Troxlers leven is een krankzinnige race over de wereld

Amsterdam is vanaf woensdag dancehoofdstad. Het Amsterdam Dance Event groeide in twintig jaar uit tot het grootste en meest vooraanstaande internationale dancefestival met ruim 2.000 dj's en acts op 45 locaties én een conferentie. De Volkskrant wijst de weg in het uitbundige aanbod en verkent de staat van de dance met het boegbeeld van het betere dj-werk Seth Troxler.

Seth Troxler. Beeld Daniel Cohen

Avicii? 'Een over het paard getild klootzakje', volgens Seth Troxler. De dancefestivals van tegenwoordig? 'Vakanties voor irritante kinderen met speentjes in hun mond en stomme lichtgevende staafjes.' En de mainstreamdance zelf, die in de Verenigde Staten zo plechtig 'Electronic Dance Music' of EDM wordt genoemd? 'Infantiele muziek gemaakt door belachelijke en ongeloofwaardige mensen.'

De Amerikaanse dj Seth Troxler, net 30 geworden, is behalve een van de heersende dj's van de wereld, de 'Koning van Ibiza' en op zijn minst een van de ex-keizers van de vorig jaar gesloten Amsterdamse club Trouw, een man met een straffe mening. Schud aan die dj en er zwiepen meer statements dan platen uit. Wil je dus de staat van de dance doorlichten aan de vooravond van het grootste dance-evenement ter wereld, dan moet je bij Seth Troxler zijn.

Want Troxler is het geweten van de dance. Iemand die collega's door het slijk trekt, als ze er om vragen. 'Ik ben graag direct. Ik zou willen dat meer mensen dat waren.'

De Zweedse dj Avicii tijdens een optreden. Beeld anp

Eerlijk

De superpopulaire Amerikaanse producer en dj Steve Aoki, die zijn shows pleegt op te leuken door slagroomtaarten in het publiek te smijten, liep eens tegen een mening van Seth Troxler op. Hij staat er nog van te wankelen. 'Steve Aoki is een overbetaalde, ongetalenteerde, cake throwing cunt!', schreef Troxler vorig jaar in een tirade tegen de oppervlakkige dance-industrie, gepubliceerd op cultuursite Vice. En rechtstreeks tot collega Aoki: 'Mijn beste schoolvriend Frank is nu toevallig een heel goede honkbalpitcher. Ik kom met hem naar een van je shows. Met een taart. I'm coming for you, Aoki!

Grappig is Seth Troxler dus ook. En heel eerlijk. Als we met Troxler, net geland in Brussel, een businesslounge induiken (daar heeft Troxler een pasje voor) zegt hij het maar vast, mochten we ons afvragen waarom de dj zo moeilijk loopt. 'Een razende ontsteking aan mijn kont. Ik ben vorige week iets te hard gegaan op Ibiza geloof ik. Fucking aambeien!'

Zijn leven is een langgerekte dj-psychose. Een krankzinnige race over de wereld, van clubs naar festivals, van Ibiza naar Australië en de States, met steeds die drie loodzware tassen vol vinyl om de nek. 'Grappig', zegt hij. 'Je leeft je droom en dan zie je ineens het punt waar die droom je heen duwt: naar een bestaan met een in puin geslagen sociaal leven en een geruïneerde gezondheid. En een burn-out.' Die is onherroepelijk, volgens Troxler. Na tien jaren van vliegen, nachtenlang draaien, drank en drugs, feesten, weer vliegen en hazenslaapjes in afgrijselijke hotels naast het vliegveld.

(Tekst gaat verder onder foto).

Seth Troxler. Beeld Daniel Cohen

Serieus genomen

Toch heeft hij wel tijd en zin om wat typische Troxler-stellingen door te nemen met het bezoek uit Nederland. Hij wordt graag serieus genomen. 'Vergis je niet. In de dance- en clubcultuur word je zelden serieus genomen.' Doe je dat dus wel, dan word je opgenomen in de Troxler-cirkel van vertrouwen, van mensen die 'okay' zijn.

Vlak voor een uitputtende draaisessie in de Luikse club Le Cadran, afgelopen vrijdagnacht, buigt Troxler zich bijvoorbeeld samenzweerderig richting je oor en fluistert: 'Weet je dat je door al die ultrakorte dj-slaapjes een soort alzheimer krijgt? Omdat je herinneringen van de dag niet goed worden opgeslagen? Ik vergeet steeds dingen, of herinner ze me totaal verkeerd. Best eng.'

Seth Anthony Troxler groeide op in Kalamazoo, Michigan, waar zijn stiefvader een radioshow had op de lokale zender. 'Geweldige show: Fade2Black. Hij draaide tot een uur of vier 's morgens r&b, hiphop en house. En als het sluitingstijd was voor de clubs in Kalamazoo en de mensen dus naar huis gingen, sloot hij zijn show af met The Love Zone. Dan draaide hij muziek voor lekker thuis, op de bank, met je meisje. Ik heb zo veel muziek opgepikt van mijn stiefvader. Toen ik een jaar of 10 was, vond ik Prince helemaal niks. Ook niet als mijn stiefvader hem draaide in zijn Love Zone. Maar ja, toen werd ik 13. Ontdekte ik meisjes. En wow, ja, toen begreep ik Prince. En mijn stiefvader.'

Dus draait Troxler nog altijd Prince, ook vrijdagnacht in Le Cadran, in een bijna onherkenbare en spookachtige dubtechnotrack, gemixt met diepe, warme house, de cover van Nelly's Hot In Herre door Tiga én met psychedelische jazztracks, of bijvoorbeeld een maf Spaans kinderliedje als La Bola de Cristal. 'Eigenlijk verzamel ik nog altijd dezelfde muziek om me heen als vijftien jaar geleden.'

Muthe

Maar house werd de hoofdhobby toen het gezin naar Detroit verhuisde. 'Detroit ja, de stad met de mythische naam voor de undergroundtechno en -house van Amerika. Ik heb er weinig van gemerkt. Detroit is dus écht een mythe. Natuurlijk werd daar in de jaren tachtig de electro van Kraftwerk gemengd met soul en zo tot techno gevormd, maar in mijn tijd stond het clubleven echt op een laag pitje. Ik denk dat in Detroit misschien tweehonderd jongens een beetje serieus met house bezig waren. Rock was groot. En hiphop. Elektronische muziek en techno was echt heel uncool. Iets voor de gekkies van de school.'

Troxler was een gekkie. Hij zeurde de eigenaar van de platenzaak de kop suf om vinyl van Classic Records, het label van Chicago-housegod Derrick Carter. 'Die man vond dat opmerkelijk, dat zo'n jochie zo geobsedeerd was door dat heritage-spul. Toen ik 15 was, gebeurde het ongelooflijke. Ik kreeg een baan aangeboden in die platenzaak. Oké, dacht ik: kennis is kracht en die kennis kan ik hier opdoen. En na een jaar werd ik opgenomen in de kleine maar hechte housescene van Detroit. Omdat ik feitjes kende, en alle obscure platen. Ik werd serieus genomen. Seth was cool.'

Is hij nog steeds. In de backstageruimte van Le Cadran, een splinternieuwe club in Luik, rookt Troxler twee jointjes, vraagt om 'sterk Belgisch bier' en speelt een paar potjes vier-op-een-rij. Verliest een paar potjes vier-op-een-rij. 'Ik dacht dat ik best intelligent was. Ik word er ingeluisd, toch?'

Dan, met een blik op de megaklok boven de koelkast, die hard op weg is naar twee uur 's nachts: 'Nog tien minuten. De zaal in maar. Is het leuk binnen?'

Seth Troxler. Beeld Daniel Cohen

Selfies

Eén stap buiten de backstagedeur en het selfiecircus begint. Troxler wordt belaagd door zwetende clubgasten en hun eeuwige smartphones. 'Godver, die selfies', zegt Troxler. 'Ik heb het daar zó mee gehad. Maar ja, het is de handtekening van nu hè? We doen allemaal maar mee. Dat is de deal. Wil je het niet, moet je een andere baan zoeken.' Plakkerige mensen, plakkerige praatjes: 'Seth, man, ik ben zo diep gegaan op je set in de DC 10 op Ibiza.' Troxler: 'Ja joh? Mooi man. Foto klaar?'

Troxler is een boegbeeld van het betere dj-werk, een van de sleutelfiguren van de dance van het afgelopen decennium en moet dus overeind blijven in de orkaan van adoratie. Op zijn 20ste vertrok hij met wat Detroitse vrienden naar Berlijn. Want daar gebeurde het. 'Ik was al een paar keer op en neer gegaan, naar de nachtclub Berghain. Daar kwam de minimalistische techno op van Richie Hawtin en Ricardo Villalobos. Vonden we te gek, wilden we bij horen. In Detroit was voor ons geen enkel toekomstperspectief - je weet hoe het met die stad gesteld was begin deze eeuw. Dus we pakten onze koffers en vertrokken. Het ergste wat er kon gebeuren als het in Berlijn niet zou lukken, was dat we terug naar huis moesten.'

Het lukte in Berlijn. 'We zaten boven op die enorm vruchtbare technoscene, die de dance in het eerste decennium van onze eeuw zou beheersen. En we werden er onderdeel van.' Troxler werd een van de vaste dj's in de legendarische club Berghain en veelgevraagd in de rest van Europa, van Ibiza tot Londen en club Trouw in Amsterdam. 'Ik was een kind toen ik daar voor het eerst naar binnen liep. En ik werd door Boris Werner en San Proper (Amsterdamse dj's en vaste bespelers van Trouw, red.) opgenomen in de familie. Het was een ongelooflijk tijdperk, ik denk er steeds vaker aan terug, zeker nu ik net 30 ben geworden. Weet je, de kids van nu die gaan dj'en, willen toch allemaal een ster worden? Nou ja, vast niet allemaal, maar toch. Daar was bij ons geen sprake van. Dat sterrendom bestond niet. We waren bezig met onze kunst, sliepen op een smerige matras en aten elke dag kebab van döner. Ja, mag ik een beetje sentimenteel worden?'

Beeld Daniel Cohen

Materiaalpech

Zijn urenlange set in Le Cadran is ongrijpbaar mooi, voert van kietelende diepe house naar kale maar soulvolle techno, in een beklemmende en hemels aan elkaar gedraaide mix. Maar Troxler wordt geteisterd door materiaalpech. Draaitafel valt uit, mixer doet niet wat hij wil. En dan schijnt het Luikse en niet echt welopgevoede dancepubliek de dj nog constant in de ogen met irritant felle smartphonelampjes. Troxler draait door, maar scheldt ook wat over zijn schouder richting de technicus achter het projectiescherm en naar zijn persoonlijke assistent Alex. Die zweet peentjes, rent heen en weer met apparatuur en verse kabels. In Le Cadran houdt men bij het eerste optreden van de grote man in de voor zijn doen kleine club het hart vast. Dit gaat niet goed.

Maar als tegen halfvijf zijn laatste plaat wordt overgenomen door de Belgische dj Lee Davon stapt Troxler toch vrij relaxed achter de decks vandaan. Bezorgde blikken van de clubeigenaar. En van de man met de snoertjes. 'Was het heel erg?' Troxler: 'Welnee. Nieuwe club, kan gebeuren jongens. Lekker gedraaid. Weet je wat ik nu wel zou lusten? Een sandwich ofzo. Doen we daarna nog een pizzaatje? Wel gezellig toch?'

Het is een raar en soms vies hard wereldje, zegt Troxler. 'Het is ook wel fijn om af en toe aardig tegen elkaar te zijn. Het kan snel met je gaan, je kunt worden meegesleept door je eigen succes. Ik heb mensen hun ziel zien verliezen. Er bleef een lege huls over. Ik ben nu tien jaar bezig. Doorknallen. Ik heb de bizarste dingen meegemaakt. Een vriend pleegde zelfmoord op Ibiza, een dag voordat ik daar moest draaien op een enorm feest. Janken onder de draaitafels en het volgende plaatje opzetten. Net als in Rusland, waar ik eens draaide op een goedbetaald feest. Een uur voor mijn set kreeg ik een sms van mijn vriendin, dat ze niet verder wilde. Daar sta je dan. Weer onder de draaitafels.'

Zijn leven, zegt Troxler, zit verpakt in een vrijda g te verschijnen mixalbum van de illustere reeks DJ-Kicks, waarop de meest toonaangevende dj's op uitnodiging een set in elkaar draaien. 'Ik wist niet wat ik ermee moest. Een cd maken, sowieso: wie heeft er een cd-speler thuis? Alleen nog in de auto, toch? En ik draai eigenlijk uitsluitend voor publiek: moest ik nu in afzondering een enorm uitgedachte collectie nieuwe muziek in elkaar zetten?' Het pakte anders uit. De plaat is een wonderlijke en emotionele mix van folk, techno, retrohouse en psychedelische jazz. 'Vorig jaar overleed Rob Fernandez, een vriend en groot housepromotor in de VS. Ik zat in krantenknipsels te bladeren en vond een interview over zijn favoriete tracks, waaronder Why Can't You Be Real van Byron Stingily. Rond dat nummer, en in gedachten bij Rob, heb ik toen maar die set gedraaid, in één ruk, puur op gevoel. Verdrietig zijn is soms ook heel mooi. Zelfs in de dance.'

DJ-Kicks van Seth Troxler verschijnt op 16/10 bij K7 Records. Op ADE draait hij op 16/10 een 'all-nighter' in Closure en op 17/10 op het feest Circoloco at Loveland in Mediahaven. Voor meer Troxler op ADE: amsterdam-dance-event.nl

Seth Troxler. Beeld Daniel Cohen

Zes stellingen van Seth

EDM is een klucht

'In Amerika hebben mannen met pakken de dance-industrie overgenomen. De 'EDM', zoals die rotzooi wordt genoemd, wordt de kinderen door de strot geduwd. Het is oppervlakkige nepdance die gemaakt wordt met één enkel doel: geld verdienen. Het heeft elektronische muziek teruggebracht tot entertainment en omdat het zo niksig is, worden er gimmicks omheen bedacht om het nog iets te laten lijken. Taarten gooien en dat clownsgedoe van acts als LMFAO: het is niets meer dan een klucht. Net als die grote dancefestivals in de zomer. Toch draai ik er nog, omdat ik de ijdele hoop heb dat er een kind met zo'n glow stick bij me langs komt en hoort dat er ook mooie dansmuziek is, die goed aan elkaar wordt gedraaid en niet in een vooraf in elkaar gezette mix met een druk op de knop uit de geluidsinstallatie wordt geknald.'

Martin Garrix is cool

'Martin Garrix, die vind ik dus wél leuk. Ik wist niets van die jongen en had hem eigenlijk al veroordeeld en geschaard bij de bullshit-dancejongens. Ik had iets naars over hem geroepen, toen ik werd geïnterviewd voor een documentaire over hem. Tja, zo doe ik dat soms, in een soort ononderbroken stroom van gedachten waarvan ik op dat moment denk dat ze briljant zijn. Daarna zat ik ineens naast hem in een vliegtuig, na een tour in Australië. Awkward. We raakten toch aan de praat en ik kwam erachter dat we veel gemeen hebben. Hij vertelde dat hij vanaf zijn 10de heel intensief met dansmuziek bezig is, dat hij echt heel diep in de muziek zit. Ik voelde zijn liefde. Het maakt me niet uit wat voor muziek je maakt, als je het maar doet met oprechte liefde en een béétje serieuze muzikale opvattingen. En je niet omringt met stomme gimmicks. Martin Garrix heeft meer in huis dan veel andere jongens in de Dutch Dance. Hij zei dat hij niet veel verder kwam bij zijn label, dat hij gefrustreerd was omdat hij veel avontuurlijker muziek wilde maken. Ik vertelde hem dat hij soms ook gewoon 'fuck it' moest durven zeggen. Dat heeft hij inmiddels gedaan. He's a good kid.'

Martin Garrix. Beeld anp

Nederlandse clubcultuur is kunst

'Nederland is het enige land dat clubcultuur beschouwt als kunst. Trouw in Amsterdam was zo'n club waar de dansmuziek echt werd tentoongesteld, dat idee had ik altijd als ik er draaide. Alles klopte: de aankleding, het design, de instelling van het publiek, het familiegevoel. Net als daarvoor bij de Roxy. Trouw was een cultuurinstituut, een plek waar iedereen zijn eigen dansexperiment kon beleven. Dat de club vorig jaar dichtging, was ook heel kunstzinnig. Iets beëindigen, ergens ineens mee kappen, is moeilijk, maar cool. Dat zouden dj's ook vaker moeten doen. Don't mess up your legacy, zeg ik altijd maar. Maar eerlijk: ik draaide met Tom Trago op de slotavond van Trouw en daarna waren we emotioneel totaal gesloopt. Trouw was onze club. En ineens was het stil. Toen zijn we maar samen een nummer gaan opnemen, aan de overkant van de Wibautstraat.'

De dance staat even stil

'Ik heb het afgelopen jaar verbaasd rondgelopen op festivals en in clubs, wereldwijd. Ik hoor ineens overal hetzelfde. Een beetje monotone 'techhouse'. Ik ben vaak op het woestijnfestival Burning Man, daar kwam altijd de nieuwste elektronische muziek. Je kon het zo gek niet bedenken, van nieuwe psychtrance tot rockabilly. Maar dit jaar hoorde ik ook daar overal een beetje middelmatige house. We zitten denk ik even in een bubbel. Als mensen die dance niet kennen, het nu horen en denken dat dít het is waar wij ons zo druk om maken, hebben we iets uit te leggen.'

Dansen bij een crisis mag

'Het lijkt vreemd misschien: de wereld is in crisis, in Europa is een vluchtelingendrama gaande en op het Amsterdam Dance Event gaan we vijf dagen feesten - en confereren natuurlijk, dat is eigenlijk veel belangrijker. Maar toch bestrijd ik dat de danscultuur een hedonistisch en oppervlakkige cultuur is die de rug naar de wereld keert. Je danst om te vieren dat je leeft, dat is iets anders dan hedonisme. Ik merk dat veel mensen in de clubcultuur juist enorm betrokken zijn bij wat er in de wereld gebeurt. Samen dansen is heel louterend: je geeft er mee aan dat je de wereld alleen met elkaar een betere plek kunt maken. Ja, idealistisch, maar wat moet je nu anders zijn?'

Mijn opa's barbecuesaus is de beste van de wereld

'Het begon heel klein, met dat koken van mij. Ik deed mee aan de jaarlijkse kookwedstrijd op ADE: de DJ Cook Off en won drie keer. Ik opende een pop-up restaurant in Londen. En dat is nu een echt restaurant geworden: Smokey Tails. Het is een missie van me: de wereld laten kennismaken met onze familierecepten en de barbecuesaus van mijn helaas overleden opa. Mijn opa was een geweldige man. Een van de bijzonderste mensen uit mijn leven. Toen ik heel klein was, had hij een barbecuerecept bedacht, écht heel goed. Dat was in onze familie nogal een ding, een eurekamoment voor de Troxlers. Het is dan ook de beste barbecuesaus die ooit is gemaakt. Mijn droom is dat ik die saus nog eens ga verkopen, in een fles met zijn hoofd erop. Oude mensen zijn zo vreselijk cool. The greatest generation heet dat in de States, en zo is het. Oorlogen meegemaakt, de depressie. Honger gehad: ze aten eekhoorns. En bleven maar sterk, met negen kinderen. En wij maar klagen over de meest futiele dingen. Crazy. Alles is zo vulgair tegenwoordig. De moraal is weg. Ik heb de moraal van mijn opa altijd in mijn achterhoofd.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.