Tsjechische communisten ruiken hun kans

Er valt niet meer te ontkennen. De Tsjechische communisten zijn terug van weggeweest. Overal in het land hangen hun slachtoffers te bengelen aan lantaarnpalen, met op hun borst het niet mis te verstane opschrift: 'Ik was tegen de KSC(M)'.

WARSCHAU - De poppen - gelukkig maar - werden opgehangen door een anticommunistische actiegroep ter nagedachtenis van de meer dan 250 Tsjechen en Slowaken die tussen 1944 en 1989 door de communistische partij (KSC) werden vermoord. Maar tergelijkertijd vormen ze ook een waarschuwing.


Want voor het eerst sinds de val van het communisme staan de vroegere machthebbers op het punt opnieuw te proeven van de macht. De sociaal-democratische CSSD, de gedoodverfde winnaar van de parlementsverkiezingen van vandaag en morgen, lijkt namelijk de (gedoog)steun van de communisten nodig te hebben om een regering te vormen.


De comeback van de Tsjechische communisten zou voor het voormalige Oostblok een primeur zijn. Als enige van de voormalige communistische partijen weigerde ze zich na de val van de dictatuur te ontbinden.


Alleen de naam werd aangepast - van Communistische Partij van Tsjechoslowakije (KSCM) naar Communistische Partij van Bohemen en Moravië (KSCM) - en het logo, twee kersen in plaats van een rode ster. Aan de ideologie veranderde nog minder. Hoewel de partij ruimte laat voor privé-initiatief, zweren haar aanhangers nog altijd bij Marx en Lenin; de Amerikanen worden nog altijd imperialisten genoemd en er wordt opgekeken naar landen als China, Cuba en Noord-Korea.


Die extremistische standpunten hebben de partij verrassend genoeg nooit schade berokkend. Sinds de val van het communisme zakte de KSCM nooit onder de 10 procent, met een uitschieter van 18,5 procent bij de parlementsverkiezingen van 2002. Tijdens de verkiezingen van vandaag en morgen hopen de onhervormde communisten het minstens even goed te doen. Gezien de corruptieschandalen waarmee Tsjechië de laatste jaren af te rekenen krijgt, is dat geen onhaalbare kaart. Door hun jarenlange politieke isolement hebben de communisten hun handen nooit hoeven vuil te maken.


Maar aan die toestand lijkt snel een eind te komen. In ruil voor gedoogsteun voor een sociaal-democratische minderheidsregering zou de KSCM op een paar mooie posten mogen rekenen. Partijvoorzitter Vojtech Filip, onder het communisme een gedreven informant van de staatsveiligheidsdienst, zou zijn oog al hebben laten vallen op de post van Kamervoorzitter.


Bij de sociaal-democraten lijken ze daar weinig op tegen te hebben. 'Als je naar onze programma's kijkt, zie je dat ze elkaar in grote mate overlappen', aldus Bohuslav Sobotka, zelf leider van een partij waarin na de val van het communisme veel oud-communisten onderdak vonden. De eerste stap naar samenwerking werd vorig jaar al gezet na de regionale verkiezingen. In tien van de dertien regio's vormden beide partijen een coalitie.


Wie daar niet om rouwt, is president Milos Zeman, zelf een oud-communist. De totstandkoming van een sociaal-democratische minderheidsregering met communistische gedoogsteun kan zijn positie alleen maar versterken. Hoewel Zeman zich in 1989 bekeerde tot de sociaal-democratie, is hij zijn vroegere kameraden nooit vergeten. Zijn verkiezing tot president eerder dit jaar had hij te danken aan de communisten, die zelf geen kandidaat naar voren schoven. Direct na zijn verkiezingsoverwinning benoemde hij een communist tot ambassadeur in Moskou.


Dat geflirt met het communisme wordt hem niet door iedereen in dank afgenomen. Eerder deze week werd Zeman al door de omstreden kunstenaar David Cerny op een opgestoken middelvinger getracteerd. Met zijn beeld op de Moldau wilde die protesteren tegen wat hij de communistische strontgeur noemt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.