Trots op de Watergeus

Nederland geeft betrekkelijk weinig geld uit aan onderwijs, maar we doen het prima. We weten alleen niet waarom. Aldus voorzitter Fons van Wieringen van de Onderwijsraad in een deze week verschenen rapport....

Anet Bleich

Opmerkelijk. Niets in dit land is meer zoals je zou veronderstellen. Van een Onderwijsraad zou je een kritische toon verwachten. En van een instituut als de Rekenamer zou je denken dat men tevreden is over de meevallende kosten van het onderwijs. Maar anno 2005 is het precies andersom.

De Rekenkamer kwam verleden week naar buiten met de vaststelling dat de toestand in het vmbo in feite onhoudbaar is. Zo'n 60 procent van de schooljeugd bezoekt dit veelal in zeer grote scholen geconcentreerde onderwijstype. Het aantal uitvallers, jongeren die zonder diploma de straat opgaan, is zorgwekkend hoog. Dat hoeft, zoals de Rekenkamer constateert, nauwelijks te verwonderen. Want in het vmbo worden vogels van wel zeer verschillende pluimage samengebracht: kinderen die voorheen het sterk praktijkgerichte vbo volgden, vroegere mavo-scholieren (die mavo luistert tegenwoordig naar de huiveringwekkende naam vmbo-theoretische leerweg) en ook nog eens de kinderen die vroeger naar het speciaal onderwijs gingen vanwege geestelijke handicaps of leermoeilijkheden. Stop dat allemaal bij elkaar in een grote onderwijsfabriek en je krijgt wat je nu hebt: scholen waar een op de vijf leerlingen niet kan meekomen (conclusie van de Rekenkamer).

O, wat doen we het toch goed in Nederland! Rustig maar, waarde

onderwijsgevenden, ik weet heus wel dat het vmbo met de beste bedoelingen is opgezet - minder goede leerlingen zouden zich aan betere moeten kunnen optrekken - en dat veel leraren zich letterlijk uit de naad werken om hun pupillen toch iets van persoonlijke begeleiding te geven. Dat neemt niet weg dat in het onderwijs een tweedeling is ontstaan die haaks staat op alle mooie ideeën over onderwijsvernieuwing uit het recente verleden (middenschool, basisvorming), die beoogden alle leerlingen een zo goed mogelijke startkans in de maatschappij te geven.

De middenschool is op de tekentafel blijven steken en de basisvorming (dezelfde vakken en ongeveer dezelfde leerstof voor de eerste drie jaar van het voortgezet onderwijs) was van meet af aan een lachertje, omdat ze was gekoppeld aan de Cito-toets die schoolkinderen van twaalf jaar heel precies naar een bepaald schooltype dirigeert. Zodat van het doel van de basisvorming, het vergemakkelijken van de overstap van lagere naar hogere onderwijsvormen en vice versa niets terecht is gekomen.

In plaats daarvan hebben we nu drie bevredigend tot goed functionerende schooltypes (havo, atheneum en gymnasium) en het vmbo voor de rest. En dat terwijl in het grijze verleden, dus nog ver voor de gestrande onderwijsvernieuwingen, het juist de mavo (voorheen mulo) was die voor getalenteerde arbeiderskinderen als springplank diende om door te stoten (via havo/hbs) naar het hoger onderwijs. Je zou zo denken dat in een tijd met veel migrantenjongeren, waaronder ongetwijfeld veel laatbloeiers, aan zo'n mavo, als soepele verbindingsschakel tussen vbo en havo meer dan ooit behoefte is. Maar vanuit de aan het vmbo verbonden theoretische leerweg is de doorstroming naar boven verwaarloosbaar klein.

Ziehier dus de door niemand gewilde, maar meedogenloos bestaande tweedeling, waarbij het vmbo nog eens extra wordt belast doordat uit een mengeling van idealisme en bezuinigingsdrift een einde is gemaakt aan het speciaal onderwijs voor kinderen die echt niet kunnen meekomen.

Maar wat zeurt die Rekenkamer toch? Laten ze liever een voorbeeld nemen aan voorzitter Van Wieringen! Het gaat best goed en het zou nog veel beter gaan als het onderwijs zich tot taak zou stellen onze nationale identiteit te versterken! Het wordt de hoogste tijd dat we ons met gepaste trots bezinnen op de erfenis van de Watergeuzen! En op die van ingenieur Lely (drooglegging Zuiderzee)! Weten die Marokkaanse kindjes eigenlijk wel wat een polder is? Ja, weten wij het zelf nog?!

Ik stel het volgende voor: we sturen een delegatie onderwijsexperts naar Servië om te bestuderen hoe daar het geschiedenisonderwijs is ingericht (Slag op het Merelveld, centraal punt voor de Servische identiteit). En we veranderen onmiddellijk de eindexamenstof. Het schijnt nu te gaan over de industriële revolutie in Lancashire.

Waarom zo ver weg, vraagt Van Wieringen zich af. Laat ik hem dan toch maar verklappen dat de industriële revolutie (in economisch opzicht het begin van de moderne tijd) nu eenmaal in Engeland begonnen is en niet in Lutjebroek. Jammer misschien, maar het is niet anders. Je vraagt je af welke opleiding de heer Van Wieringen genoten heeft. Het kan toch niet vmbo-theoretische leerweg zijn geweest?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden