Truttig, burgerlijk en 'het ultieme gevoel van vrijheid': waarom we niet uitgediscussieerd raken over de 'sleurhut'

Hang 'm aan je welstandsknobbel, vergeet de wielblokken en zijspiegels niet en karren maar: de caravan is ons heilige huisje.

Een caravan in volle glorie, 1966.Beeld Hollandse Hoogte

Het was naar alle waarschijnlijkheid Youp van 't Hek die voor de caravan, die goeie ouwe Nederlandse caravan die zoveel gezinnen en (veelal oudere) echtparen sinds de jaren zestig van de vorige eeuw het ultieme vakantiegevoel heeft geschonken, het woord 'sleurhut' bedacht. Het was niet aardig bedoeld.

Integendeel, het dedain droop ervan af. Laat dat maar aan cabaretier Van 't Hek en zijn verdienmodel over. Sleurhut is een bruikbaar en doeltreffend woord om je af te zetten tegen truttigheid en een kleinburgerlijk bestaan.

In de column 'Vakantiefoto', opgenomen in de bundel Youp voor gevorderden, deed hij een paar jaar geleden weer eens een beroep op het woord. Van 't Hek schrijft over een ontmoeting bij een pompstation op een Franse snelweg met een man die hij vol walging omschrijft als een 'Vinex-nomade'.

Van 't Hek: 'Wat dat is? Een kortgebroekte Nederlander met de verplichte witte vakantiesokken en sandalen.' En de nekslag: 'In zijn middenklasser een heel lelijk wijf en aan zijn trekhaak een nog lelijker sleurhut.' Weer die sleurhut.

Op naar de vrijheid

De lente is aangebroken, de temperatuur stijgt, de zomer lonkt en caravans keren terug in het straatbeeld. Op naar de vrijheid - en dat al sinds de jaren vijftig, toen de pioniers er met een eenvoudige caravan op uit trokken, de grenzen over en het avontuur tegemoet.

De Nederlandse Caravan Club, de pioniers, bestaat dit jaar zestig jaar. Het ledental loopt terug, maar met de populariteit van de caravan heeft dat niets te maken. Sinds de crisisjaren neemt de verkoop jaarlijks weer toe.

Ter gelegenheid van het jubileum sprak De Gelderlander vorige maand met een van de leden, een 80-jarige caravanbezitter. Het ging ook over de sleurhut. De man zei dat hij zich juist verzet tegen de dagelijkse sleur van het leven. Zijn caravan geeft hem het ultieme gevoel van vrijheid. 'Ik kan zelf uitmaken waar ik heenga, wat ik eet en wanneer ik dat doe.' In een persbericht zei de secretaris van de Nederlandse Caravan Club: 'Weet je wat ons geheim is? Wij kennen geen sleur.' Dat is het andere kamp, kortom.

Belgisch

Voor de sketch In de caravan kozen de makers van tv-programma Jiskefet in 2003 een Constructam, een legendarisch Belgisch merk. Nadat hij met Kees Prins heeft gesproken over onder meer het openbaar vervoer naar Lelystad, komt Michiel Romeyn in de caravan op bijzondere wijze aan zijn gerief. Eerder had Jiskefet ook al eens een caravan gebruikt, in een sketch op een duincamping met het duo Johnny en Willie. Beide video's zijn te zien op het YouTube-kanaal van Jiskefet.

Over de caravan wordt al decennialang gediscussieerd. De caravan zou een typisch Nederlands fenomeen zijn, wat niet geheel bezijden de waarheid is, want nergens in de wereld is de caravandichtheid zo hoog als hier. Geschat wordt dat Nederland ruim 450 duizend caravans telt en bijna 100 duizend campers.

Wie caravan zegt, zegt vrijheid, althans het pro-kamp. De directeur van Kip, een Nederlandse fabrikant, vorig jaar in Trouw: 'Wij Nederlanders houden van vrijheid.' De voorzitter van de Bovag branchegroep Camper & Caravan in de Volkskrant: 'De caravan geeft de mensen een gevoel van vrijheid.'

Helemaal mooi maakte Trouw het in een ander stuk, in de sectie 'Religie en Filosofie'. Hans Kennepohl, schrijver van een boek met de titel We zijn nog nooit zo romantisch geweest, verwoordde de bekende 'terug naar de natuur-theorie'. De stadsmens komt tot rust in de avontuur, zei hij. 'In de natuur ervaar je rust. Een boom wil niks van je. Je hoeft er niets mee en je kunt je er zuiver esthetisch mee verhouden.' Samenvattend: met een caravan of tent kunnen we ons de 'nobele wilde' wanen.

Nobele wilde

Daar valt iets op af te dingen, met caravans die zijn voorzien van alle gemakken en campings met supermarkten, zwemparadijzen en prima wifi. Wég nobele wilde. De aardappels liggen achterin, slapen doe je in je eigen bed en als het wat frisjes wordt, gaat de kachel lekker aan.

Hoogleraar middeleeuwse letterkunde en observator van de Nederlandse identiteit, Herman Pleij, dichtte caravanbezitters in de Volkskrant een grote 'hang naar huiselijkheid' aan. 'Dus wat doe je als je met vakantie gaat? Dan neem je je huis mee. Met alles wat het zo behaaglijk maakt.'

Vrijheid en avontuur enerzijds, en sleurhut, huiselijkheid en kneuterigheid anderzijds, dat is ook het beeld dat in de populaire cultuur terugkeert; met mate, want ondanks de grote populariteit is de aandacht in films, het theater, de literatuur en de reclame voor het knusse vakantiehuisje op wielen spaarzaam.

Caravans worden ingezet als metafoor, voor Nederland bijvoorbeeld. Ironie is, als het om caravans gaat, een geliefd stijlmiddel. De caravan kan een symbool voor de vrijheid zijn, zoals in het jeugdboek Drie jongens en een caravan, of wordt juist ingezet om de kleinburgerlijkheid te onderstrepen, zoals in een reclame voor een van de 'wereldgerechten' van Knorr.

Eén conclusie kan uit het caravanaanbod in de popcultuur worden getrokken: een caravan is nooit zomaar een caravan.


Theater: Theater Rast - De caravan

Een echtpaar woont in een oer-Hollandse Kip-caravan. Er ontstaat ruzie, de spanning loopt op. Slechts één persoon verlaat het voertuig in levende lijve. Theater Rast voerde in 2011 de tragikomische thriller De caravan op. Het stuk is gebaseerd op De dienstlift van Harold Pinter. Regisseur Celil Toksöz koos ervoor zijn versie in een caravan af te laten spelen.

Hij ziet in de caravan een metafoor voor Nederland. Toksöz: 'Het stuk gaat over de gespannen sfeer in Nederland. In eerste instantie symboliseert de caravan iets moois: het is gezellig en veilig, je voelt je vrij. Maar als je langer in zo'n kleine ruimte opgesloten zit, voel je je gevangen en benauwd. De personages beginnen elkaar te wantrouwen, zoals in Nederland ook gebeurt.'

Voorstelling van Theater Rast - De caravan.

Film: Werkteater - Camping

'Vakantie, vakantie, vakantie!' schreeuwt acteur Peter Faber terwijl hij uit alle macht probeert zijn reusachtige caravan in te parkeren. Wie de veelbezochte film Camping (1978) van het Werkteater heeft gezien, zal zich deze scène herinneren. Het theatergezelschap vertrok in 1977 naar een camping in het Gelderse Uddel, waar de film al improviserend werd opgenomen.

Actrice en schrijfster Marja Kok speelde mee in de film. Kok: 'Op campings gaan mensen zich anders gedragen. Door de buitenlucht zijn ze vrijer, ze worden opener en zoeken sneller contact. Maar binnen de deuren van een caravan zit je toch opgesloten, je bent aangewezen op de andere persoon in die kleine ruimte. Dit paste bij ons stuk, waarin huwelijkse irritaties centraal staan. Campings zijn bij uitstek een plek waar dit soort irritaties naar buiten komen. Ik associeer caravans niet per se met Nederland, wel met vrijheid. Je kunt op elk moment je biezen pakken.'

Lees verder onder de video.


Film: Mama is boos!

Jane Fongler, gespeeld door Adelheid Roosen, woont in de komedie Mama is boos! (ook bekend als Schatjes 2) in een caravan. De film is losjes gebaseerd op het leven van scenarioschrijver Ruud van Hemert. Roosen: 'Of de minnares van Van Hemert in werkelijkheid ook in een caravan woonde, weet ik niet meer. Wat ik wel weet, is dat het voertuig het nomadische leven van Jane moest symboliseren.'


Televisie: Bassie en Adriaan

'Ze wonen in een caravan en trekken door het land, het zijn de grootste vrienden van de jeugd in Nederland!' Al in het openingslied van Bassie en Adriaan wordt over de geelrode caravan van het circusduo gezongen. Bas van Toor, beter bekend als Clown Bassie: 'De caravan stond centraal in ons programma. Het was de kapstok waaraan we alles ophingen.'

Gedurende bijna twintig jaar Bassie en Adriaan zijn er flink wat caravans doorheen gegaan, vertelt Van Toor. 'Eén is verongelukt op de A20, een ander door vandalen in brand gestoken en weer een ander is weggegeven aan een zwerver. De meest recentelijk gebruikte caravan staat in de opslag, die kan gehuurd worden voor feesten en partijen.'

Van Toor, privé ook caravanfan, ziet de kampeerwagen niet als typisch Nederlands. Caravans staan volgens hem vooral symbool voor avontuur. 'Ons programma is voor kinderen en een kind wil reizen naar de horizon. Een caravan geeft je die vrijheid.'

Beeld anp

Boek: Zihni Özdil - Nederland mijn Vaderland

Historicus (en sinds kort Kamerlid voor GroenLinks) Zihni Özdil schreef in 2015 een boek over sociale ongelijkheid en racisme in Nederland. Op de voorkant van zijn boek prijkt een verwaarloosde, oranje caravan: een metafoor. 'Nederland als een land in staat van verval', aldus Özdil. 'Als ik een boek had geschreven over de Amerikaanse geschiedenis, zou ik voor een paard en wagen hebben gekozen. Caravans zijn Hollands.'

Özdil is opgegroeid in Rotterdam-Zuid. 'In die buurt gingen Henk en Ingrid op vakantie naar de camping, met de caravan. Ik associeer de voertuigen met plat, laagopgeleid, SBS6-publiek. Deze groep komt in mijn boek uitgebreid aan bod. Het is een stereotype, maar wel gestoeld op waarheid. Het zijn volgens mij vaak Janmaat- en PVV-stemmers die met de caravan naar de camping gaan.'


Reclame: Knorr Wereldgerechten

In de tv-spotjes van Knorr Wereldgerechten wordt het 'typisch Nederlandse' gecontrasteerd met iets 'exotisch' - een succesrecept. Zo ook in de reclame voor Surinaamse roti. Met de hit Heb je even voor mij van Frans Bauer op de achtergrond, fietst een zwarte man met afrokapsel door een polderlandschap. Hij schaatst, vist, ziet koeien, koopt een tuinkabouter en geeft zijn caravan een stevige schoonmaakbeurt. De caravan is hier het summum van Hollandse kneuterigheid.

Lees verder onder de video.


Jeugdliteratuur: Willem van den Hout - Drie jongens en een caravan

De Bob Evers-serie is een populaire reeks jeugdboeken waarvan sinds de jaren vijftig ruim vijf miljoen exemplaren zijn verkocht. Het idee is simpel: de kwajongens Arie Roos, Jan Prins en Bob Evers halen kattekwaad uit en beleven avonturen.

In 1953 schreef Willem van den Hout het elfde boek, genaamd Drie jongens en een caravan. Hierin krijgt het drietal een caravan te leen van een vriend van de vader van Bob. Het is een prototype dat ze moeten testen, maar als ze ermee op pad gaan, komen ze erachter dat er smokkelwaar in verstopt zit.

Van den Hout schreef de eerste 32 boeken van de Bob Evers-serie, na zijn dood nam Peter de Zwaan het van hem over. De schrijver werkt momenteel aan nummer zestig. De Zwaan herinnert zich de caravan in boek elf nog goed: 'Als 10-jarig jochie had ik nog nooit een echte caravan gezien, want ze waren toen nog niet bekend in Nederland. De wagen staat symbool voor de onbegrensde vrijheid die de jongens hadden: ze konden zelf hun koers bepalen. Dat is wat mensen nu ook bij caravans voelen.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden