Tot op het bot

De Brits-Amsterdamse kunstenaar en regisseur Steve McQueen maakt radicale speelfilms. Zijn laatste film, het slavenepos 12 Years a Slave, is genomineerd voor negen Oscars en draait vanaf vandaag in Nederland.

Steve McQueen (44) is er de man niet naar om zijn intentie te verbloemen. Of hij nu een film maakt over een hongerstakende IRA-strijder (Hunger), een seksverslaafde New Yorkse yup (Shame) of een op de plantage ploeterende slaaf: de kijker zal het voelen. 'Ik maak een film over de slavernij, of niet.' 12 Years a Slave, zijn verfilming van de memoires van Solomon Northup, een ontvoerde en als slaaf tewerkgestelde zwarte Amerikaan, is opgezet als pure ervaringscinema. 'Jij bent Solomon. Jij hangt aan die boom te bungelen. Dat is het hele idee. Tegen het einde van de film ben je net zo uitgeput als hij. Niet echt nét zo, natuurlijk. Maar je volgt zijn voetsporen.'


De verbeelding van de psychologische marteling is daarbij minstens zo belangrijk als die van de fysieke, stelt de Brit. 'Als Solomon een touw om zijn nek heeft en op zijn tenen staat om niet te stikken, zie je andere slaven uit hun hutjes sluipen en doorgaan met hun dagelijkse bezigheden. Kinderen spelen op de achtergrond alsof lynchen iets alledaags voor ze is - wat ook zo was. Juist dat moet ik tonen om mensen een idee te geven van die wereld.'


Northups verslag van zijn verblijf op plantages in Lousiana was een bestseller in 1853. Dertigduizend verkochte exemplaren in de drie jaar na de publicatie, daarna raakte het boek in de vergetelheid. Pas ruim honderd jaar later, eind jaren zestig, werd het bij toeval herontdekt door twee Amerikaanse historici, toen een student kwam aanzetten met een originele 19de-eeuwse uitgave. Een nieuwe druk werd verspreid maar de bekendheid van Northups waargebeurde helletocht, geprezen als een van de meest feitelijke en gedetailleerde ooggetuigeverslagen van de slavernij, bleef beperkt tot de wereld van de academici.


Het was McQueens vrouw, de Nederlandse journaliste en kunsthistorica Bianca Stigter, die hem op het bestaan van het boek van Northup wees. 'Ik werkte op dat moment al aan een scriptopzet over een gekidnapte vrije man uit het noorden - ik wist dat zulke gevallen voorkwamen. Middels een hoofdpersonage dat plots in een andere wereld belandt, wilde ik het systeem van de slavernij tonen, stap voor stap. Toen Bianca met Solomons boek kwam aanzetten, stond ik perplex. Het las als een script, als een horrorsprookje van Grimm, maar dan echt.'


Brad Pitt, producent van 12 Years a Slave met zijn filmbedrijf Plan B, en tevens te zien in een bijrol, complimenteerde echtgenote Stigter met haar vondst: 'Blijf vooral lezen.'


McQueen droeg 12 Years a Slave op aan zijn vader, een metselaar van het Caribische eiland Grenada, die in de jaren zestig naar Engeland emigreerde. Moeder, oorspronkelijk uit Trinidad, werkte als secretaresse in een ziekenhuis. 'De diaspora maakt deel uit van mijn geschiedenis', zegt de regisseur, die eerder al eens bondig het verschil tussen hem en een Afro-Amerikaan benoemde: 'Hun boot ging naar rechts en die van mij naar links.'


En: 'Malcolm X z'n moeder kwam van Grenada. En Michael Stokely, de man die de uitdrukking black power muntte, kwam van Trinidad. Wat ik bedoel te zeggen is: slavernij was een wereldwijde industrie. Daarbij doet het er niet toe wat je nationaliteit is. Het ging en gaat ons allemaal aan.'


McQueen verhuisde zestien jaar geleden naar Amsterdam, nog voor hij in 1999 de Turner Prize won en internationaal naam maakte als videokunstenaar. In buitenlandse publicaties geeft hij hoog op van het ongedwongen leven in de Nederlandse hoofdstad waar niemand hem herkent of lastigvalt. Maar in gesprek met de Volkskrant geeft McQueen resoluut de begrenzing aan: 'Ik wil niet praten over mijn leven in Amsterdam.' Wie hem wil spreken moet sowieso moeite doen. De filmer wordt opgeslokt door het prijzencircus: Golden Globes, BAFTA's, Oscars. 12 Years a Slave is negen maal genomineerd, onder meer in de categorieën beste film en beste regie. Voor dit artikel was hij in september 20 minuten beschikbaar in New York, samen met zijn acteurs. En vier maanden later niet veel langer, in een koffietentje in Amsterdam.


McQueen, grote man, grote bril, groot colbert, converseert zowel hoffelijk als ongeduldig. Struikelend over woorden als de vraag hem bevalt, kortaf als dit niet het geval is. Of hij wel eens worstelt, in zijn vak? Frons. 'Nee. Ik doe het gewoon. Geen worsteling.'


Met Hunger won hij in 2008 de Caméra d'Or, 's werelds meest prestigieuze prijs voor een speelfilmdebuut. Het maakte hem niet plots een filmer, zei hij toen: elk idee vraagt om een eigen vorm. Van de postzegels met gezichten van in Irak omgekomen Britse soldaten, die hij ontwierp als officieel aangestelde oorlogskunstenaar, tot de 275 straatlantaarns in het Vondelpark die McQueen in 2012 vulde met blauwe lampen (een project dat voortijdig ten einde kwam toen er wat fietsers op het asfalt klapten).


Over zijn kunstenaarsschap: 'Ik maak gewoon dingen. Of je het kunst noemt, doet er niet toe.' Even later: 'Cinema is de hogepriesteres van alle bewegend beeld, mijn eerste, absolute liefde. Maar ik kijk nooit films voor inspiratie. Films kijken of zelf filmen is totaal verschillend, net als voetbal kijken of zelf voetballen.'


Vorige maand werd bekendgemaakt dat McQueen voor de BBC een tv-serie ontwikkelt over een groep zwarte vrienden in Engeland. 'Ik ben ook benaderd door HBO en nog wat partijen. Televisie is interessant, maar tegelijk onvergelijkbaar met cinema. Als je in een tv-serie een minuut of twee stilte stopt, tasten kijkers al naar hun afstandsbediening om te zien of er iets mis is met hun toestel.'


Kenmerkend voor McQueens speelfilms is dat die het duistere in de mens combineren met het sublieme; ook de gruwelen van de slavernij worden gevat in beeldschone beeldenwisselingen. 'Dat is de erfenis van duizend jaar kunstgeschiedenis. Francisco Goya maakte de mooiste schilderijen van de ergste verschrikkingen. Hij wees met zijn vinger: kijk hiernaar, zie dit. Als Goya een lelijk schilderij zou hebben gemaakt van iemand die wordt gevierendeeld, was hij zijn doel voorbijgeschoten. Je móét communiceren met je publiek. Goya's schilderijen werden als schokkend ervaren, in zijn tijd. Die controverse over esthetiek zag je ook bij de foto's van Vietnam, met dat rennende meisje en de napalm. Er is dat boek van Susan Sontag over oorlogsfotografie. Kom, hoe heet het. Shit. Kom op, kom op... Regarding the Pain of Others. Geweldig boek! Het is niks nieuws. Christus die aan het kruis hangt, daar borduren we op voort.'


McQueens hoofdpersonages zijn gevangenen. Soms letterlijk, zoals in Hunger en 12 Years a Slave, soms figuurlijk, zoals de door zijn libido geregeerde protagonist in Shame. Wie hem vraagt waarom dat zo is, krijgt standaard de bal teruggekaatst: 'Dat is een vraag voor journalisten.'


'Zijn films stellen vragen over hoe we elkaar behandelen', helpt Michael Fassbender (36), die de hoofdrol speelde in McQueens eerste twee films. 'Hoe we relaties aangaan met elkaar, zowel positief als zeer negatief.' De Iers-Duitse acteur, genomineerd voor een Oscar voor zijn bijrol in 12 Years a Slave leunt met een grijnslach achterover in een hotelkamer in New York. 'Steve veranderde mijn leven met Hunger, zette alles op losse schroeven. Het was alsof we samen in een donkere kamer zaten, om ons heen tastend.'


Fassbender mergelde zich uit voor zijn biografische doorbraakrol als het IRA-kopstuk Bobby Sands, die zich in 1981 doodhongerde in de beruchte Maze-gevangenis. McQueen: 'Die film is ons fundament. Ik zei tegen hem: we gaan allemaal dood, dus wat hebben we te verliezen? Hij is dapper, de invloedrijkste acteur van zijn generatie. Vergelijkbaar met Mickey Rourke op een bepaald moment in zijn carrière, of Gary Oldman. Mensen willen met Michael Fassbender omgaan, met hem werken, mensen willen hem zijn.'


In 12 Years a Slave speelt Fassbender de gewelddadige plantagehouder Epps, die Solomon Northup tijdens het grootste deel van diens slaventijd in bezit had. De acteur: 'Een man die verliefd is op zijn slavin en niet over het intellect beschikt om daarmee om te gaan. Dat is het vertrekpunt, z'n kern. Daar zoek je dan menselijke gebreken bij: angst, onzekerheid. Hopelijk herkent het publiek ergens iets van zichzelf in zo'n man, dan slaag ik. Ik voeg ook iets clownesks toe, zodat je af en toe om hem kunt lachen. Als je zo'n man enkel wreed en gemeen toont, sluit het publiek zich af.'


Ook de Britse hoofdrolspeler Chiwetel Ejiofor (Amistad, Children of Men) is genomineerd voor een Oscar, en was de enige acteur van wie McQueen zich kon voorstellen dat hij de loodzware rol van Northup kon dragen. 'Solomon is een exceptioneel menselijk wezen in een omgeving die totaal inhumaan is. Ik zocht een acteur met waardigheid, elegantie.'


Ejiofor zei niet direct toe. 'Kan ik dit wel? Dat vroeg ik me echt af. Kan ik recht doen aan Solomon? Dat is typisch iets voor acteurs: je zeurt je agent de hele tijd aan z'n kop om dit soort rollen en als er dan eentje op de mat valt, schrik je terug. Ik kende Steve ook niet. Op de set had ik er veel aan om te zien hoe hij en Michael Fassbender met elkaar omgaan. Ze hebben een eigen taal, die twee.'


McQueen omringt zich al jaren met een vast team. 'Werken met anderen, dat zou voelen als vreemdgaan. Ik beschouw ons als een soort band. Sean Bobbitt, al dertien jaar mijn cameraman, is Charlie Watts. Mijn editor is Ron Wood. Fassbender is Jagger, natuurlijk. En ik, ik ben Keith. Ik móét wel Keith zijn.' (Toen McQueen iets soortgelijks zei tijdens een BBC-uitzending belde Keith Richards' manager hem een dag later op, om te zeggen dat de Stones-gitarist zeer te spreken was over die vergelijking.)


12 Years a Slave is McQueens eerste door het grote publiek omarmde speelfilm, een boxoffice-succes met al ruim 100 miljoen dollar aan opbrengst. Zoals gebruikelijk bij een wat grotere Amerikaanse productie, diende hij zijn film eerst te laten keuren door een testpubliek. 'Ik was teleurgesteld, toen die eis op tafel kwam. Een fucking testscreening? Toch was het best nuttig. Begrijpen de kijkers wat ik wil zeggen? Moet het net iets duidelijker, met iets meer volume? En bij sommige opmerkingen dacht ik: jammer, maar mij bevalt het zo. Soms heeft het publiek ongelijk. Overigens waren de testscores zeer hoog.'


Er zijn, naar verhouding, nog altijd maar weinig speelfilms gemaakt over slavernij. 'Dat is, denk ik, omdat mensen er simpelweg geen films over wilden maken. Dat ik Solomons boek geheel niet kende, vond ik ronduit schokkend. Waarom is zijn verslag geen onderdeel van het curriculum op scholen, zoals het dagboek van Anne Frank? Hoe kan dit nou géén klassieker zijn?'


Ja, hoe? McQueen, met frons: 'Dat mag je zelf uitzoeken.'





Herdruk

Van de in 2013 verschenen herdruk van Solomon Northups slavernij-memoires 12 Years a Slave (bij uitgeverij Penguin), met een voorwoord van de filmregisseur, zijn inmiddels 200.000 exemplaren verkocht. De (eerste) Nederlandse vertaling verschijnt deze week, bij uitgeverij Atlas. Bianca Stigter, de partner van filmer Steve McQueen, beval het boek aan bij de uitgeverij, waar men drie weken geleden een vertaler aan het werk zette.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden