Trim je fit, welvaartsmens wordt de rennende mens

In 1968 begon de Nederlandse Sport Federatie een actie om het Nederlandse volk in beweging te krijgen. Weinig acties zijn zo succesvol geweest. Nu lopen een kleine drie miljoen mensen weleens hard.

Begin jaren '70 duiken ze op in het landschap: trimbanen. Naar Noors voorbeeld moet de burger actiever worden.

Een beetje bedremmeld zitten Riëtte Koper en Sophia Prescott in de Cruise Terminal, trekpleister aan de opgepimpte Wilhelminapier van Rotterdam. De decibellen die dj Miss Sunrise deze zondagmorgen produceert waaien langs hen heen, door het open raam over de Nieuwe Maas.

Het enige dat Koper en Prescott bindt met al die andere vrouwen in deze ruimte is het roze shirt en de wetenschap dat ze straks een stuk zullen hollen. Vijfduizend vrouwen maken vandaag een sportief rondje van 5 kilometer rond het water.

Eerst over de Erasmusbrug richting het centrum van Rotterdam en daarna weer terug naar zuid over de Willemsbrug. De sportiefsten doen twee rondjes en dus 10 kilometer.

Dat roze is vanwege Pink Ribbon, de organisatie tegen borstkanker, die met hun hardlopen wordt ondersteund. De één draagt een roze muts, de ander een roze tule en nummer drie heeft boobies op haar shirt geschreven. De adidas Ladiesrun blinkt eerder uit in uitbundigheid dan door prestatiedrang.

De laatste jaren zijn er steeds meer hardloopevenementen speciaal voor vrouwen gekomen. 'Dan hebben ze geen last van al die haantjes', zegt Mario Kadiks. Vier jaar geleden begon hij deze loop als aanvulling op de marathon van Rotterdam en de CPC-Loop in Den Haag waarin de prestaties wel degelijk tellen, al was het maar in de vorm van een persoonlijk record.

In de Adidas Ladies Run is iedereen die aan de start verschijnt een winnaar. Ruim voor de start staat het erepodium al klaar in de Cruise Terminal Rotterdam. Iedereen die dat wil, kan zich alvast juichend laten vastleggen op de foto. Zelden zo'n ontspannen opwarming voor een sportieve prestatie gezien.

Bij nagelstudio Kiki worden nagels gelakt, vandaag in het roze. Bij de stand van Adidas kan modieuze loopkleding worden aangeschaft, ook roze uiteraard. En bij massageteam BMS is het langdurig wachten geblazen op een laatste massage van de beenspieren.

Riëtte Koper en Sophia Prescott weten dat de vriendin die hun warm maakte voor dit evenement in de rij zit. Nee, zij bedanken voor de eer en dat is meteen ook de reden van hun afzijdigheid. Zij zijn meer van het oude lopen, gewoon van A naar B. Liever geen poespas daaromheen. 'Ik loop één keer in de week 10 kilometer', zegt Koper, 'en eigenlijk is dat me wel genoeg.'

Voor het nieuwe lopen kun je het best je oor te luisteren leggen bij Mario Kadiks die dat balancing your life noemt. Hardlopen hoort bij het dagelijkse leven, net zoals een uitspatting dat van tijd tot tijd doet. Het is geen keuze, het is allebei.

Met de Ladies Run mikt hij op de moderne vrouw. De Marikenloop, de bekendste vrouwenloop, heeft een affiche van een gezond ogende vrouw die door groen snelt. Dat is niet de doelgroep waarop hij in eerste instantie mikt. 'Dit is voor moderne carrièrevrouwen. Naaldhakken en I-phone.'

Wie op zoek wil naar de wortels van al dat hollen in Nederland, of het nu op hardloopschoenen is of op naaldhakken, moet naar een parkeerplaats bij het dorp Maarn. Langs de A12, de snelweg die het land van west naar oost doorsnijdt, moeten nog de resten te vinden zijn van eerste pogingen de welvaartsmens in beweging te krijgen. Dat heette destijds een trimbaan.

Op zo'n trimbaan kon je behalve hardlopen ook klimmen, springen en klauteren. De welvaartsmens als spelende mens. Een kleine veertig jaar geleden kon je ze vinden op plekken waar natuur en bebouwing elkaar raakten. Een balk waar je geacht werd met overheen te wippen. Of een verzameling balken die trapsgewijs de hoogte in ging en daarna weer naar beneden. Dat was nog een enorm geklauter.

Die trimbanen waren een idee van Wim de Heer. Beter gezegd: hij had dat idee opgedaan in West-Duitsland, waar dergelijk apenkooien langs de snelwegen al bestond. 'De Duitse automobilisten maakten er veel gebruik van in de pauze tussen lange autoritten door. Maar die van ons, bij Maarn, was niet zo'n succes.'

Wim de Heer is een kwieke man van 75 jaar oud. De gymnastiekleraar van vroeger valt nog goed in hem te herkennen. Hij staat nog kaarsrecht overeind. Altijd aan sport gedaan, tot op de dag van vandaag.

Vanaf 1973 verwezenlijkte De Heer 173 trimbanen door heel Nederland. 'Daar kwam natuurlijk kritiek op, dat het gevaarlijk was, terwijl we er juist alles aan deden om het zo veilig mogelijk te maken.'

De banen waren onderdeel van een grote door de overheid ondersteunde actie om Nederland in beweging te krijgen. Trimmen werd een kleine halve eeuw opeens een begrip. De Heer: 'Het idee was ontstaan in Noorwegen en we hebben dat idee in zijn geheel, inclusief dat woord, overgenomen. Ik vind het nog altijd een ideaal woord. Daar zit alles in.'

Van 1963 tot 1998 zat Wim de Heer bij de Nederlandse Sport Federatie, een organisatie die in de loop van die periode samen ging met het Nederlands Olympisch Comité. De Heer: 'Vroeger had je een strikt onderscheid tussen recreatiesport, wedstrijdsport en topsport. De laatste twee werden in verenigingsverband beoefend. Wij hebben altijd geprobeerd die verschillende takken van sporten zoveel mogelijk samen te brengen.' De fusie van de twee sportorganisaties was een gevolg van dat streven.

Ongeorganiseerd sporten, zoals hardlopen in openbaar gebied, kwam in het naoorlogse Nederland nauwelijks voor. Wim de Heer: 'Ik woonde destijds in Rotterdam. Als ik wilde hardlopen in het park, moest ik een drukke weg oversteken. Er werd helemaal geen rekening gehouden met volwassenen die op straat gingen sporten. Je kreeg van alles naar je hoofd als je op de weg aan het hardlopen was.'

De trimactie bracht daarin verandering. In samenwerking met de Hartstichting en de landelijke overheid richtte de NSF zich op de vervettende Nederlander. Het was voor het eerst dat het rijk in sport een instrument zag voor de gezondmaking van zijn onderdanen. Sport was altijd een zaak voor gemeenten geweest, die zich voornamelijk bemoeiden met aanleg en onderhoud van accommodaties.

De trimactie begon in 1968 met een speciale bijlage van De Telegraaf waarvoor ministers en staatssecretarissen zich lieten fotograferen tijdens een sportieve activiteit. Wim de Heer heeft nog een levendige herinnering aan Joseph Luns, de minister van Buitenlandse Zaken, die breeduit glimlachend op zijn rug in het zwembad lag.

De trimactie werd op een breed front geïntroduceerd met het vierletterwoord als de vlag die de lading moest dekken. Er kwam een maandelijkse uitgave, Trim-U-Fit, met allerlei tips over bewegen. Er werden trimtesten ontwikkeld om aan fitheid te werken. Er werd in 1972 een nationale trimwandeldag georganiseerd met ruim twintigduizend deelnemers, bewindsman Henk Vonhoff voerde de stoet aan.

Er kwamen trimcomités, 540 op het hoogtepunt, die samen trimactiviteiten ontwikkelden. En er werden 167 trimbanen aangelegd, die volgens De Heer een groot succes werden.

Afgezien van die ene baan in Maarn dan.

Het effect van de trimactie was onmiskenbaar. Het fenomeen sportschool diende zich daarna aan en sportverenigingen bloeiden op, al had dat ook te maken met een groei aan vrije tijd. De Heer: 'Maar het idee dat het goed is voor de werkende mens om te bewegen, heeft zich in die periode wel gezet.'

In terugblik wordt die periode wel aangeduid als de eerste loopgolf, eindigend in de jaren tachtig en gevolgd door een tweede loopgolf waar we nu midden in zitten. Atletiekbond KNAU heeft laten berekenen dat een kleine vier miljoen mensen zich regelmatig sportief voortbeweegt op twee voeten, van nordic walking tot hardlopen. Behalve gezondheid is nu ook de prestatie een drijfveer. Dat begint met het lopen van een halve of hele marathon en mondt uit in het vestigen van persoonlijke records.

De doelgroep hoeft niet meer aangemoedigd te worden door de overheid, maar wordt op haar wenken bediend door KNAU en organisatoren van prestatielopen, zoals Mario Kadiks. Hij is in zekere zin een erflater van Wim de Heer, ook Rotterdammer en ook gymnastiekleraar geweest.

Hij raakte in 1985, een paar jaar na de start, betrokken bij de Rotterdam Marathon en daaruit is het bedrijfje Like2Run ontstaan dat vijf loopevenementen organiseert. Kadiks is een man die praat in motto's. 'Het lichaam is gemaakt om te bewegen, doe het dan ook', is er zo één.

De door hem georganiseerde lopen beschouwt hij als belevenissen. De vrouwenloop van zondag is daarin de nieuwste dimensie, hardlopen als uitdrukking van lifestyle. 'Je kunt niet meer zeggen: ga maar lopen, we zien je straks wel weer. Hardlopen is onderdeel van veel meer en daarbij horen dus ook al die verwendingen.'

De Rotterdamse marathon, met ruim twintigduizend deelnemers de grootste van het land, is juist een doodernstige belevenis. Dat is ook goed te merken op die ijskoude en winderige zondag in april. Alle gezichten staan op serieus, behalve dat van Huub Hendrickx. Zijn gezicht staat op bloedfanatiek.

Als een paling krioelt hij door de massa, op zoek naar zijn hardlopers. Zijn vrouw steekt als herkenningspunt een vlag in de hoogte. Dat blijkt de vlag van de carnavalsvereniging in Venlo te zijn.

Huub Hendrickx is in die stad brood- en banketbakker, vlaaien zijn zijn specialiteit. In zijn vrije tijd traint en begeleidt hij Venlose hardlopers. Dat begon min of meer als geintje in de aanloop naar de marathon van New York, maar werd steeds serieuzer. Nou ja, serieus.

'Het kernbegrip is ontspanning. Je moet onderweg kunnen kletsen, dan loop je ook het best. Hardlopen is hartstikke gezond, maar je moet verstandig trainen. Het lichaam wordt zo zwaar belast.'

Huub Hendrickx kent het hardlopen over lange afstanden van binnenuit. Voordat hij lopers ging begeleiden, liep hij zelf in de jaren tachtig marathons. Toen had je nog de ruimte bij de start, nu niet meer. 'En de tweede loopgolf is nog niet eens op zijn hoogtepunt.'

Hendrickx overweegt daarom te stoppen met brood en banket, en zich helemaal te storten op de begeleiding van lopers. Nu zijn de dagen extreem lang met vlaaien in de vroege ochtend en rennen in de avonduren.

Zijn loopgroep bestaat vooral uit ondernemers en hoogopgeleiden, 150 in totaal. 'Mensen die op een bepaalde manier in het leven staan, bereid zijn een ander te helpen.'
Met de beginners gaat hij eerst wandelen om ze laten wennen aan het idee dat hardlopen in het begin geen lolletje is. 'Maar binnen een paar weken zijn ze verslaafd. De kunst van het hardlopen noem ik dat.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden