkiezingen en de komst van een mooie grondwet. En dan deze shit. Adhoum, gepijnigd: 'Gaan de Italianen zich terugtrekken? Ik durf maandag nauwelijks de mail te openen.'

'Het is belangrijk dat we Tunesië helpen de economische schade op te vangen', zei de Italiaanse premier Matteo Renzi vrijdag, ook namens de andere Europese leiders. Meer dan naar wie ook kijken de Tunesiërs naar Frankrijk, grootste investeerder en voormalig kolonisator. Vandaar dat het hier zo hard aankwam toen de website van de krant Libération kopte met 'C'est fini la Tunisie' en vandaar dat het snelle bezoek vrijdag aan Tunis van de Franse minister van Binnenlandse Zaken, Bernard Cazeneuve, zo werd verwelkomd.

Beeld Rob Vreeken

Jacht op derde schutter

De Tunesische politie maakt jacht op een schutter die met twee anderen, die werden doodgeschoten, het bloedbad in het Bardomuseum aanrichtte. Ze hebben zijn identiteit bekend gemaakt. ‘Hij zal niet ver komen’, zei president Beji Vaid Essebsi zondag. Hij kondigde aan dat er een monument zal verrijzen ter nagedachtenis aan de slachtoffers. In het weekeinde werd ook bekend dat de politie circa twintig mensen heeft opgepakt die banden zouden hebben met de aanslagplegers.

Gehersenspoeld

De inwoners van Tunis vieren vrijdag de Dag van de Onafhankelijkheid op de hoek van Avenue de Paris en Avenue de France, tegenover café De Paris, iets voorbij de monumentale Franse ambassade. 'Laten we het feest vieren met het hoofd omhoog', schreef La Presse 's ochtends en dat is wat de burgers doen.

De festiviteiten staan in het teken van de aanslag. Onophoudelijk poseren mensen met V-vingers voor een rode Tunesische vlag, voorzien van het opschrift 'Je suis Bardo'. Een vijftal studenten politicologie loopt zich, met dezelfde tekst op een vel papier geklad, alvast warm voor het World Social Forum. 'Wij zijn allemaal moslim', zegt een van hen, de 19-jarige Astal Marwen. 'De terroristen zijn gehersenspoeld met de belofte van het paradijs.'

Een clown loopt met de tekst 'Tunesië heeft de match tegen de terroristen gewonnen'. Komt er dan geen tweede helft? 'Nee!', antwoordt Mohammed Monir Boughanmi (30) stellig, vanonder zijn rode neus.

Een groepje mannen sjouwt met muziekinstrumenten in de richting van het Nationaal Theater. Het Mohammed Ali Kammoun Orchestre treedt er vanavond op met de beroemde zangeres Abir Nasraoui. Ook het festival Journées Musicales de Carthage, deze week in het theater, schrok op van de aanslag, maar de muziek speelde door. 'Juist nu', zegt de naamgever en pianist van het orkest. 'Dit maakt ons alleen maar sterker.'

Beeld Rob Vreeken

Niet bang

Het is de toon van 'we laten ons niet kisten' die sinds woensdag overheerst in de Tunesische media en uit de mond van gewone burgers. Op het bordes van het theater, waar jongeren zich koesteren in de lentezon, zeggen de tienerzussen Chaima en Basma Charbi volstrekt niet bang te zijn. 'Voor de veiligheid wordt goed gezorgd.'

Het probleem is natuurlijk dat buitenlandse toeristen zo hun eigen afwegingen maken en bovendien: voor de veiligheid werd vorige week rond het Bardomuseum en het naastgelegen parlement helemaal niet gezorgd. 'Er hadden maar vier politieagenten dienst', zei de vicevoorzitter van het parlement, Abdelfattah Mourou, tegen persbureau AFP. 'Twee agenten zaten in het café, de derde was aan het lunchen en de vierde was niet komen opdagen.'

De liberale minister van Investeringen, Yassine Brahim, zei zaterdag dat de aanslag een gevolg was van het falen van de vorige regering, die werd geleid door de gematigd islamistische partij Ennahda. Het was op hoog politiek niveau het enige scheurtje in de volop beleden 'nationale eenheid' tegen terrorisme.

Beeld Rob Vreeken

Polarisatie

Ennahda laat het van zich afglijden en put zich uit in glasheldere verklaringen tegen extremisme en voor democratie. Toen in 2013 twee linkse politici werden vermoord, leidde dat nog tot heftige politieke polarisatie: seculieren tegen islamisten. De huidige crisis heeft eerder een tegengesteld effect. Beide groepen regeren nu samen, met Ennahda als juniorpartner.

'De strategie tegen terrorisme moet niet alleen militair zijn, ook de ideeën van de daders moeten worden aangepakt', zegt Ennahda-bestuurster Assia Naffati. 'Onze partij kan daarin een belangrijke rol spelen. Jongeren omhelzen het jihadisme. Wij kunnen de dialoog aangaan en ze uitleggen dat de islam vreedzaam is.'

Inmiddels heeft de regering een reeks ferme maatregelen afgekondigd voor de veiligheid in het land. President Beji Caid Essebsi beloofde in een toespraak het terrorisme 'met wortel en tak uit te roeien'. 'Dat werd tijd', zegt historicus Allani Alaya, kenner van het radicalisme. 'Als er iets goeds uit dit alles kan komen, is dat de regering eindelijk echt gaat optreden.'

Beeld Rob Vreeken
Beeld Rob Vreeken
Beeld Rob Vreeken
Beeld Rob Vreeken
Beeld Rob Vreeken
Beeld Rob Vreeken
Beeld Rob Vreeken
Beeld Rob Vreeken
Beeld Rob Vreeken
Beeld Rob Vreeken
Beeld Rob Vreeken
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden