Tsjechov tussen designmeubels

Een meeuw ***..

arnhem Als een theatergroep zijn voorstelling Een Meeuw noemt, in plaats van De Meeuw, zoals Tsjechov zijn stuk in 1896 betitelde, geeft dat vaak bij voorbaat aan dat de regisseur iets eigens met het stuk wil doen, er een flinke draai aan geeft, een commentaar op Tsjechov wil leveren.

Zo ook bij Een Meeuw, de nieuwe voorstelling van Keesen & Co, in vertaling en regie van Willibrord Keesen. Van begin af aan is duidelijk dat Tsjechov hier flink tussen aanhalingstekens wordt geplaatst. Op het toneel is een huisje gebouwd dat zowel dienst doet als landhuis waar deze familie woont, maar ook als podium waarop een toneelstukje wordt opgevoerd. Want daarmee begint het stuk: de jonge schrijver Kostja en de jonge actrice Nina laten aan de oudere generatie zien dat het toneel nieuwe vormen nodig heeft.

Zij vormen samen de aanstormende generatie, vol vuur en dromen, maar lopen stuk tegen de lamledigheid en arrogantie van de ouderen. Spil in dit geheel zijn Kostja’s moeder, de beroemde actrice Arkadina en haar minnaar, de al even succesvolle schrijver Trigorin.

Langs deze familiebanden en artistieke ambities heeft Tsjechov zijn Meeuw opgebouwd, en bij Keesen & Co gaan de spelers daarmee flink aan de haal. Nagenoeg de hele voorstelling bespelen zij de ruimte tussen dat artificiële toneelhuisje met designmeubels en de zaal, waarbij ze regelmatig rechtstreeks hun publiek aanspreken. Deze toneelspelers staan als het ware tussen het oorspronkelijke stuk en de tegenwoordige tijd in – en worden daardoor tijdloos.

De speelstijl is bovendien uitgesproken gemaniëreerd, soms overdreven aanstellerig, soms op het achteloze af timide. Een Meeuw gaat behalve over de botsing der generaties en gefnuikte ambities inderdaad ook over verveling en gemakzucht, en dat hebben deze spelers hier tot het wezenskenmerk van het acteren gemaakt.

Zo is de Kostja van Joeri Vos bijna wezenloos verlegen, Bram Coopmans speelt de poseur Trigorin wel erg laconiek, en in de kleinere rollen is Michiel Nooter achteloos grappig als de oude oom (aan een zuurstofapparaat).

Maar de vrouwen domineren hier, met hun aandacht trekkende toneelspel. De jonge actrices Delilah van Eyck als Nina en Mariana Aparicio Torres als het droeve muurbloempje Masja zijn in deze regie a-typische Tsjechov-meisjes: fel en al met al niet van plan bij de pakken neer te zitten.

Monique Kuijpers is fenomenaal in haar rol van de actrice Arkadina; in razend tempo schakelt ze van volkomen verzenuwd naar volkomen hysterisch. Ze is egoïstisch en onbetrouwbaar, ze vleit en fleemt, en doet dat alles in een uitgekiende stilering, met een optimaal gebruik van haar markante stem en mimiek.

Een Meeuw van Keesen & Co is eerder curieus dan goed of slecht, eerder interessant dan helemaal geslaagd. Maar die Kuijpers vergeet je niet snel, en aan het eind slaat tussen al die malle fratsen toch even de ontroering toe.

Hein Janssen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden