Troïlus & Cressida

Hoe ver ligt Arnhem van Afghanistan? Hoe verplicht zijn critici om naar de grote puzzel van onze werkelijkheid te verwijzen als een toneelstuk daar feilloos in past?...

Regisseur Willibrord Keesen in een interview in de Provinciale Zeeuwse Courant: 'Het gaat over mensen die vinden dat oorlog niet moet, maar ze gaan er toch mee door. Zit je eenmaal midden in zo'n conflict, dan kun je daar niet zo maar uit. Shakespeare laat zien hoe ingewikkeld dat proces is.' Hier ligt de analogie met vandaag klaar als een hoer op zondag: je kan moeilijk om haar heen. Maar wenden de critici liever het hoofd af?

Anneriek de Jong opent haar recensie in NRC Handelsblad wel met de uiterst relevante cri de coeur: 'Hoe moet je een oorlog stoppen?', want de aanleiding van de oorlog die in Troïlus en Cressida aan de orde is kan de strijdende partijen allang niets meer schelen, maar 'wat hun nog wel iets kan schelen is de angst voor gezichtsverlies, en zo modderen zij maar door'. De critica gaat er verder niet op in maar je ziet Rosenmöller, De Grave en Bush al voor je.

Hans Oranje (Trouw) bespeurt helemaal geen inhoud in de voorstelling en hij stoort zich ook aan de vorm. Hij sputtert flink tegen de oude Will ('stomvervelende tekst en handeling'; 'nooit door de London Globe gespeeld en geschreven als gelegenheidsstuk voor rechtenstudenten ofzo') en valt ook nog over de verkeerde uitspraak van de Griekse namen, over de casting en andere trivia: 'Zo heeft Kenneth Herdigein niet de postuur en de uitstraling van een domme mannetjesputter Ajax (...) En het op zich wel leuk bedachte vriendenpaar Achilles en Patroclus, dat in korte broek en op slippers vakantie houdt aan Troje's strand te midden van het krijgsgewoel, ging met die rare schaterlach van de eerste vervelen.'

Die strandslippers maken gek genoeg toch weer nieuwsgierig. Anneriek de Jong beschrijft de kennelijk bonte combinatie van 'harnassen, fluwelen Velazquezkostuums, campingsmokings en diplomatenpakken' en die zijn, begrijpen we, het beeldende gevolg van 'dit grillige drama dat bij Shakespeare voor een verbrokkelde stijl zorgt door klassieke, middeleeuwse en renaissancistische invloeden'. Juist de afwisseling van satire en serieuze toon 'maakt deze inhoudelijk zo tegenstrijdige voorstelling toch bewonderenswaardig vormvast'.

Ton Verbeeten (GPD-bladen) durft als enige ongegeneerd verbanden te leggen: met oog voor detail en veel gevoel voor humor ontgaat het hem niet dat 'de helden stuk voor stuk kleine konkelaars zijn, interimmanagers die tuk zijn op hun opties en naar believen een mooi verhaal opdissen om hun eigenbelang te verdoezelen'. Ziehier de eerste concrete verwijzing in de recensies naar onze eigen maatschappelijke werkelijkheid, waarin Trainers en Scheepbouwers de nieuwe generaals zijn die met hun missie verplicht zijn te slagen of zij worden voor eeuwig roemloos door de zijdeur afgevoerd.

'Wij, het publiek, zitten wel te juichen en daar is qua spel en tekst alle reden voor maar we hebben de verhoudingen die ons op zo satirische wijze worden voorgeschoteld allang geaccepteerd' (De Gelderlander). Zo'n criticus maakt de wereld even op een intelligente manier kleiner en inzichtelijker. Het regent op dit moment Shakespeares op het toneel. Ton Verbeeten laat zien dat er een reden moet zijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden