Tranen springen je in de ogen

Al meer dan een eeuw is er onderzoek verricht naar de brieven van Vincent van Gogh. In het Van Goghmuseum werken Leo Jansen en Hans Luijten sinds 1994 aan een nieuwe wetenschappelijke uitgave....

In het jaar dat kunsthandelaar Theo van Gogh overleed, opende zijn weduwe Johanna van Gogh-Bonger het enorme kabinet in hun woning in Parijs. Daarin bevonden zich bijna negenhonderd brieven van Theo's favoriete broer Vincent. Meer dan drieduizend velletjes correspondentie, opgeslagen in de laatjes en vakjes van wat door Van Gogh-onderzoekers later de 'Theo-kast' zou worden genoemd. Die dag in 1891 begon het proces van bezorging van Vincents brieven, een proces dat 111 jaar later nog steeds niet is afgerond.

Een doordeweekse dag in de Paulus Potterstraat, Amsterdam. Voor de deur van het Van Gogh Museum drommen Japanners, Fransen en Amerikanen. In een jaar komen 1,3 miljoen bezoekers op de Aardappeleters, Zonnebloemen en Irissen af. Een bijna ongeëvenaard aantal voor een museum dat volledig aan één kunstenaar is gewijd.

Vier meter hoger, in het naastgelegen kantoor, buigen Leo Jansen (41) en Hans Luijten (40) zich al sinds 1994 over een wetenschappelijke uitgave van de brieven van Vincent van Gogh (1853-1890). Toen ze begonnen, gaven ze zichzelf vijf jaar. Maar vandaag zijn ze met Vincent in Drenthe, pas in Drenthe. Het is november 1883. Ze zijn nog niet op de helft.

'Als die uitgestrekte door de zon verschroeide aardkorst donker uitkomt tegen de fijne lila tonen van de avondhemel, en het donkerblauwe, allerlaatste lijntje aan de horizon grond van lucht scheidt', schrijft Vincent aan het einde van een septemberdag, dan kan de heide, die overdag zo 'agançant en vervelend' is, zo 'subliem' worden als op een schilderij van Jules Dupré.

Vincent is gelukkig, voor korte tijd. Half september is hij aangekomen in Hoogeveen. Gevlucht uit Den Haag voor geldzorgen, voor een vrouw met een buitenechtelijk kind wat zijn familie niet lustte. En zoekend naar zijn prille kunstenaarsschap. 'Want het is een daadzaak dat nu al mijn werk te mager en te droog is. Dat is me in de laatste tijd zo klaar als de dag geworden en ik twijfel niet in 't minst of er is een algemene grondige verandering nodig.'

Hij krabbelt, getuige de schetsjes in zijn brieven, nog onvolmaakt aan schemerige turflandschappen, boerenkoppen, bemoste boerderijdaken. Dan, eind september slaat het weer om. En zijn stemming.

Geen beste tijd, die twee maanden in Drenthe, constateert Leo Jansen. 'De tranen springen je in de ogen als je die brieven leest.' Eenzaamheid, twijfel, geldgebrek spat van de pagina's . 'Ik dacht', schrijft Vincent, 'ik ben gedesillusioneerd, namelijk, ik dacht: mijn ogen van mij hier op deze sombere avond, hier wakker in de eenzaamheid, als er bij wijlen tranen in geweest zijn, waarom zouden die niet door zodanige smart mij ontwrongen zijn als door desenchantement.'

Voor die 1,3 miljoen museumbezoekers is Van Gogh de icoon van de lijdende, impulsieve, geniale kunstenaar, obstinaat volhardend in zijn ideaal, voorbestemd tot een tragisch lot. Maar dat beeld van de persoon Vincent van Gogh ligt voor de onderzoekers wel wat genuanceerder.

Jansen: 'Ik heb verstandige, volwassen, mensen horen zeggen, ''Ach die lieve Vincent.'''

Luijten: 'Há!'

Jansen: 'Je kunt je wild aan hem ergeren. Hij zuigt in die brieven, zeurt over geld, hij heeft altijd gelijk.'

Luijten: 'Ik acht het heel goed mogelijk dat als wij samen met Vincent in een kamer zouden zitten, we na een half uur ruzie zouden hebben.'

Luijten en Jansen leven voor onbepaalde tijd samen met Van Gogh, met zijn stemmingen, zijn taal, zijn boeken, zijn geldgebrek. Ze kennen zijn grote dromen maar ook de slager in Brussel waar hij zijn worstjes kocht. Ze hebben net de laatste hand gelegd aan de expositie De noodzaak tot schrijven, een tussenstand in de wetenschappelijke bezorging van Van Goghs brieven. Brieven die een onschatbatbare hoeveelheid kunsthistorisch materiaal bevatten, omdat Vincent zijn mecenas Theo erin precies vertelt wat hij aan het schilderen is. Bovendien zijn de brieven aanstekelijk goed geschreven. W. F. Hermans noemde ze het mooiste dat er in de Nederlandse literatuur is verschenen.

'Beste broer, beschouw me niet als iets anders dan als een gewoon schilder, die voor gewone bezwaren staat en meen niet [dat] er iets bijzonders gebeurt als er donkerheden zijn. Ik bedoel, stel u de toekomst noch zwart noch fel licht voor, gij kunt beter doen met in 't grijze te blijven geloven.'

Jansen: 'Vincent heeft een stijl, directheid, voortvarendheid en er gebeurt van alles in dat ellendige leven waardoor je door blijft lezen. Maar hij vond zichzelf geen schrijver en hij schreef niet om het mooi schrijven.'

Dat alledaagse effectieve woordgebruik, heeft de tijd beter doorstaan dan veel van de breedsprakerige negentiende-eeuwse literatuur: 'Nog bedankt voor de kleurenschetsen', schrijft hij zijn schildersvriend Emile Bernard naar aanleiding van twee pornografische tekeningen. 'Bravo. De vrouw die zich wast en degene die zegt: ''Als het op pezen aankomt, is er geen tweede als ik'', zijn volgens mij de beste; de anderen grijnzen te veel en zijn vooral te flets, niet vleselijk genoeg, niet stevig genoeg gebouwd.'

Deze passage was niet te lezen bij de allereerste uitgave van Vincents brieven in 1914, bezorgd door Jo van Gogh-Bonger. De weduwe publiceerde dertien jaar na een eerste inventarisatie van de Theo-kast (het origineel is pronkstuk op De noodzaak tot schrijven) een eerste leeseditie. Met potlood markeerde ze tussen haken de passages die gekuist moesten worden. Seks en familieruzies werden verzwegen. En als de brieven spraken over de zusters (meervoud), maakte Jo van Gogh-Bonger daar zus Wil (enkelvoud) van. Ze had een hekel aan zus Anna.

De weduwe-editie was de eerste van een lange serie publicaties en onderzoeken naar de brieven. Toch is er volgens Jansen 'nog steeds geen enkele briefpagina van Van Gogh gepubliceerd die geen één fout bevat'. Vertaalfouten, interpretatiefouten, indelingsmissers, of overhaaste gevolgtrekkingen.

Jansen: 'Er is bijvoorbeeld het dilemma van de t en de l. In Vincents handschrift zijn die twee letters niet van elkaar te onderscheiden. In het Nederlands levert dat nauwelijks misverstanden op. Maar in het Frans wel. Er is een cruciaal verschil tussen ta lettre of la lettre.'

De studie naar de negenhonderd brieven, grotendeels gericht aan Theo, begon met de transcriptie. Luijten: 'Drie keer het handschrift overschrijven. Dat is het minimum. Drie paar ogen gaan er overheen. De derde haalt er nog allerlei ongerechtigheid uit.'

Dat betekende: een paar jaar lang de hele dag gebogen over letters, over leestekens, over citaten, over eigennamen. Jansen: 'In feite ben je de hele dag bezig elkaar vliegen af te vangen.'

Luiten: 'Komma's! Heel belangrijk. Van Gogh was slordig. Schrijft hij: dat schilderij is blauw, grijs, groen? Of schrijft hij blauwgrijsgroen? Het verschil tussen een samentrekking of een opsomming is een heel ander schilderij.'

Met alle kunsthistorische consequenties van dien. Zo weten de taalwetenschappers nu al zeker dat er minstens een tot nog toe onbekend schilderij moet zijn, puur door het juist interpreteren van de interpunctie.

Is er iets fundamenteels gewijzigd aan het beeld dat ze vooraf van Van Gogh hadden. 'Ja, flauw misschien, maar het beeld is genuanceerder geworden', zegt Luijten. De teksten met doorhalingen, woeste onderstrepingen gaan door voor emotionele erupties van een persoon met sterke stemmingswisselingen. 'Maar elke brief is gecomponeerd, aan elke brief ligt een strategie ten grondslag. Vincent wil met zijn woorden altijd iets voor elkaar krijgen, elke brief is bedoeld om geld te krijgen, gelijk te hebben, Theo te overtuigen.'

Na de transcriptie is het grootste werk de annotatie, het nazoeken van bronnen, personen, citaten uit boeken die in de brieven worden genoemd. Dit doet het onderzoek enorm uitdijen. Vincent is een groot lezer, de 'imaginaire boekenkast' die samen te stellen valt uit citaten en verwijzingen is enorm. En dan is er als derde hoofdpoot van het onderzoek de datering van brieven, een sleutelaanwijzing vaak voor kunsthistorici bij het toeschrijven van de schilderijen. Belangrijkste wapenfeit voorlopig: het vinden van de juiste datum van de allereerste brief van Vincent aan Theo. Voorheen geplaatst in augustus 1872, door Jansen/Luijten neergezet op 29 september van dat jaar.

'Eerder werd aangenomen dat de brief in augustus thuishoorde', vertelt Jansen, 'omdat Theo bij Vincent op bezoek was, en het daarom vakantietijd moest zijn.' Maar het woord vakantie valt niet in de brief, er is wel een verwijzing naar een harddraverij in Den Haag. Luijten en Jansen zochten vergeefs en lang in Haagse archieven naar paardenrennen in augustus. Ze vonden uiteindelijk een datum in september.

'Dat is het probleem met veel bestaande gegevens', zegt Jansen, 'er zijn te veel aannames. Die kun je niet zo maar overnemen. Bovendien worden lang niet alle bronnen verantwoord.' Niet alles wat eerder vaststond, is ook een zekerheid in de publicatie van Luijten en Jansen.

De correspondentie eindigt in juli 1890 als Vincent zichzelf in Auvers een kogel in zijn hart heeft geschoten. 'O moeder, hij was zo mijn eigen broer', schreef Theo na Vincents dood. Het beeld dat Theo de geduldige mecenas was die het genie van zijn broer tot wasdom heeft laten komen, mag ook wel eens worden omgedraaid, vinden Jansen en Luijten. 'Het was Vincent die Theo wees op het belang van moderne kunst, die hem in contact bracht met kunstenaars die Theo in staat stelden een succesvolle kunsthandel in Parijs op te bouwen', zegt Jansen.

Aan Jo van Gogh-Bonger, schreef Theo, drie jaar voor de dood van zijn broer dat hij alles aan Vincent heeft te danken, dat hij het was die hem de weg in de kunst wees: 'Ik vereerde hem boven al wat denkbaar is'.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden