Trage formatie leidt tot onzekerheid voor militairen en irritatie bij bondgenoten

Als Nederlandse militairen ook volgend jaar deelnemen aan de missies in Irak, Afghanistan, Mali en Litouwen, moeten zij vanaf september gaan trainen. Doordat er nog geen nieuw kabinet is, laat de beslissing op zich wachten.

Nederlandse troepen in Afghanistan. Beeld Ton Koene

Ruim 850 Nederlandse militairen verkeren al maanden in onzekerheid of zij aankomende januari worden uitgezonden naar een oorlogsgebied. Door de voortslepende gesprekken over een nieuw kabinet is nog steeds geen besluit genomen over het verlengen van de missies in Mali, Irak, Afghanistan en Litouwen.

Mandaat

Officieel eindigt het mandaat van de vier grote militaire missies in december 2017. Als een nieuwe groep militairen in januari klaar moet staan, dan moeten zij vanaf 1 september gaan trainen. Gemiddeld oefenen militairen die op uitzending gaan vier maanden voor vertrek. Tot nog toe weten de militairen die aan de training beginnen niet of zij ook ingezet gaan worden.

Premier Mark Rutte had gehoopt een besluit over de toekomst van de militaire missies te kunnen nemen met zijn nieuwe ministersploeg. Maar nu de onderhandelingen tussen VVD, CDA, D66 en ChristenUnie voortduren, zal het demissionaire kabinet van VVD en PvdA alsnog knopen moeten doorhakken.

Bondgenoten willen duidelijkheid

Niet alleen vanwege de trainingsdeadline van 1 september moet het kabinet-Rutte II over de brug komen met een besluit. Ook internationale bondgenoten verwachten duidelijkheid over de Nederlandse inbreng vanaf 2018. 'Militaire planners hebben geen tijd meer om te wachten op kabinet-Rutte III', zegt een insider.

Minister Jeanine Hennis van Defensie kwam in juni al klem te zitten toen haar militair strategen bij overleg in Brussel werden bevraagd of Nederland door zou gaan met de Afghanistan-missie. Ze moest het antwoord schuldig blijven.

Aanstaande 7 september moet Hennis zelf naar Brussel om de Europese defensieministers te vertellen dat Nederland nog steeds geen antwoord heeft. Minister Bert Koenders van Buitenlandse Zaken moet op 7 en 8 september in de Estse hoofdstad Tallinn ook zeggen dat hij het nog niet weet. Het leidt tot onnodige irritatie bij bondgenoten in de EU, de NAVO en de VN.

Hieronder ziet u een grafiek over Nederlandse missies waarvan verlenging aanstaande is

Verenigde Naties

Rutte zag de bui van boze militaire planners en bondgenoten in juni al hangen, toen hij in de Tweede Kamer opmerkte dat het vooral voor het optreden in het buitenland van 'heel groot belang is dat dit land zo snel mogelijk weer een volledige, stabiele missionaire regering krijgt'.

De minister-president moet zelf eind september bij de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties een signaal afgeven over de toekomstige militaire bijdrage aan bijvoorbeeld de door de VN geleide Mali-missie. Op 19 oktober staat de strijd tegen terrorisme weer op de agenda tijdens de EU-top in Brussel. Ook daar wil Rutte niet met zijn mond vol tanden staan.

Op de departementen van Hennis en Koenders wordt daarom koortsachtig gewerkt aan een brief over de toekomst van alle militaire missies. Dat besluit moet dan toch maar genomen worden door de demissionaire ministers, heeft Rutte bedacht. Dit zorgt voor opmerkelijke afwegingen.

Kostbare strijdkrachten

Zo zijn de VVD en de PvdA erg verdeeld over de 290 man sterke Mali-missie. PvdA-minister Koenders wil deze missie graag voortzetten. Maar de VVD en ook veel Defensiemensen willen de kostbare strijdkrachten liever elders inzetten. Het compromis dat nu in het vat zit: nog één jaar verlengen, maar tegelijkertijd nadrukkelijk afbouwen en taken overdragen aan andere partijen.

In de wandelgangen van het Binnenhof en de departementen van Defensie en Buitenlandse Zaken gonst het ook van de geruchten over de toekomst van de andere missies.

Litouwen gaat door, zo wordt gefluisterd. De 270 Nederlandse militairen daar dienen als 'geruststellende maatregel' voor het 'zorgwekkende optreden' van Rusland langs de oostgrens van Europa. Dit blijft een prioriteit in 2018.

Nederlandse militaire op patrouille in Mali. Beeld anp

Ook de Irak-missie met 190 man wordt hoogstwaarschijnlijk verlengd en per januari mogelijk zelfs weer uitgebreid met F-16's. De strijd tegen terreurbeweging IS is nog lang niet klaar.

Om dezelfde reden wordt de Afghanistan-trainingsmissie met ongeveer honderd militairen hoogstwaarschijnlijk verlengd en mogelijk ook een beetje uitgebreid. In het land steken steeds vaker groepen als IS de kop op. Maar de bijdrage wordt niet echt fors opgeschroefd: het blijft een land ver weg en Nederland heeft daar al een steentje bijgedragen. Op meer dan twintig man extra hoeven de planners en bondgenoten niet te rekenen.

Trump

Opvallend is dat de beoogde coalitiepartijen D66 en CDA niet moeilijk doen als gevraagd wordt of een beperkte bijdrage aan een vechtmissie in Afghanistan ook een optie is, als aanvulling op de huidige risicoloze trainingsmissie. De Amerikaanse president Trump heeft in augustus in heldere taal laten weten dat hij niet meer is geïnteresseerd in nation building - zoals Nederland nu doet - maar wel in het doden van terroristen. Als Nederland zijn voorbeeld volgt, wordt het een heel andere Afghanistan-missie.

De PvdA zit helemaal niet op die lijn, maar de buitenlandwoordvoerder van de VVD, Han ten Broeke, heeft eerder al laten weten dat zijn partij vindt dat vechten in een oorlog er soms nou eenmaal bij hoort. D66 en CDA delen die mening, zeggen ze nu.

Nederlandse trainers leiden Koerdische Peshmerga-strijders op in Erbil, Irak. Beeld anp

Vechtmissie

'Het zou zomaar kunnen dat een kleine groep special forces inderdaad gaat meedoen aan een vechtmissie. Zeker als de VS duidelijk maken dat dit een grote wens is', zegt defensiespecialist Ko Colijn van instituut Clingendael. 'De Noren en Denen hebben in dit opzicht goed gescoord bij de Amerikanen.'

Hennis suggereerde op 22 juni al in de Tweede Kamer dat de VS hebben gevraagd aan Nederland om de bijdrage in Afghanistan te 'intensiveren' en te wijzigen. Er is volgens Hennis toen gevraagd om 'schaarse capaciteiten' in te zetten. Special forces zijn schaars voor Nederland. Hennis had er destijds niet veel zin in: 'Wij opereren al de hele tijd samen met de Duitsers in een gebied; ik zie niet in waarom wij dat ineens naar een ander deel van Afghanistan zouden moeten verleggen met een andere lead nation.'

De artikel 100-procedure

Het kabinet heeft geen toestemming van het parlement nodig om een militaire missie te beginnen, verlengen of af te bouwen. In artikel 100 van de Grondwet staat wel dat het kabinet verplicht is de Tweede Kamer per brief te informeren bij de inzet van militairen in het buitenland. Na de brief volgt een debat in de Tweede Kamer. Het kabinet hecht eraan dat een ruime Kamermeerderheid na dit debat zijn steun uitspreekt voor de missie. In de recente praktijk is het niet voorgekomen dat een missie toch begon terwijl steun van een Kamermeerderheid ontbrak. Het is een erg Nederlands verschijnsel. In landen als Frankrijk zijn de straaljagers allang aan het bombarderen voordat het parlement is geïnformeerd.

'Maar', zegt Colijn: 'Onder druk wordt alles vloeibaar.' Praktisch probleem: de special forces kampen met grote materieeltekorten en ze zijn nog aan het herstellen van hun recente inzet in Mali.

Het kabinet zal een voornemen over de missies in Mali, Litouwen, Irak en Afghanistan eind augustus of begin september in een 'totaalbrief' aankondigen. Dit wordt daarna besproken met de nieuwe Kamerleden. Op 5 september krijgen zij uitleg over de procedure voor het verlengen of afbouwen van een militaire missie - de zogenoemde artikel 100-procedure.

Er is Rutte, Hennis en Koenders veel aan gelegen om vrijwel direct daarna in een Kamerdebat knopen door te hakken. Dat kunnen zij nog net op de internationale fora in september en oktober de militaire plannen van Nederland uiteenzetten. En dan weten de ruim 850 militairen en hun dierbaren eindelijk waar ze aan toe zijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden