Tot op de zenuw ****

De Oostenrijkse kunstenaar Oskar Kokoschka probeerde met zijn schilderijen de demonen in zijn leven te bezweren. Het eerste Nederlandse overzicht in vijftig jaar is nu te zien in het Boijmans Van Beuningen. Een feest om te zien: alle werken tezamen één zelfportret.

Beeldende kunst


Oskar Kokoschka: Mensen en beesten, Boijmans Van Beuningen, Rotterdam. T/m 19/1.


'Ieder portret dat met gevoel wordt geschilderd, is een portret van de schilder, niet van degene die ervoor poseert', schreef Oscar Wilde in The Picture of Dorian Gray. Die oude koe vat in één klap samen waar het in de mooie Kokoschka-tentoonstelling in Boijmans Van Beuningen om draait. Daar zie je portretten, meer dan honderd, van mensen en beesten en die portretten vertellen iets over de geportretteerden, maar ze zeggen vooral veel over Kokoschka (1898-1980).


Vanzelfsprekend, eigenlijk. Hij was een expressionist, het soort kunstenaar dat de wereld niet wilde schilderen zoals die eruit zag, maar zoals die zich in zijn visie en temperament voordeed. Een visie die sporen naliet. Zijn portretten, borend en expressief, neergezet in snelle, nerveuze toetsen, inspireerden schilders van Lucian Freud tot de mannen van de Leipziger Schule en voedden het beeld van de schilder als gekwelde figuur die in zijn kunst zijn demonen bezwoer. Een van de beroemdste clichés van de moderne kunst.


Voor Kokoschka echter was het geen cliché; het was een gegeven. Het was 1915, Wenen was een culturele metropool, Freud hield zijn psycho-analytische sessies, art nouveau was over z'n hoogtepunt heen, collega Klimt bepotelde nog steeds de naakte modellen in zijn studio. Kokoschka leidde een leven waarin alle vignetten van het Weense fin de siècle samenkwamen. De burgerlijke achtergrond? Die had-ie. De rebellie tegen zo'n achtergrond? Die voerde hij. De neuroses, de psychologische aandoeningen, het geloof in esoterie? Hij bezat ze, stuk voor stuk. Een fatale liefde? Die was er ook. Ze heette Alma Mahler, weduwe van, ze verliet Kokoschka na vier jaar voor Walter Gropius, de architect. Maar het belangrijkste vignet was de onthullende kracht die Kokoschka aan zijn doeken toekende. Die zouden 'den waanzin van 't innerlijk dier', om met Nijhoff te spreken, openbaren. Als ons dat hoogdravend en pretentieus voorkomt, dan is dat omdat Kokoschka's idee van een persoonlijkheid - een pure, natuurlijke kern achter een valse, burgerlijke façade - de onze niet meer is. En dat maakt de expositie extra interessant.


Die expositie, het eerste Kokoschka-overzicht in Nederland in vijftig jaar, is een feest. Zij toont zo'n 150 werken, schilderijen, tekeningen, sculptuur, representatief voor alle fasen van zijn leven (hoewel het zwaartepunt ligt bij het vroege werk) en afkomstig uit collecties uit Washington, Berlijn, Hamburg en Keulen. Zoals op ieder feest zijn er altijd wel een paar gasten op wie je niet kunt wachten om ermee te praten, maar ook een paar waarbij je niet kunt wachten om er weer vanaf te zijn. Want ze zijn niet perse makkelijk gezelschap, die Kokoschka's. Ze kunnen pathetisch zijn of domweg idioot, maar tegelijk zijn ze zo authentiek, dat je je niet van ze kunt losmaken.


De vroege portretten beklijven het meest. Hier zie je figuren als architect Adolf Loos en Karl Kraus, publicist en satiricus. De meesten ogen grauw en verkreukeld, alsof ze net wakker zijn, alsof ze de hele nacht met hun hoofd op een cafétafeltje hebben gelegen. Nu zou je los kunnen gaan over Kokoschka als portrettist van de 'ware mens', zoals in de catalogus gebeurt, alleen dat kan ook prozaïscher. Kokoschka had last van projectiegedrag in zijn gewoonte mensen als zenuwachtige, bleke, net uit het sanatorium ontslagen wrakken te portretteren. Voor zijn schildersoog veranderde ieder model in het portret van Dorian Gray.


Ontmoet Adolf Loos. Hij was de belangrijkste pleitbezorger van modernistische architectuur, een intellectueel, een man met ideeën, maar hier oogt hij als de verloren tweelingbroer van Willem Kloos: een besnorde vent met wazige ach-vader-toe-drink-niet-meerblik - een beeld dat je niet snel vergeet. Dat komt door Kokoschka's bravoure, zijn onverschilligheid om belachelijk te zijn. Een vereiste. Ooit belachelijk durven zijn is de snelste weg naar middelmatigheid. Maar: zonder techniek geen emotie en die techniek is hier prima in orde. Dat jasje is handig achteloos neergezet, de ogen zitten mooi diep hun kassen. En dan die handen: sterk gestileerd en toch heel levendig. Ze kunnen ieder moment zenuwachtig beginnen te frummelen.


Voor de goede orde, Kokoschka schilderde het doek op z'n 23ste. Hoe het verder ging, laat de Boijmanstentoonstelling óók zien. Hij werd beroemd, maakte reizen naar Frankrijk, Spanje, Portugal en Nederland (Scheveningen). Hij verdiende prijzen en eredoctoraten. In de jaren vijftig initieerde hij een kunstopleiding in Salzburg, de Schule des Sehens.


Al die tijd bleef hij schilderen: landschappen en portretten. Die portretten zijn virtuoos en veel vrolijker dan het vroege werk, maar ook minder spannend en uiteindelijk minder beklijvend. Ze verraden dat expressionisme, net als komedie en rock 'n' roll, misschien een young men's game is en dat Kokoschka dat met de jaren ontgroeide. Ook die schilderijen vormden een zelfportret.


Extra: Het goddelijke monster

Kokoschka's fatale liefde heette Alma Mahler. Zij was weduwe van de componist en verliet Kokoschka uiteindelijk voor Walter Gropius, de architect. Kokoschka raakte bezeten en liet een poppenmaker uit München een levensgrote replica maken van Alma, 'het goddelijke monster'. Hij legde het ding vast op verscheidene portretten en nam de pop mee uit wandelen en naar de opera. Na een avondje drinken met zijn vrienden onthoofde hij het ding en gaf haar mee aan vuilnismannen - een soort exorcisme. Of was het een hagiografie?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden