Trump en zijn raketaanval: effectief, symboliek of escalatie?

Vergeldingsactie past in Amerikaanse traditie van morele opwinding

Vrijdag bombardeerden Amerika, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk wapenvoorraden van Assad in Syrië. Dit in reactie op een gifgasaanval die Assad gepleegd zou hebben. Het bombardement kan op instemming en kritiek rekenen.

Een demonstratie tegen de aanval op Syrië maakt geen indruk op een Trump-aanhanger. Foto Reuters

De militaire operatie toont zelfs iets van zeldzame presidentiële continuïteit. Met het bombardement deed Trump iets wat zijn voorganger Barack Obama al veel eerder had willen doen. Met de zoveelste gifgasaanval overschreed de Syrische leider Assad vorige week voor de zoveelste keer de rode lijn die Obama in 2012 in het zand had getrokken. Vorig jaar gaf Trump Assad daarvoor een eerste tik op de vingers, met een beperkte aanval op een luchtmachtbasis. Vrijdag viel hij de wapenvoorraden zelf aan.

Het kon in Washington op brede instemming rekenen onder humanitaire haviken. Die zitten aan beide kanten van het politieke spectrum. Behalve veel Republikeinen betuigden ook erkende Trumpcritici als Michael McFaul, voormalig ambassadeur in Rusland, hun steun aan de aanval.

Internationale glans

Het feit dat het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk hebben meegedaan gaf de operatie zelfs een glans van internationale redelijkheid. Die twee landen worden niet geleid door Trumpiaanse figuren en besloten toch dat een strafexpeditie jegens Assad op zijn plaats was. Ook dat is een bewijs dat de regering-Trump soms beslissingen neemt die in zekere zin normaal zijn.

Daarbij was de invloed merkbaar van minister van Defensie Jim Mattis, die Trumps kinderlijke grootspraak over zijn raketten ('Zet je schrap Rusland, want ze komen eraan, mooi en nieuw en slim!') kanaliseerde tot een beperkte, gerichte aanval op drie specifieke gifgasdoelen. Ook was er overleg tussen Russische en Amerikaanse militairen, waardoor de kans op een escalerend conflict tussen de twee nucleaire grootmachten slonk.

Wat allemaal niet wil zeggen dat de aanval oprecht, slim, gerechtvaardigd of effectief was.

Kritiek van alle kanten

Allereerst valt Trump humanitaire hypocrisie te verwijten. Is hij werkelijk begaan met het lot van de Syriërs? Dit jaar werden in de VS slechts 11 Syrische vluchtelingen toegelaten. In Obama's laatste jaar, 2016, waren dat er 15.479.

Daarnaast is er kritiek op de aanval zelf. Die kritiek komt van twee kanten: met de aanval is Trump te ver gegaan, dan wel met de aanval is Trump niet ver genoeg gegaan. De ene partij wijst op de dreigende escalatie, de andere op het hooguit symbolische effect.

De kritiek dat Trump zijn boekje te buiten is gegaan komt zowel van Democratische als rechts-populistische duiven. Democraten wijzen erop dat Trump het Congres niet om toestemming heeft gevraagd en dat Trumps optreden dus onwettig zou zijn. Iets waarin Trump dan niet alleen staat: ook Obama, die nog wel om parlementaire toestemming vroeg voor een aanval op Syrië (en niet kreeg), heeft zich weinig aan het Congres gelegen laten liggen bij zijn voortdurend uitdijende strijd tegen het terrorisme.

De kritiek van rechts kan Trump meer pijn doen. Invloedrijke populistische opiniemakers als Ann Coulter, Laura Ingraham en Tucker Carlson verwijten 'Donald Bush' dat hij zijn isolationistische campagnebelofte 'America First' niet nakomt. 'We hebben verloren. Oorlogsmachines bombarderen Syrië. Oorlogshitsers kapen ons land', aldus de conservatieve radiopresentator Michael Savage.

Voorlopig lijkt Trump ook wat buitenlandse avonturen betreft te zijn getemd door 'gewone' Republikeinen. Zondag kondigde zijn VN-ambassadeur Nikki Haley aan dat de tweeduizend Amerikaanse militairen voorlopig in Syrië blijven. Vorige week zei Trump nog dat hij hen zou terugtrekken. Ook is Trump de laatste weken minder aardig voor Rusland geworden. Zondag kondigde hij nieuwe sancties aan.