Topstukken van Haagse particulieren

Een koninklijke conservator past een paleis als werkterrein. Tijdelijk heten de zalen van het Stedelijk Museum in Amsterdam dan ook 'salon', 'boudoir' of 'bibliotheek', en hebben ze, net als in een echt paleis, verschillende kleuren gekregen....

Het paleisje van koningin Emma op het Lange Voorhout in Den Haag is pas een jaar of tien geleden door de kunst geannexeerd en dient als dependance voor het Haags Gemeentemuseum.

Koningin Beatrix stelde een tentoonstelling samen uit de collectie van het Stedelijk Museum. In het paleis Lange Voorhout is een keuze te zien uit de verzamelingen van particulieren, die als lid van de Vereniging van Vrienden van het Gemeentemuseum moderne kunst een warm hart toedragen. Toeval of slimme programmering, de tentoonstelling van Koningin Beatrix en die in het Haagse paleisje vormen een mooie parallel. Beide tonen een overzicht van de Nederlandse kunst uit de twintigste eeuw.

De koningin heeft, zoals het past, een groots gebaar kunnen maken uit een topverzameling. Maar wat Haagse particulieren zoal in huis hebben, mag er ook wezen. Het zijn eigenlijk dezelfde tentoonstellingen, in Amsterdam de luxe-editie, in Den Haag het pocket-formaat.

De Haagse tentoonstelling geeft toch ook nog iets meer: naast schilderijen, beelden en grafiek uit de twintigste eeuw, ook kunstnijverheid, niet alleen uit Nederland. De samenstellers, medewerkers van het Gemeentemuseum, konden het kennelijk niet laten om onverwachte vondsten uit Haagse woonhuizen mee te pakken. Zo staat er in wat ooit de groene salon van koningin Emma is geweest een compleet postmodern interieur, van voornamelijk Italiaanse makelij. Een uitschieter is de collectie zilveren aspergescheppen uit de periode 1865-1950. Het is het enige voorbeeld van excentrieke verzamellust, het voorrecht van de particulier.

Dit is geen tentoonstelling die laat zien wat de bevolking van Den Haag verzamelt. Dat is geweest, in de jaren zeventig, toen het beleid erop was gericht om de kloof tussen straat en museum te dichten. Een van de opmerkelijkste resultaten van dit streven was de expositie van plastic tassen in het Gemeentemuseum.

Nu zijn de Hagenaars opgezocht die museale kwaliteit in huis hebben. Dat heeft geen Mondriaan of De Kooning opgeleverd, wel Bart van der Leck en Vilmos Huszàr. Er is meer aandacht voor de vooroorloogse periode dan in het Stedelijk, met mooie portretten van Charley Toorop en Jan Sluyters, naakten en landschappen van Leo Gestel, een prachtige impressionistische bosgezicht uit 1946 van Jaap Nanninga.

Vanaf Cobra wordt de overeenkomst steeds groter. Een verrassende vondst bleek het schilderij Eat that chicken uit 1962 van Karel Appel, dat de kunstenaar, zo staat in zijn recente biografie, uit het oog had verloren. Over de eigenaar van dit schilderij komen we verder niets te weten. Discretie kenmerkt de expositie.

Dat voelt als een gemis. De voyeur in de bezoeker zou meer willen weten over de verzamelaars. Wie zijn ze, wat bepaalt hun keuze, waarom vallen ze voor een kunstwerk, wat hebben ze zelf gekocht (voor hoeveel?) en wat is hen door een erfenis in de schoot is gevallen?

Intrigerend is bijvoorbeeld de vraag of de vier schilderijen van Marc Mulders, met vier werken een van de best vertegenwoordigde hedendaagse kunstenaars op de tentoonstelling, uit een en dezelfde verzameling afkomstig zijn. Mulders is met zijn dikgelaagde, grof geschilderde doeken in dikwijls sombere kleuren geen makkelijk toegankelijke kunstenaar. Hoe is het om in een particulier huis samen te leven met zijn werk?

De samenstellers schrokken er niet voor terug om in de charmante Balzaal, op de ereplaats, een groot en indringend sculptuur te plaatsen van de jonge kunstenaar Carolein Smit. 24 Levensechte koeiekoppen op schalen, staren de bezoeker aan, die bij de confrontatie met dit Pièce de Milieu ten prooi valt aan gemengde gevoelens. Meer van dit soort schokeffecten zouden van de tentoonstelling in het Paleis een aanvulling in plaats van een doublure hebben gemaakt van de koninklijke expositie in Amsterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden